Crisis treft vooral zuiden van Nederland

De zuidelijke provincies worden eerder en harder getroffen door de economische crisis dan de rest van Nederland. Dit blijkt uit een rapport van ING Economisch Bureau dat gisteren verscheen, mede op basis van cijfers van het CBS.

Gemiddeld krimpt de Nederlandse economie in 2009 met 4,6 procent. Maar de provincies Zeeland (6,4 procent), Noord-Brabant (5,8 procent) en Limburg (5,4 procent) zien hun economische activiteit dit jaar harder dan gemiddeld teruglopen. Dat ligt aan het karakter van het bedrijfsleven in die regio, aldus de ING-economen. Met name de chemische industrie in Zeeuws-Vlaanderen (waaronder Dow Chemical) en de hoogwaardige metaal- en elektronische industrie rondom Eindhoven zijn conjunctuurgevoeliger dan andere sectoren. In Limburg is het de chemische industrie rondom DSM die als eerste de internationale economische schokken ervaart.

Een positieve uitzondering in de zuidelijke provincies is de voedingsmiddelenindustrie in Oost-Brabant. Die blijft relatief onaangetast, omdat consumenten hun eetpatroon in tijden van recessie niet veranderen. Om diezelfde reden heeft de economische crisis minder invloed op de provincie Friesland, waar nog veel op voedingsmiddelen gebaseerde landbouw te vinden is.

De Nederlandse provincies die in 2009 waarschijnlijk bovengemiddeld zullen presteren zijn te vinden in het westen. Daar zitten naar verhouding veel dienstverlenende bedrijven die terug kunnen vallen op publieke taken als onderwijs en zorg. Maar ondanks de aanwezigheid van commerciële en niet-commerciële dienstverlening heeft de Randstad een open karakter, dankzij economische centra als de Rotterdamse haven en luchthaven Schiphol. Die merken het meteen als er minder goederen en mensen vervoerd worden in tijden van economische teruggang. Ook de bollenteelt, rondom Leiden, heeft een internationale karakter en ondervindt daarom snel de gevolgen van een teruglopende buitenlandse vraag.

De provincie Utrecht lijkt met een krimp van 3,9 procent het minst gevoelig voor een afnemende conjunctuur. Dit wijten de onderzoekers aan de specifieke mix van bedrijfsactiviteiten: veel publieke diensten en een groot onderwijscomplex met academisch ziekenhuis in de stad Utrecht. „Dat zorgt niet alleen voor een stabiele economische groei, maar draagt ook bij aan een relatieve rust op de arbeidsmarkt”, aldus het rapport.

Lees het complete ING-rapport op nrc.nl/economie