Nederland wil met gaslanden meepraten

Nederland wil als waarnemer toetreden tot het GECF, het vorig jaar opgerichte platform voor de grootste gasproducenten ter wereld.

Minister Maria Van der Hoeven (Economische Zaken, CDA) zal een officieel verzoek daartoe overhandigen als de energieminister van Qatar, Abdullah bin Hamad al-Attiyah, Nederland bezoekt medio juni. In het Arabische emiraat Qatar is het kantoor van het GECF gevestigd.

Het GECF is omstreden. Critici vermoeden dat de gas exporterende landen binnen het forum afspraken gaan maken over prijzen en productiecapaciteit. Het forum wordt ook wel het ‘gaskartel’ genoemd, naar analogie van het kartel van olie exporterende landen, de OPEC. Het gasforum telt 14 leden, die samen meer dan 70 procent van de wereldwijde gasreserves bezitten. Naast Qatar zitten er landen in als Rusland, Iran, Algerije en Venezuela.

Binnen het GECF zijn er tot nu toe twee landen met de status van waarnemer: Noorwegen en Equatoriaal-Guinea. Nederland heeft al eerder aangegeven ook als waarnemer tot het gasforum te willen toetreden. Zo kan het „de vinger aan de pols” houden wat betreft internationale ontwikkelingen op gasgebied. Bovendien kan zo’n waarnemerschap helpen bij het vervullen van de Nederlandse ambitie om in de toekomst ‘draaischijf’ voor gashandel en gasopslag te worden.

Nederland werkt druk aan de verschillende elementen van deze strategie. Zo worden bij Bergermeer voorbereidingen getroffen om de grootste ondergrondse gasopslag van Europa aan te leggen. Ook zijn er op verschillende plaatsen terminals voor de aanvoer van vloeibaar gas (liquified natural gas, LNG) in aanbouw. Er is al een handelsmarkt voor gas.

Volgens een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken zal Nederland afhaken als waarnemer van het GECF zodra blijkt dat het gasplatform „kartelachtige trekjes” krijgt.