'Klikkende' dichteres verliest haar baan

In één maand niet alleen een vrouw als ‘nationaal dichter’ maar ook een vrouwelijke hoogleraar poëzie in Oxford, voor het eerst sinds die prestigieuze leerstoel in 1708 werd opgericht. De opmars van dichteressen in het Britse establishment leek onstuitbaar. Maar het beeld werd gisteren ruw verstoord toen Ruth Padel (63) haar hoogleraarschap na negen dagen alweer neerlegde.

De positie van Padel, een veelbekroonde dichteres, werd dit weekeinde onhoudbaar toen bleek dat ze er vóór haar verkiezing in mails naar Britse kranten op had gewezen dat haar grootste concurrent, Nobelprijswinnaar Derek Walcott (79), in de jaren 80 in Harvard in opspraak was geraakt wegens seksuele intimidatie van een studente.

Zo’n 100 academici in Oxford hadden via anonieme brieven soortgelijke informatie gekregen, al ontkent Padel daar achter te hebben gezeten. Walcott, die vooraf als grote favoriet voor de post gold, trok zich terug toen hij lucht kreeg van de naar zijn zeggen lasterlijke campagne.

Padel werd daarop aangesteld als de nieuwe hoogleraar poëzie, een post die werd gecreëerd in 1708 en altijd was bekleed door mannen. Het was een nieuwe triomf voor Engelse dichteressen, nadat begin deze maand Carol Ann Duffy was benoemd tot poet laureate, de erebaan van ‘nationaal dichter’, sinds 1617 eveneens een baan voor mannen.

Padel, een nazaat van Charles Darwin, zei gisteren dat ze naïef was geweest en slechts waarschuwingen van bezorgde studenten had doorgestuurd. Haar snelle vertrek leidde prompt tot beschuldigingen van seksisme. „De ‘old boys’ hebben haar te grazen genomen”, schreef dichteres Jackie Kay in The Guardian. „Het zou een man niet zijn overkomen.” Schrijfster Jeanette Winterson beaamde dat. „Dit is een manier om vrouwen te kleineren.” De (mannelijke) filosoof A.C. Grayling verwierp de kritiek. „Een vrouwelijke poëzieprofessor zou prachtig zijn geweest. Als het een eerlijke, schone strijd was geweest.”