'Obama wil ideologische strijd rond Hof vermijden'

Naar verwachting deze week presenteert Obama zijn eerste kandidaat voor het Hooggerechtshof. Een bevriende Republikein legt uit hoe de president het Hof wil hervormen.

Camera’s zijn nog steeds niet toegestaan in het Hooggerechtshof, en wie er door de gangen wandelt ziet dat meteen: in dit staatsorgaan kunnen mensen nog probleemloos excentriek zijn. Je vindt er bij voorbeeld David Souter (70), de opperrechter voor wie Barack Obama naar verwachting deze week een kandidaat-opvolger aanwijst.

De vrijgezelle Souter kijkt nooit televisie en schrijft al zijn stukken nog met de vulpen. Zijn lunch bestaat dagelijks uit een kommetje yoghurt en een appel, waarvan hij ook het klokhuis opeet. De lichtknop op zijn werkkamer gebruikt hij niet: Souter geeft de voorkeur aan zonlicht, zodat hij op werkdagen zijn bureau voortdurend aan het verschuiven is.

Souter groeide de afgelopen decennia uit tot symbool van de onaantastbaarheid van Amerika’s hoogste rechtscollege. George H.W. Bush benoemde hem in 1991 om de conservatieve revolutie in het Hof mede gestalte te geven – maar dat liep anders. Tot woede van Republikeinen koos Souter in gezichtsbepalende zaken de kant van de progressieve factie in het Hof. De revolutie stagneerde, abortus bleef legaal, en het Hof haalde de laatste jaren diverse malen een streep door de omgang van de regering-Bush met terreurverdachten.

Nu is Barack Obama aan zet. Als ex-hoofdredacteur van de Harvard Law Review en voormalig docent staatsrecht kent hij het terrein op zijn duimpje, en alles wijst erop dat Obama een zwaar stempel op het Hof gaat drukken. Het terugtreden van Souter creëert de eerste van waarschijnlijk drie vacatures (zie: ‘Invloed, vacatures, namen’).

Weinig mensen kunnen beter inschatten hoe Obama hiermee zal omgaan dan Doug Kmiec. Vorig jaar was de oud-medewerker van Reagan en Bush sr. een van de eerste Republikeinen die steun aan Obama’s kandidatuur uitsprak. Kmiec voerde campagne met Obama en is nu, staatsrechtgeleerde op de Pepperdine universiteit (Californië), een strategisch interessante bondgenoot voor de president. „Mij is advies gevraagd en ik heb wel een idee hoe de president dit aanpakt”, zegt hij.

Volgens Kmiec wil Obama boven alles voorkomen dat de ideologische strijd rond het Hof oplaait. „Dit is een president die studeert. Hij ondervraagt zijn kandidaten zelf. Hij wil iemand waarvan de bevolking denkt: dit is geen politieke keuze. Het wordt natuurlijk een kandidaat met een progressieve signatuur; dat is het voorrecht van de president. Maar hij wil een gematigde figuur, geen kandidaat die meteen verdeeldheid oproept – zodat we in de verhoren niet eindeloos zitten opgescheept met de bekende controverses.”

Kmiec was de afgelopen 25 jaar betrokken bij veel van die controverses. Als medewerker van Reagan werkte hij mee aan pogingen abortus te verbieden. En de afgelopen jaren was hij een belangrijke steunpilaar van de kandidatuur van de conservatieven John Roberts (nu voorzitter van het Hof) en Sam Alito voor het Hof. Zij zijn de laatste twee producten van de conservatieve revolutie: oud-collega’s van Kmiec uit de regering-Reagan die de hoogleraar nog steeds tot zijn beste vrienden rekent.

Obama keerde zich als senator tegen Roberts en Alito, beide klassieke conservatieve magistraten. In hun ogen moeten opperrechters wetgeving letterlijk nemen, en er zomin mogelijk een eigen interpretatie aan geven. „Wij zijn scheidsrechters, geen wetgevers”, zei Roberts tijdens zijn verhoren.

Volgens Obama mist die benadering de empathie – een woord dat veel zal vallen de komende weken – die noodzakelijk is om de gevolgen van beslissingen te overzien. In vijf procent van alle zaken, zegt hij, bieden wetsteksten geen uitsluitsel. Dan draait het om het hart van de rechter, en volgens Obama kiezen conservatieven als Roberts en Alito intuïtief altijd voor de sterken.

De president, legt Kmiec uit, wijst graag op een recente zaak uit 2007 om de gebreken van Roberts en Alito te laten zien. De zaak draaide om Lilly Ledbetter, een vrouw die na zeventien jaar ontdekte dat ze voor hetzelfde werk minder kreeg uitbetaald dan haar mannelijke collega’s. Maar omdat ze formeel te laat bezwaar had gemaakt tegen de onderbetaling – de vrouw was nu eenmaal niet op de hoogte – oordeelden Roberts en Alito dat Ledbetter het onthouden salaris niet meer uitbetaald kon krijgen.

„Het is overduidelijk dat de president zich ergerde aan de formalistische interpretatie van het Hof in die zaak”, zegt Kmiec. „Obama zoekt iemand die de overtuigingskracht heeft om tegen dat soort formalisme in te gaan, zonder andere leden van het Hof van zich te vervreemden. Dat is het vak.”

Kmiec schaarde zich vorig jaar ook achter Obama omdat hij ervan overtuigd is dat Republikeinen de strijd tegen abortus hebben verloren. Conservatieve Congresleden lieten de laatste weken niettemin weten dat ze het debat rond de kandidatuur opnieuw in die context willen plaatsen. Niet omdat ze denken dat de abortuspraktijk nog veranderd kan worden, maar omdat ze weten dat het thema hun achterban in vuur en vlam zet.

„Het is een feit dat er niet genoeg stemmen in dit land zijn om het recht op abortus te herzien. Ook het Hooggerechtshof zelf maakt geen aanstalten meer in die richting”, zegt Kmiec. „Dus het zou verstandig zijn als we de benoemingsprocedure nu eens niet concentreren op een thema dat waarschijnlijk geen rol speelt in het werk van de nieuwe opperrechter. Daarom zoekt Obama een kandidaat die de discussie op een nieuw spoor brengt: de economische crisis, de oorlogen, terreurverdachten. Het soort onderwerpen dat mensen dagelijks bezighoudt.”

Door de huidige samenstelling van het Hof (acht mannen, een vrouw; acht blanken, een zwarte Amerikaan) staat het vrijwel vast dat Obama een vrouwelijke kandidaat voordraagt, en het liefst een vertegenwoordiger van een etnische minderheid. Het wordt vrijwel zeker geen katholiek. Het Hof heeft al vijf katholieke leden, terwijl katholieken maar een kwart van de Amerikaanse bevolking uitmaken. „Ik heb zelf twee namen aan het Witte Huis doorgegeven. Een was katholiek. Het werd meteen duidelijk dat die het niet wordt”, zegt Kmiec.

De kans is volgens Kmiec klein dat Obama een nieuwe David Souter zal benoemen. Tegen diens excentriciteit heeft Obama „niet in het minst” bezwaar, zegt Kmiec. Maar hij acht de kans klein dat de president een opperrechter voordraagt die zich na zijn benoeming anders opstelt dat bij zijn presentatie werd verondersteld.

„Souter is destijds niet goed onderzocht door de eerste regering-Bush. Ik denk niet dat dit zich bij Obama zal voordoen. Bij hem gebeurt eerder het omgekeerde. Hij weet zoveel van dit vakgebied dat hij minimaal de gelijke is van elke kandidaat. Zijn probleem zal eerder zijn dat hij alle zwaktes van kandidaten kent, en daaraan te hoog gewicht toekent. Hij kan de lat gemakkelijk te hoog leggen.”