Vrouwen veroveren zetels in parlement Koeweit

Vrouwen hebben voor het eerst zetels in het Koeweitse parlement veroverd en sunnitische fundamentalisten hebben terrein verloren. Maar analisten vrezen dat de politieke impasse die tot deze verkiezingen heeft geleid, blijft bestaan.

Vrouwen kregen in 2005 passief en actief kiesrecht in het olierijke emiraat, maar in de twee voorgaande verkiezingen, in 2006 en 2008, werden geen vrouwelijke kandidaten gekozen. Hoewel fundamentalisten in de campagne hadden opgeroepen niet op vrouwen te stemmen, werden in de parlementsverkiezingen van zaterdag vier vrouwen gekozen, drie hoogleraren en een econoom.

„Dit is het bewijs dat niets onmogelijk is. Het is een overwinning voor de Koeweiti’s en hun verlangen naar verandering”, zei gisteren na het bekendworden van de uitslagen een van de winnaressen, professor Massouma al-Mubarak. Mubarak werd in 2005 de eerste vrouwelijke minister in Koeweit. In 2007 trad ze af na zware kritiek van fundamentalisten.

Sunnitisch-fundamentalistische groepen – er zijn geen politieke partijen – verloren tien van hun in totaal 21 zetels in het 50 zetels tellende parlement. Liberalen boekten een lichte winst, met name dankzij de verkiezing van de vrouwen die allen min of meer als liberaal te boek staan. Vertegenwoordigers van de conservatieve stammen kregen 25 zetels.

„Maar de zogeheten impasse-parlementsleden zijn ook gekozen”, zei ex-minister van Oliezaken Ali al-Baghil. De emir van Koeweit, sjeik Sabah al-Ahmad al-Sabah, schreef de verkiezingen uit nadat hij het parlement twee maanden geleden had ontbonden om een eind te maken aan de confrontatie tussen parlement en het kabinet. Koeweit heeft de laatste drie jaar vijf kabinetten gehad, allemaal onder het premierschap van sjeik Nasser al-Mohammad al-Sabah, neef van de emir. Beschuldigingen van de zijde van parlementariërs van corruptie en wangedrag tegen ministers leidden steeds weer tot een impasse, die eindigden in het aftreden van het kabinet. Volgens sommige analisten zou het kabinet een motie van wantrouwen waarschijnlijk wel overleven. Maar het probleem is dat de familie-Al-Sabah een dergelijke stemming tot dusverre principieel weigert en in plaats daarvan haar toevlucht zoekt in nieuwe verkiezingen. (Reuters, AFP)