De waarheid over Jan Smit

Volendam mag trots zijn op Jan Smit: ook Muiden, eveneens aan het IJsselmeer, had een held van die naam. Onlangs overleed hij in Canada.

Luitenant Claude Murray voordat hij door een Me 262 werd neergeschoten.

Op 6 oktober 1944 kwam luitenant Claude Murray uit de VS aan zijn parachute in het IJsselmeer terecht. Zijn fotoverkenningsvliegtuig was door een Duitse jager in brand geschoten. Dertien uur dobberde hij rond in een aan de parachute gekoppelde rubberboot. Hij bracht de nacht door op het verlaten forteiland Pampus.

De volgende morgen peddelde hij naar het vasteland. Onderweg werd hij opgepikt door de Muider vissers Jan en Jaap Dobber en Gosse Bijl, die hem onder hun netten verborgen. De vissers leverden hem af bij de Muider verzetsgroep van Joh. Rozendaal. Omdat niemand Engels sprak werden dominee Douma en dokter Hakman erbij gehaald. Murray zag er verwilderd uit. Hij kon net zo goed een Duitse spion zijn en werd dan ook danig aan de tand gevoeld door het hoofd van het verzet in het Gooi.

Zijn vliegerpak en identiteitsplaatje werden verstopt en hij kreeg een vals persoonsbewijs. Daarna werd hij ondergebracht in een benauwd zolderkamertje in Naarden, waar hij maar één ding wilde: weg. Helemaal toen de Duitsers een razzia hielden en elk huis doorzochten. Hij wist dat hem de kogel wachtte.

Het tweede onderduikadres, de boerderij van Gijs Regtuyt tussen Muiden en Weesp, beviel hem heel wat beter. Hij kreeg werkkleding en klompen en er was genoeg te eten. Hij mocht naar buiten en leerde schaatsen.

Muiden kende hem als de doofstomme boerenknecht Jan Smit. Wel was er een complicatie: hij moest uit de buurt worden gehouden van de waarschijnlijk ‘foute’ werkster. Als zij kwam zat Jan Smit bij de ‘verzetsfamilie’ Rozendaal, waar hij Engels kon spreken met zoon Siem en met Rinus van Rijsbergen, die drie jaar jonger was dan hij.

Rinus kwam vers van de hbs. Rinus ontliep dwangarbeid in Duitsland door zich, net als Jan Smit, als boerenknecht voor te doen.

Toen er Duitse soldaten bij Regtuyt dreigden te worden ingekwartierd, trok Jan Smit bij de Rozendaals in. De Rozendaals waren blind voor ‘goed’ en ‘fout’. Zo kreeg Jan Smit kort voor de bevrijding gezelschap van een NSB’er, die als de dood was dat hij zou worden opgeknoopt.

Op 5 mei 1945, de dag van de bevrijding, werd Jan Smit weer Claude Murray. De Muider chroniqueur Guus Kroon meldt op zijn site: „Murray kreeg zijn uniform terug en trok het trots aan. Hij werd de held van Muiden.

„Mannen namen hem op de schouders en droegen hem rond. Vrouwen en meisjes gooiden bloemen naar hem en iedereen wilde hem de hand schudden. Er werd gezongen, gedanst en gelachen. Hij voelde zich geweldig.”

Het had heel wat voeten in de aarde voordat de luitenant vlieger gescreend en wel terugmocht naar huis. Hij stond nog steeds als vermist geregistreerd en trof zijn vrouw aan met een ander. Murray bleef Muiden trouw. Meerdere keren was hij het middelpunt van dodenherdenkingen en bevrijdingsfeesten.

Ook al was bekend dat het niet goed met hem ging, het bericht uit Phoenix, Arizona dat Claude Murray op 13 mei 2009 op 88-jarige leeftijd was overleden, kwam toch nog onverwacht.

Het hele verhaal staat op www.guuskroon.nl