Juichen voor Spree en Berger, stilte voor Osendarp

Piet van Mook beschrijft hoe het publiek tijdens een sportdag in mei 1944 kans zag openlijk tegen de bezetter te demonstreren (Opinie & Debat, 9 mei). Dat gebeurde door te joelen en te fluiten als de Nederlandse nazi Osendarp zich aandiende bij het hardlopen.

Zoiets heb ik tijdens de bezetting ook meegemaakt bij de nationale kampioenschappen atletiek in Eindhoven. Een (zo niet hét) hoogtepunt was de 100 meter hardlopen voor heren, althans mannen. Tinus Osendarp was er ook bij. Zijn enige serieuze concurrent was Albert Spree. Van de series werden de uitslagen omgeroepen en voor iedere winnaar werd hartelijk geklapt. Maar als Osendarp als winnaar genoemd werd, viel er een absolute stilte. Spree won uiteindelijk de finale, er kwam haast geen eind aan het gejuich. Pas toen de omroeper er weer bovenuit kon komen, viel er bij de naam Osendarp weer een diepe stilte, gevolgd door nieuw gejubel ter ere van Berger, de nummer drie.

Maar Osendarp is nooit `wereldkampioen hardlopen` geweest, zoals Van Mook schrijft. Zijn beste prestatie was de derde plaats op de honderd meter bij de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn, na de winnaar Jesse Owens en nog een andere Amerikaanse zwarte man. Hij was toen wel de snelste blanke ter wereld, zoals men hier met trots zei, en toen ook nog een waardige vertegenwoordiger van ons land.

J. van Donselaar Bilthoven