Papa geeft de kinderen een slaappilletje

De Safdies horen tot de jongste filmmakers die dit jaar hun werk in Cannes vertonen. Ze maakten een autobiografische film over hun jeugd in een wereld vol chaotische volwassenen.

„Hier, ik moet je een filmpje laten zien.” Op het Filmfestival van Cannes worden films in alle soorten en formaten vertoond, maar dit is waarschijnlijk de eerste keer dat een regisseur tijdens een interview zijn mobiele telefoon tevoorschijn haalt om er eentje op het kleinste scherm aan de Boulevard de la Croisette te vertonen. Aan het woord is de Amerikaanse regisseur Josh Safdie (1984). Hij heeft samen met zijn broer Benny (1986) de film Go Get Some Rosemary gemaakt, over twee broertjes en hun chaotische vader. Hij vertelt hoe hij en zijn broer, net als in de film, opgroeiden voor de Hi8-videocamera van hun al even chaotische vader. Schaamteloos autobiografisch dus. En het filmpje dat hij laat zien is een homemovie. Jongetje op badkamervloer kijkt op naar de camera van zijn vader. Vader zegt: „I love you.” Jongetje vraagt: „How come?”

De Safdies horen tot de jongste filmmakers die dit jaar een film in Cannes hebben. Niet in de competitie, het grote-rode-loper-hoofdprogramma, maar in de Quinzaine des réalisateurs, het avontuurlijke bijprogramma waar je moet zijn om nieuwe talenten te ontdekken.

In Go Get Some Rosemary worden de beide broers gespeeld door Sage en Frey Ranaldo, de zoontjes van Sonic Youth-gitarist Lee Ranaldo. De kinderen zijn de enige stabiele factor in een wereld van onverantwoordelijke volwassenen die tobben met ouderschap en het leven in het algemeen. Veel van de gebeurtenissen zijn direct aan de jeugd van de Safdies ontleend, maar, zo stellen ze gerust: niet die scène met die slaaptabletten. Vader Lenny moet onverwachts ’s nachts werken, heeft geen oppas en wil onder geen beding dat zijn kinderen in een leeg huis wakker worden. Dus hij besluit ze met een slaappil te drogeren. De broers filmen het zo dat je bijna begrip voor de man krijgt. „Acteur Ronald Bronstein waarschuwde ons nog dat mensen dit te immoreel zouden vinden. Ons gaat het meer om de liefdevolle gedachte die erachter zit. Lenny is een vader die het beste voor zijn kinderen wil, maar niet verder denkt dan zijn eerste impulsen. Net als onze vader.” Die de film overigens geweldig vond, zeggen ze in koor.

Vorig jaar viel de broers de eer te beurt de Quinzaine te mogen sluiten met hun debuut The Pleasure of Being Robbed. Dit jaar werden ze – terwijl Josh op Benny’s schouders het podium op wankelde om maar „zoveel mogelijk als een regisseur door het leven te gaan” – door scheidend directeur Olivier Père tot ‘mascottes van de Quinzaine’ uitgeroepen. Père vindt dat de broers staan voor een nieuwe golf van onafhankelijke filmmakers in Noord-Amerika.

Ook Lynn Shelton, die dit jaar Humpday brengt, hoort daartoe. Ze maakte een innemende film over een bromance (‘homosociale’ mannenvriendschap) tussen twee vrienden die in een dronken bui besluiten om een kunstzinnige seksfilm te maken voor het lokale pornofestival. Humpday was, net als het vandaag in de Quinzaine vertoonde I Love You Philip Morris van Glenn Ficarra, een van de verrassingen van het Sundance Festival. Overigens trekt die laatste film in Cannes de aandacht omdat sterren Jim Carrey en Ewan McGregor er tongzoenend in te zien zijn, na al het platonische geflirt tussen heteroseksuele mannen, een doorbraak voor de homo’s in Hollywood.

    • Dana Linssen