Eeuwig huisje-beestje

Pearl Dykstra (1956), onderzoeker bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) en bijzonder hoogleraar Demografie aan de Universiteit Utrecht. Vanavond om 20.00 uur, spreekt prof.dr. PEARL DYKSTRA over het gezin. Academiegebouw, Domplein 29 Utrecht. Toegang gratis. Foto Wim de Jonge Jonge, Wim de

Van de jongeren is 96 procent van plan te gaan trouwen of samenwonen. En maar 5 tot 8 procent van de jonge vrouwen denkt kinderloos te blijven. Het gezin staat nog altijd als een huis, zegt Pearl Dykstra (1956), onderzoeker bij het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) en bijzonder hoogleraar Demografie aan de Universiteit Utrecht.

Is scheiden nog steeds slecht voor de kinderen?

Dykstra: „Ja. Ze volgen bijvoorbeeld gemiddeld een jaar minder onderwijs en hebben meer kans op emotionele problemen en crimineel gedrag. Maar de sociale klasse is voor die dingen veel bepalender. En de scheidingscijfers zijn in Nederland intussen redelijk stabiel. Per jaar eindigen negen op de duizend huwelijken in echtscheiding. Maar er is wel een zorgelijke trend. Het aantal neemt af bij de hoogopgeleiden en toe bij de armere, laagopgeleide klassen. ‘Scheiden is voor de dommen’ noemde iemand het laatst. Maar juist de kinderen van niet-werkende moeders zijn extra kwetsbaar.”

Als mama werkt, is dat goed voor je?

„Ik zal wel weer iedereen over me heen krijgen, maar: inderdaad. Bij kinderen van gescheiden moeders die in zichzelf investeren, een carrière hebben, zie je die negatieve scheidingseffecten niet. Mams heeft dan meer geld, meer contacten, wat de kinderen betere kansen geeft. Dat geldt ook voor niet-gescheiden moeders. Maar in Nederland heerst een soort calvinistisch moederethos: eigenlijk hoort ze thuis bij de kinderen te zitten. Het minimumloon is hier een gezinsinkomen. Nederlandse vrouwen kunnen het zich permitteren om niet te werken. Maar je ‘opofferen’ voor je kinderen en aan hen je identiteit ontlenen, blijkt voor die kinderen niet het beste.”

Weg met het jaren-50-ideaal?

„Het is nog altijd heel erg huisje-boompje-beestje, en het gezin blijft de belangrijkste bron voor de overdracht van normen en waarden – ook de verkeerde. Maar de jaren vijftig waren in feite een anomalie in de geschiedenis. De patronen van nu zijn helemaal niet zo ongebruikelijk. Zo bleef 20 procent van de vrouwen die tussen 1910 en 1920 geboren zijn kinderloos. Bij de tussen 1960 en 1965 geboren vrouwen is dat 18 procent. Ertussenin zit de groep waar maar 10 procent kinderloos bleef. En al die nieuwe vormen? In heel Nederland zijn er 2500 lesbische stellen met een kind. En met Paul de Leeuw en die paar anderen heb je het met de homostellen met kinderen ongeveer gehad. Het beeld van het gezin dat hoogopgeleide kringen in de Randstad hebben – daar vind je ook de meeste journalisten – klopt vaak niet met de werkelijkheid van heel Nederland.”

Nog meer onverwachte cijfers?

„Ik was verbaasd dat maar 3 procent van mensen met kinderen begint aan de ‘tweede leg’ bij een volgende partner. Dat gaat om mannen en vrouwen samen. Toen ik wilde onderzoeken hoe kinderen van ongetrouwde ouders het doen, bleken er niet genoeg te zijn in de bestanden van het grote ‘Kinship Panel’-onderzoek, dat representatief is voor heel Nederland.”

    • Liesbeth Koenen