Oranje vogel

In: De ‘school voor zelfkennis’, in Abcoude

Aanwezig: Vier mensen

Spirituele heler: Lietje Perizonius leert mensen beter naar hun innerlijke stemmen te luisteren.

Individuele sessie in de School voor zelfkennis. Rechts Lietje Perizonius. (Foto Luciana Caputo) rubriek hemel&aarde van dinsdag 26 mei Artikel: Anil Ramdas Foto: Vandaag zijn we te gast bij Lietje Perizonius in Abcoude, ze heeft een school voor zelfkennis. Uitnodiging tot Zelfkennis met behulp van de Voice Dialogue-techniek. Het innerlijke theater van ieder van ons wemelt van de personages, aspecten van wie we zijn. Deze personages praten, denken, voelen, weten en geloven dwars door elkaar. Voice Dialogue maakt het mogelijk ieder personage, iedere energievorm in je, spelenderwijs te ontmoeten. Lietje Perizonius zit rechts in beeld en past de voice dialogue toe op de persoon links in beeld. (deze persoon wil onherkenbaar blijven zowel in de foto als in het artikel en zal daarom W. genoemd worden. De Voice Dialogue-techniek is ontwikkeld door de Amerikaanse psychologen Hal en Sidra Stone. Foto: Luciana Caputo Caputo, Luciana

‘Voice Dialogue’ heet de techniek, die door Amerikaanse psychologen is ontwikkeld om het vermogen te vergroten naar je innerlijke stemmen te kunnen luisteren. Het is meer spirituele healing dan therapie. In Nederland wordt de techniek beoefend door Lietje Perizonius. Ze studeerde Frans, werkte als vertaler, maar kwam meer en meer in spirituele sferen als meditatie, Osho, reading en hypnotherapie. Nu heeft ze haar eigen ‘school voor zelfkennis’ in Abcoude.

Van haar grote werkruimte, waar ze open dagen organiseert, opleidingen geeft en individuele sessies houdt, zijn de muren en het plafond bepleisterd met leem. Op de vloer tapijt, tegen de muren doeken en prenten met mysterieuze afbeeldingen en een prominent beeldje van Boeddha.

Om elf uur ’s morgens is er een individuele sessie die we mogen bijwonen. De klant noem ik W. Ze gaat eerst zitten op een gewone stoel en Lietje en zij nemen de vorige sessie door. Het onderwerp dat W. nu wil aanpakken is dat zij bij problemen en negatieve gevoelens de neiging heeft zich af te sluiten, een betonnen muur om zich heen te trekken, „het loket van haar innerlijk dicht te maken”, zoals ze het zegt.

De sessie begint. W. mag gaan zitten op een lage kruk, precies tegenover Lietje. Die kruk is de ‘middenpositie’, legt Lietje uit. Door van positie te verschuiven kan W. iedere keer vanuit een ander deel van haar persoon spreken – Lietje noemt ze ‘subpersonen’, de verschillende innerlijke stemmen.

Eerst worden de ogen gezamenlijk gesloten. W. zegt dat ze het best spannend vindt met ons erbij. Lietje vraagt de kruk te verschuiven naar een plek voor dit deel van haar. Deze subpersoon schuift de kruk bijna helemaal achter een kast. „Waarom daar?” vraagt Lietje. „Ik sta in de coulissen en let overal op”, antwoordt deze subpersoon van W. laconiek.

Na even terug te zijn geweest in de middenpositie schuift W. naar het deel van haar dat ‘het loket’ steeds weer dicht doet. „Hoe lang doe jij dit al, het loket dicht doen?” vraagt Lietje. Sinds haar vierde, vertelt de subpersoon die nu aan het woord is – toen W. drie maanden in het ziekenhuis lag vanwege een operatie aan haar voeten. Sindsdien heeft deze subpersoon ervoor gezorgd dat W. haar gevoelens en meningen onderdrukt en zich terugtrekt als zich iets negatiefs voordoet.

Het contact tussen de vierjarige W. en de huidige W. is door tussenkomst van deze ‘loketsluitende’ subpersoon verbroken. Lietje vraagt of deze subpersoon weet hoe het met de vierjarige is en of deze loket-sluiter wil toestaan dat zij met de vierjarige W. praat. De kruk wordt weer verschoven om de kleine W. aan het woord te laten. Die vertelt hoe verdrietig en alleen ze is, en dat ze niet wordt gehoord of gezien. En hoe erg het is dat de huidige W. van 42 jaar haar niet goed kent. En niet nieuwsgierig naar haar is.

Lietje vraagt aan de kleine W. of zij het fijn zou vinden als er iemand uit ‘de binnenwereld’ naar haar toe zou komen die altijd bij haar zou kunnen zijn, van haar zou houden en voor haar op zou komen. Als de kleine W. daar om gevraagd heeft, zegt zij na een tijdje : „Ik voel meer rust. En ik zie Oranje.”

Als Lietje later praat met dat Oranje – ook een subpersoon dus – zegt deze dat zij een oranje vogel is, dat zij er altijd al was en dat zij onvoorwaardelijk van kleine W. houdt. Kleine W. wil graag dat grote W. voortaan innerlijk ruimte maakt voor haar en de Oranje Vogel.

Als Lietje daarna nog even teruggaat naar de subpersoon die steeds het loket had dicht gedaan en haar vraagt of zij vertrouwen heeft in de nieuwe bescherming voor kleine W. zegt deze: „Ja, in de Oranje Vogel wel. Maar niet in mezelf.”

Oeps. Dat zal meer sessies vergen.

Anil Ramdas

    • Anil Ramdas