Tijd voor experiment, vreemder dan fictie

Nu het televisieseizoen zachtjesaan ten einde loopt, komt er aan de randen van de programmering weer ruimte voor experimenten. Soms haalt de publieke omroep dan iets moeilijks van de plank. FlickRadio (RVU) werd al in 2007 voltooid door radiomaker Bert Kommerij en video-editor Pepijn Kortbeek, maar nu pas, ver na middernacht uitgezonden. De ‘film’ bevat geen enkel bewegend beeld, louter foto’s, begeleid door een min of meer autobiografisch radiodrama. Kommerij is gefascineerd geraakt door de virtuele identiteiten die ontstaan, doordat mensen hun foto’s publiceren op de website Flickr. De ik-figuur komt er in contact met een Portugese cactusfanaat, een Franse dichter en een Amerikaans tienermeisje dat zichzelf elke dag vastlegt. Zelf komt de Amsterdamse hoofdpersoon nauwelijks de deur meer uit en hunkert naar contact met de andere fotografen, verbaal en via uitwisseling van beelden.

Zoals wel vaker bij hoorspelen of andere radiofictie is de toon wat gekunsteld, mede door de geaffecteerde stemmen. De film begint als een steriele vormoefening, maar allengs word je ook als televisiekijker meegesleept in een obsessie.

Twee jaar na uitzending door TV Rijnmond beleefde gisteren de serie RO TV bij de VPRO haar landelijke première. Hier gaan theater en documentaire een merkwaardige wisselwerking aan. Acteurs van het RO Theater spelen rollen in Rotterdamse verhalen, tegenover mensen die zichzelf spelen, soms zelfs zonder te weten dat ze meedoen aan een pseudodocumentaire. In de eerste aflevering, Even bestaat niet meer, geregisseerd door Pieter Kramer (30 minuten, Ja zuster nee zuster), vertolkt Rogier Philipoom een kickbokser met een dwarslaesie. Zijn trainer is echt, maar het verschil is nauwelijks merkbaar.

De wereld van het rolstoelboksen en het Rotterdamse kankeridioom komt volstrekt authentiek over. Wonderlijk genoeg is de eerder op de avond uitgezonden tweede documentairereeks Welkom in Nederland (VARA) van Michiel van Erp juist vreemder dan fictie.

Twee zeer beschaafde Gooise dames, onder wie een holistisch masseuse, ontfermen zich over een Afghaanse schilder als over een hondje dat is komen aanlopen. Hun inzet is goedbedoeld en misschien zelfs heilzaam, maar je denkt steeds dat hun minzame interactie met de minder bedeelde medemens niet waar kan zijn.

Deels wordt de vervreemding veroorzaakt door de opvallend afstandelijke cameravoering van Mark van Aller, die een sterke voorkeur heeft voor totaalshots. Maar hetzelfde gegeven leek in Joram Lürsens fictieve telefilm Coach (ook VARA) meer realistisch dan in deze echte documentaire.