Alleen de herinnering aan sterren blijft

Het einde van Fortuna Sittard als profclub is nabij. Wat ooit begon als een omstreden avontuur eindigt in een faillissement.

Een supporter van Fortuna gisteren in Sittard. (Foto Chris Keulen) Netherlands, Sittard, 19.05.2009 Supporter voetbalclub Fortuna Sittard voor stadscafe de Gats met shirt 'Fuck the Fortunakiller Kessler'. De KNVB trekt de proflicentie van eerstedivisieclub Fortuna Sittard per 30 juni in. Fortuna Sittard verkeerde al geruime tijd in financiële problemen en volgens de KNVB was het risico van een faillissement reëel. foto: Chris Keulen Keulen, Chris

Een halve eeuw geleden trok een voetbalclub uit Geleen de meeste aandacht. De beste voetballers van Nederland speelden bij Fortuna ’54. Daar werd het meeste geld betaald, dus daar voetbalden Faas Wilkes, Frans de Munck, Cor van der Hart, Bram Appel, Jan Notermans, Henk Angenent en Bart Carlier. Het Mauritsstadion van Geleen zat vaak vol, met 25.000 toeschouwers. Vooral wanneer de sterren van Nederland aantraden in oefenduels met Real Madrid, Stade Reims, FC Köln, Botafogo, de beste teams van de wereld in die tijd.

Dat was toen, in de jaren vijftig. Het Mauritsstadion is afgebroken. In het Fortunapark van Geleen herinnert een monument aan de glorie van weleer. Fortuna was de eerste profclub van Nederland. In 1968 fuseerde de club uit Geleen met Sittardia. Het werd FSC en vervolgens Fortuna S. Er kwam een nieuw stadion, maar wat er er ook gebeurde: de schittering van het voetbal nam met de jaren af, om uiteindelijk te verdwijnen.

Hoe goed de spelers ook waren, Fortuna ’54 is nooit kampioen van Nederland geworden. Tweede werd de club in 1957 en in dat jaar won ze ook de beker, net als in 1964. Maar daar tegenover stonden de memorabele ‘exhibitiewedstrijden’ op woensdagavond in het Mauritsstadion – nota bene bij kunstlicht – tegen de groten der aarde. En de lucratieve uitwedstrijden bijvoorbeeld in Madrid voor 80.000 toeschouwers.

Fortuna was geliefd in Limburg en in het buitenland. Alleen in Holland werd met enige scepsis de ontwikkeling van het voetbal in Limburg gevolgd. Vooral de manier waarop de bouwondernemer Egidius Joosten (Vascomij) de club in de mijnstreek op poten zette, viel verkeerd bij de voetbalbestuurders in het westen waar de voetbalbond en de belangrijkste media zetelden. Voetbal op amateurbasis verdiende de voorkeur bij de KNVB, betalingen aan spelers werden verafschuwd. De voetbalbond zette zelfs detectives in om de praktijken van Joosten te volgen. Voetballers die zich hadden laten overhalen, werd gedreigd met een schorsing.

De eerste training van de eerste illegale profclub van Nederland werd op maandag 26 juli 1954 in het voor publiek gesloten Burgemeester Damenpark van Geleen gehouden. De eerste spelers ontvingen drieduizend gulden, exclusief winstpremies. Maar de sterren, de spelers die al als fullprof in het buitenland voetbalden, zouden 15.000 tot 20.000 gulden vangen. Doelman Frans de Munck, de beste keeper van Nederland, kwam van FC Köln voor 400.000 gulden; Cor van der Hart, Nederlands beste verdediger in die tijd, van Lille voor 280.000 gulden; linksbuiten Bart Carlier van Strasbourg, middenvoor Bram Appel van Lausanne Sports en, op latere leeftijd, Faas Wilkes van Valencia. Allen bij elkaar gebracht door de slimme manager Huub Adriaans.

De Munck en Van der Hart kregen een jaarsalaris van 20.000 gulden. Joosten betaalde het salaris uit eigen zak. Fortuna kon de verwachtingen nooit waarmaken.

Spelers raakten op leeftijd. Degradatie dreigde. Het bedrijf van Joosten ging failliet. In 1968 speelde Fortuna ’54 zijn laatste wedstrijd in het betaald voetbal. Er volgde een fusie met Sittardia, FSC. Het Mauritsstadion was niet meer goed genoeg voor betaald voetbal. De fusieclub ging in De Baandert spelen, het onderkomen van Sittardia. Op de gemeentegrens van Sittard en Geleen werd vervolgens een nieuw stadion gebouwd. Zonder succes. Geen sfeer, geen prestaties, alleen nog emoties, alleen de herinneringen aan vroeger, aan de aangekochte Fortunasterren, aan De Munck, Van der Hart en Appel. En aan de Limburgse sterren, aan Notermans en Willy Dullens, van Sittardia, de prachtige technicus die in 1966 voetballer van het jaar werd.

In 1999 maakte de fusieclub Fortuna Sittard nog eenmaal furore. Onder leiding van de huidige bondscoach Bert van Marwijk haalde de club met spelers als Wilfred Bouma, Kevin Hofland, Ronald Hamming en Mark van Bommel de bekerfinale. In de Kuip verloor de ploeg met 2-0 van Ajax. Ruim 15.000 Limburgers waren naar Rotterdam getrokken.

Geleen was eens een bloeiende stad. Fortuna ’54 was de club van de mijnstreek, net als daarvoor het fameuze Maurits. Nu rest slechts de herinnering aan het schitterende voetbal in het volgepakte Mauritsstadion met de torenhoge lichtmasten.

Mister Fortuna Willy Dullens blikt terug via www.nrc.nl