De hoed en de rand van Boeddha

O jee! Een nieuwe tsunami is in aantocht! Ik las het in de Volkskrant!

In Nederland zijn nu 250.000 boeddhisten. Hun aantal is zo sterk gestegen dat we kunnen spreken van de ‘boeddhaïsering van Nederland’, zeggen twee onderzoekers, theoloog Marcel Poorthuis en historicus Theo Salemink van de Universiteit van Tilburg. Het boeddhisme is hier nu de derde religie, na het christendom en de islam.

Ik had al zo’n vermoeden. Zondag zat ik op het strand, en daar liep een man in een hippe strakke zwembroek rond met een voorlichtingsboekje over het boeddhisme. Ieder zichzelf respecterend tuincentrum heeft allang een aparte afdeling boeddhabeelden. En elke beroemdheid die over zijn religie wordt ondervraagd, antwoordt steevast: ‘Ik ben niet echt gelovig, maar ik heb heel veel met het boeddhisme.’

Het boeddhisme is het nieuwe ‘Ik geloof niet God, maar ik denk wel dat er iets is. Tussen hemel en aarde.’ De mensen die dat zo circa 2001 nog zeiden, begonnen waarschijnlijk in te zien hoe vaag en leeg dat klonk. Dus vervingen ze ‘iets’ door ‘Boeddha’. Een klein, vriendelijk, dik mannetje, en afkomstig uit Azië, dus vast heel vredelievend en zen. En bovendien kon je er zulke aardige beeldjes van kopen, die je dan na een rondreis door Thailand in een hoekje van je huis kon opstellen. Met wierookstokjes erbij.

Het boeddhisme klinkt concreter dan ‘iets’ en is niet zo beladen als het christendom (duf), het jodendom (cool, maar schier onmogelijk om je toe te bekeren) of de islam (slechte reputatie).

Begrijpelijk dus, die populariteit. Maar de mensen die zich boeddhist noemen weten vaak amper wat het boeddhisme inhoudt, zeggen Poorthuis en Salemink. Ze gaan eens op een boeddhistisch cursusje, ze lezen eens een boek dat Boeddhisme voor managers heet, maar de hoed en de rand van Boeddha – nee, die kennen ze niet.

Wat dat betreft lijken de nieuwe boeddhisten op de aanhangers van ouderwetse, ontrendy religies. Vraag aan een fundimoslim waarom hij vrouwen geen hand geeft, en hij komt met een onbegrijpelijk verhaal. Vraag een christen wat zijn homofobie met naastenliefde te maken heeft, en hij weet het eigenlijk niet. Vraag een liberale jood waarom hij zich niet houdt aan de spijswetten, maar één keer per jaar wel ineens gaat vasten, en hij begint te stamelen. Boeddhisten zijn dus net zo als de meesten van hun collega-gelovigen: onwetend en oppervlakkig.