Darmspoeling of smurfenlied

Het Amsterdam Comedy Festival ontbeerde grote trekkers en relletjes. Voor de liefhebbers van vieze mannenkwalen viel er echter wel wat te genieten.

Theo Maassen was er niet, dus een rel bleef uit. Vorig jaar vernielde de cabaretier-provocateur op het Amsterdam Comedy Festival de camera van een fotografe. Deze editie kende weliswaar geen vervelende incidenten, maar ook anderszins bleef het een beetje mat.

Niet dat sommige komieken niet probeerden te choqueren. De Amerikaan Ross Bennett, een olijk ogende vijftiger met dikke buik, ronde bril en een toren van woest krullend haar, wijdde een aanzienlijk deel van zijn optreden aan anale kwaaltjes die mannen van een zekere leeftijd ontwikkelen, en de aanpak van jonge vrouwelijke Thaise dokters daarvan. Darmspoelingen en een verrassende nieuwe toepassing van een Labellostick spelen daarbij een rol. De goed geacteerde zelfspot van de gekwelde man op leeftijd was bij vlagen tragikomisch, maar Bennett ontsteeg maar met moeite de banaliteit.

Dat gold ook voor de Canadees Pete Johansson, die in hoog tempo energiek agressief uitwijdde over spontane seks (onverwacht masturberen tijdens de afwas), dikke billen (voordeel: veren terug wanneer je ze wegduwt), het vrouwelijk schoonheidsideaal en de beangstigende transformatie van een zwangere vrouw („a horny bear with sore nipples”).

Seks, vrouwen en verschillen tussen de seksen mogen een immer dankbaar en soms (bij Roué Verveer) hilarisch onderwerp zijn, erg origineel is het allemaal niet.

Dat doet Droog Brood beter: dit duo blinkt uit in wrange, absurdistische sketches die nergens over gaan, maar ontregelen en aan het denken zetten. Met een lieflijk smurfenliedje dat allengs grimmiger wordt, een sadistisch raadspelletje van een verbitterd echtpaar en een ontmoeting tussen buren die de ene na de andere vreemde wending krijgt, oogst Droog Brood niet de gemakkelijke lach, maar zaait subtiel verrassende inzichten die uren later nog zo nu en dan opduiken en vrolijk stemmen. Het duo had wel de pech niet zo erg te passen in de vorm van de avond, waar de meeste optredens toch meer de ‘lach-of-ik-schiet’-formule hadden.

De Nederlanders waren op deze editie stukken beter dan hun buitenlandse collega’s. Het is opvallend hoeveel meer gevoel zij hebben voor opbouw, timing, ritme, cadans. Volstrekt verwachte succesnummers waren wat dat betreft afsluiters Raoul Heertje en Jan Jaap van der Wal – de enige aanwezigen die ook nog iets van engagement en actualiteit bij hun shows betrokken. Zij zijn nog altijd onovertroffen door de nieuwkomers, bleek ook. Hoewel: Daniel Arends komt een eind. En Rory de Groot is de grootste belofte.