Heel Someren wist het, behalve de burgemeester

In Someren stond mevrouw Janssen bekend als slechte werkgever. De gemeente greep niet in. Ondertussen gaat het asperges steken door, zonder de Roemenen.

Een groep aspergestekers vanmorgen aan het werk op de omstreden aspergeboerderij in Someren. (Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold) someren asperge telers foto rien zilvold Zilvold, Rien

Het is in het Brabantse Someren een publiek geheim dat José Janssen een „slecht werkgever” is, zoals Bart Verhees omschrijft. Verhees is varkensboer en voorzitter van de plaatselijke afdeling van de Zuidelijke Land- en Tuinbouw Organisatie. Een half jaar geleden alarmeerde hij de raad. Hij had gehoord dat de gemeente het huisvesten van seizoenarbeiders op het aspergebedrijf wilde gedogen, ook al was in strijd met het bestemmingsplan. „Een goede regeling. Maar ik vond dat de regeling alleen zou mogen gelden voor bedrijven die hadden bewezen dat ze goed met personeel omgaan.”

Er kwam een VVD-motie die het gemeentebestuur opriep handhavend op te treden. De motie werd niet in stemming gebracht, na toezeggingen van burgemeester Veltman. Van handhaven is te laat werk gemaakt, zegt Verhees. „Anders hadden daar geen Roemenen gezeten.” Dat de seizoenarbeiders illegaal waren, is volgens hem zeker. „Je krijgt alleen een vergunning voor Roemenen als er geen andere werkers te vinden zijn. Maar het stikt van de Polen.”

Het pension op de zolder van Janssen is ontruimd. De Roemenen die zeggen te zijn uitgebuit zijn naar huis. De burgemeester heeft de arbeidsomstandigheden vergeleken met slavernij. Deze middag wordt hier doorgewerkt. Twee knielende Portugezen steken asperges. Binnen sorteren en wassen vrouwen het ‘witte goud’.

Op het erf poeiert de eigenaar journalisten af. „Wacht maar tot volgende week”, zegt ze. Over de beschuldiging van slavernij wil ze niet veel kwijt. „Vorig jaar was de burgemeester nog hier en toen was alles in orde.” De oogst moet doorgaan. Dat de Roemenen er niet meer zijn, is niet rampzalig. „Die voerden toch niet veel uit.”

Justitie stelt nu een strafrechtelijk onderzoek in naar huisvesting en arbeidsomstandigheden van seizoenwerkers op het bedrijf. De Roemeense seizoenwerkers hebben Arbeidsinspectie en Vreemdelingenpolitie verteld dat zij zwaar leden onder het regime van de boerin. Ze hadden in kamertjes zonder ramen geslapen. De deur was ’s nachts op slot. Ze kregen minder dan de helft van het beloofde loon. En van die vijf euro per uur moesten ze tegen hoge prijzen kost en inwoning betalen. Werken moesten ze ruim twaalf uur per dag.

Of het allemaal waar is, gaat justitie uitzoeken. De Arbeidsinspectie heeft het bedrijf sinds 2005 vijf boetes opgelegd voor in totaal 566.000 euro, wegens onderbetaling, ontbrekende werkvergunningen en niet melden van een meldingsplichtig ongeval. De burgemeester hoorde pas gisteren van deze krant over de boetes. Voor de buren van het aspergebedrijf is het zeker dat sprake is van uitbuiting.

„Die vrouw gaat over lijken”, zegt Martin Raijmakers van camping De Vrolijke Flierefluiter. Met zijn vrouw Wilma zegt hij veel seizoenwerkers over de vloer te hebben gehad. „Sommigen hadden anderhalve dag niets gegeten.” Ze hebben uitgeputte aspergestekers in hun schuur gehuisvest en te eten gegeven. Twintig uur werken werd niet vreemd gevonden, beweren ze. En betalen? „Ze konden de helft krijgen of niets.”

VVD-raadslid Van de Moosdijk diende eind vorig jaar de motie in om het aspergebedrijf aan te pakken. Hij vermoedt dat de gemeente de vrouw te vriend heeft willen houden vanwege een andere kwestie. Someren wil een fietspad aanleggen, waarvoor langs haar boerderij grond moet worden aangekocht. „Ik wil daar opheldering over. Deze vrouw weet door list en bedrog haar zin te krijgen. Maar ik heb liever geen fietspad dan dit.”

Volgens burgemeester Veltman heeft de gemeente de vrouw niet te vriend willen houden. „Wij gaan niet de veiligheid van seizoenwerkers inwisselen voor een fietspad.” En de gemeente heeft wél toezicht gehouden op het aspergebedrijf. Veltman: „Ik ben vorig jaar op visite geweest. Toen ontdekten wij dat mevrouw de huisvesting voor seizoenwerkers vier keer zo groot had gemaakt. Dat kon natuurlijk niet. Wij zijn haar toen ter wille geweest en hebben gezegd dat wij die huisvesting wilden gedogen, als zij ervoor zou zorgen dat de huisvesting aan alle eisen van de brandweer zou voldoen. Wij hebben haar tekeningen bekeken. Handhaven konden wij pas op het moment dat de seizoenwerkers aankwamen. Wanneer dat is, weten wij nooit precies.”

Op 26 april ontdekte de gemeente dat een groep Roemenen was gehuisvest – zonder dat aan de veiligheidseisen was voldaan. Er werd besloten tot ontruiming. Dat die pas op 15 mei volgde, kwam doordat de uitspraak van een rechter op zich liet wachten.

De burgemeester vindt het „een leermoment” dat hij niet wist dat het aspergebedrijf de afgelopen jaar meermalen is beboet. De Arbeidsinspectie doet doorgaans geen mededelingen over dit soort boetes aan derden. Veltman: „Maar wij behoren net als de Arbeidsinspectie tot de overheid. Ik had informatie op prijs gesteld.”

Dat de burgemeester van niets wist, verbaast de mensen in Someren. „Over een boete heeft iets in de krant gestaan”, zegt boerenvoorman Bart Verhees. De buren van het bedrijf kunnen zich evenmin voorstellen dat de burgemeester de wantoestanden niet kende. „Iedereen weet dat het daar niet deugt. Er stond daar heel vaak politie. Als er weer eens ruzie over de betaling was”, zegt buurvrouw Wilma Raijmakers. Burgemeester Veltman: „Als de buren dat zo allemaal zo goed weten, dan hadden ze dat eerder moeten zeggen.”

    • Arjen Schreuder