Koreaans machtsspel

Voor een land dat economisch op de rand van de afgrond balanceert en de eigen bevolking niet afdoende kan voeden, weet Noord-Korea ongekend veel initiatief naar zich toe te trekken. Na de stevige ondergrondse kernproef van gisteren, lanceerde de Noord-Koreaanse krijgsmacht vandaag twee verschillende korteafstandraketten van het type KN-01 dat een bereik heeft van maximaal 160 kilometer. Anders dan twee maanden geleden met een langeafstandsraket gebeurde, vielen deze twee raketten vandaag niet in het water.

Het is gissen naar de politieke boodschap van deze twee militaire testen binnen twee dagen. Eén ding is zeker. Het bewind in Pyongyang heeft ermee duidelijk gemaakt dat Seoul in Zuid-Korea nu binnen schootsafstand ligt, van een buurland dat echt een atoommacht lijkt te willen worden. Voor het overige komen de meeste analisten, door het autarkische en obscure karakter van het communistische regime van Kim Jong-il, in hun beschouwingen niet veel verder dan meer of minder plausibele hypotheses.

De grootste gemene deler is dat het militaire apparaat in Noord-Korea wil tonen dat het de politieke controle niet laat verslappen, nu de gezondheidstoestand van de partijleider te wensen overlaat. Zijn jongste zoon Kim Jong-un zou op de nominatie staan hem op te volgen, net zoals Kim Jong-il zijn vader Kim Il-sung in 1994 is opgevolgd. Een aanwijzing daarvoor is dat de ongeveer 25-jarige Kim onlangs is benoemd op een juniorpost in de almachtige Nationale Defensie Commissie, waarvan de huidige partijleider pro forma de voorzitter is en waarin zijn zwager Jang Song-taek sinds april een prominente rol speelt.

De positie van de krijgsmacht is cruciaal in zo’n successiepolitiek. Zowel voor de binnenlandse verhoudingen als in de buitenlandse arena. In eigen land toont het leger de 22 miljoen Noord-Koreanen dat de politieke continuïteit gewapenderhand wordt verzekerd. Voor de buitenwereld is de boodschap vergelijkbaar. Noord-Korea is in staat om president Obama van Amerika uit zijn slaap te halen met een ‘3 a.m. wake-up call’. Met een paar simpele provocaties kan het een agenda opdringen aan het zespartijenberaad van VS, China, Japan, Rusland en Zuid-Korea, dat Pyongyang liever opvat als 5+1. Tot nu toe zijn de grote mogendheden redelijk eensgezind in hun afkeuring. Maar die consensus is grotendeels verbaal. Een aanscherping van sancties zit er nog niet in.

Vooral Amerika en China is nu het mes op de keel gezet. Want de politieke strategie van Noord-Korea lijkt er vooral op gericht de VS naar de onderhandelingstafel te chanteren. Tot nu toe heeft Washington geopereerd binnen de context van de zes partijen. Washington hoopt op unanimiteit. Maar de VS moeten er rekening mee houden dat China en Rusland de „deur voor onderhandelingen” open willen houden, zoals een diplomaat in Moskou het vanmorgen formuleerde.

Dat plaatst Obama voor een gecompliceerd dilemma. De VS moeten de provocatie van Noord-Korea met een initiatief beantwoorden, maar kunnen het niet meer alleen af.