Wees niet verdrietig

Oud-president Roh Moo-hyun was onderwerp van een groot corruptieonderzoek.

De laatste maanden van zijn leven voelde hij zich een gevangene in zijn eigen huis.

Aanhangers van ex-president Roh rouwen tijdens zijn begrafenis. Roh pleegde zelfmoord. Foto Reuters Supporters of deceased former South Korean President Roh Moo-hyun mourn during a funeral service at Roh's hometown of Bonghwa village in Gimhae, about 450 km (280 miles) southeast of Seoul, May 24, 2009. South Korea's government and the family of former President Roh agreed on Sunday to hold a public funeral for the leader who likely jumped to his death after being hounded for weeks in a widening corruption scandal. REUTERS/Korea Pool (SOUTH KOREA POLITICS) SOUTH KOREA OUT. NO COMMERCIAL OR EDITORIAL SALES IN SOUTH KOREA REUTERS

Hij zou de rest van zijn leven anderen toch alleen maar tot last zijn geweest, had Roh Moo-hyun in een verdrietig afscheidsbriefje geschreven. Vijftien maanden nadat hij was vertrokken als president van Zuid-Korea, pleegde Roh (62) afgelopen zaterdag zelfmoord door van een rots te springen bij zijn woning in Bongha, een gehucht in het zuidwesten van het land. „Maar wees niet verdrietig”, schrijft Roh aan de achterblijvers. „Zijn leven en dood niet beide een deel van de natuur?”

De laatste maanden van zijn leven was hij de gevangene van een groot onderzoek naar corruptie. Hij voelde zich gedetineerd in zijn huis in Bongha waar familieleden en kennissen niet meer durfden te komen omdat er voortdurend fotografen en reporters op de loer lagen.

Roh, president van 2003 tot 2008, zou tijdens zijn bewind miljoenen euro’s aan steekpenningen hebben aangenomen van een bevriende zakenman. De afgelopen maanden werden hij en zijn gezin indringend door justitie ondervraagd. Volgens de aanhangers van Roh heeft de conservatieve elite – met de huidige president Lee Myung-bak voorop – met het agressieve corruptieonderzoek hem de dood ingejaagd.

Roh kwam voort uit de democratiseringsbeweging, die in de jaren tachtig een einde maakte aan de militaire dictatuur in Zuid-Korea. Zijn verkiezing was mogelijk gemaakt door de jonge generatie die in de buitenstaander Roh de ideale man zag om de corruptie in het land aan te pakken en die verdere ontspanning met Noord-Korea mogelijk zou maken.

Roh was inderdaad een buitenstaander in de Zuid-Koreaanse politiek: hij was afkomstig uit een boerengezin en had alleen de middelbare school afgemaakt, terwijl een prestigieuze, universitaire opleiding normaal gesproken voorwaarde is om lid te worden van de politieke elite in het conservatieve land. Door zelfstudie had Roh zich opgewerkt tot advocaat en verdedigde in de jaren tachtig slachtoffers van de militaire dictatuur. Hij ontwikkelde zich tot een van de voorvechters van de democratie.

Roh kreeg aanvankelijk steun voor zijn kritische houding ten opzichte van de Verenigde Staten, die nog altijd een troepenmacht in Zuid-Korea heeft gestationeerd als bescherming tegen eventuele Noord-Koreaanse agressie. De twee Korea’s leven sinds de oorlog van 1950-1953 formeel nog altijd op voet van oorlog met elkaar. Rohs verkiezing in 2003 had plaats op een golf van anti-Amerikanisme, een sentiment dat regelmatig de kop opsteekt in Zuid-Korea. De aanleiding voor de protesten was destijds de vrijspraak van twee Amerikaanse militairen die een Zuid-Koreaans meisje hadden doodgereden.

Roh was voorstander van de Zonneschijnpolitiek van zijn voorganger Kim Dae-jung, die voor zijn inzet om het conflict tussen Noord- en Zuid-Korea vreedzaam op te lossen de Nobelprijs voor de Vrede kreeg. Hij wilde vooral ook de corruptie aanpakken waarvan de politiek in het paternalistische land is doortrokken. Ook de bejubelde Kim Dae-jung ontkwam daar niet aan. Twee van diens zonen werden veroordeeld wegens omkoping en belangenverstrengeling.

Ook Roh kreeg tijdens zijn ambtstermijn te maken met corruptie. Hij werd in 2004 gedurende twee maanden uit zijn ambt gezet. Hierbij speelde mee dat drie van zijn vroegere medewerkers waren aangeklaagd voor het vergaren van illegale campagnebijdragen van Samsung en andere grote Koreaanse bedrijven. Het Constitutionele Hof herstelde Roh weer in zijn ambt omdat de uitglijder niet ernstig genoeg was geweest om een president af te zetten.

Vorige maand werd de inmiddels ex-president Roh ondervraagd vanwege beschuldigingen dat hij en zijn vrouw voor miljoenen aan steekpenningen zouden hebben aangenomen van een rijke schoenenfabrikant. Roh bood voor het schandaal zijn verontschuldigingen aan. „Ik schaam me voor mijn medeburgers. Het spijt me dat ik jullie heb teleurgesteld”, zei hij eind april. De zaak had hem zo zwaar beschadigd dat hij kennelijk geen andere uitweg zag dan zelfmoord.