Kunstbeurs als een atelier

Vertrekkend directeur Anneke Oele van Art A’dam wilde dat het op de beurs weer echt over kunst gaat.

Dat is gelukt. Elke galerie maakte een solopresentatie.

Drie presentaties op Art Amsterdam. Bovenaan galerie Mokum dat werk toont van schilder Annemarie Busschers, daaronder galerie Witteveen met werk van fotograaf Wout Berger, en galerie Delaive met werk van de Japanse kunstenaar Ayako Rokkaku (deze foto). Foto’s Vincent Mentzel Evenals vorig jaar ook nu weer aanwezig bij Galerie Delaive, de Japanse kunstenares Ayako ROKKAKU bij Galerie Delaive op Art Amsterdam_2009. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Nederland. Amsterdam, 13 mei 2009 Mentzel, Vincent

Galeriehoudster Leyla Akinci drentelt wat rond voor haar stand op Art Amsterdam. Een tafel om achter te zitten heeft ze niet, want haar hele expositieruimte is omgetoverd tot duister videolokaal. Daar draait continu dezelfde, zeventien minuten durende film – Manifest Destiny van het duo Persijn Broersen en Margit Lukács. „Eigenlijk is het van de zotte om een film op een kunstbeurs te tonen”, lacht Akinci. „Het vergt veel aandacht van de toeschouwer.” Bovendien: een film verkoop je niet zo gauw aan de gemiddelde kunstkoper die iets zoekt voor boven de bank.

Dat Galerie Akinci toch zo’n gewaagde presentatie heeft willen maken, heeft twee redenen. Art Amsterdam, de kunstbeurs die vroeger KunstRAI heette, viert dit jaar zijn 25-jarig jubileum. En directeur Anneke Oele, die in de afgelopen zeven jaar het niveau van de beurs flink omhoog heeft geschroefd, neemt na deze editie afscheid. Daarom vroeg Oele dit jaar aan alle 120 deelnemende galeries om ten minste 25 vierkante meter van hun stand in te ruimen voor een solopresentatie. „Het moest weer om kunst gaan”, zei Oele gisteren op de opening.

Dat alle galeries gehoor hebben gegeven aan Oele’s oproep mag gerust een unicum worden genoemd. Want juist in deze economisch onzekere tijden zullen veel galeriehouders hun risico liever spreiden door op verschillende kunstenaars te wedden. Er was in het begin ook best wat weerstand tegen het idee, vertelt galeriehouder Ron Mandos. „Het werd vreemd gevonden dat een beursdirecteur bepaalde wat wij moesten laten zien. Daarbij was de vorige Art Amsterdam nogal teleurstellend. Het was toen heel mooi weer en er kwam geen kip.” Toch gingen alle deelnemers overstag.

Voor de bezoeker zijn al die solopresentaties een verademing. Anders dan op andere kunstbeurzen, waar de koopwaar je als in een winkelstraat tegemoet schreeuwt, is deze Art Amsterdam een toonbeeld van rust. In sommige stands hangen slechts drie of vier schilderijen, of staat één enkel beeld. Vooral bij de grotere galeries krijgen de ruimtes daardoor een haast museale allure. Zoals bij Willy Schoots, waar Armando mocht uitpakken met een groots overzicht van sculpturen en schilderijen.

Andere presentaties zijn juist zo intiem dat je het gevoel krijgt dat je het atelier van de kunstenaar bent binnengestapt. Bij Ellen de Bruijne heeft de Russische fotografe Ksenia Galiaeva een mooie serie kiekjes van een reis naar haar geboorteland met spelden aan de muur geprikt. En bij Galerie Roger Katwijk liet de Engelse kunstenaar John O’Caroll de vloerbedekking weghalen. De kale, met verfspetters en plakband bezaaide vloer van de beurshal deed hem denken aan zijn werkruimte thuis.

Een groot voordeel is ook dat er nog nooit zoveel nieuw werk op Art Amsterdam heeft gehangen. Veel kunstenaars hebben tot vlak voor de opening gewerkt aan ‘hun’ tentoonstelling. Bij Galerie Delaive staan de potten roze en oranje verf waarmee de Japanse Ayako Rokkaku venijnige meisjes op de muur heeft geschilderd nog op de grond, alsof ze ieder moment weer aan de slag kan gaan. Zo zijn er meer kunstenaars die hun best hebben gedaan op muurschilderingen – alsof verkoopbaarheid even minder van belang is.

Galeriehoudster Diana Stigter, die nieuw werk laat zien van de jonge schilder Helen Verhoeven, denkt dit jaar „ongetwijfeld minder te zullen verkopen”. Het is toch een gok, vindt ook zij, zo’n keuze voor één kunstenaar. Maar, zegt ze, „misschien is er juist in deze tijd van economische crisis wel meer behoefte aan inhoudelijkheid, aan diepte.” Normaal had Stigter wellicht maar een of twee doeken van Verhoeven laten zien, nu staan in de galerie ook haar wonderlijke nieuwe sculpturen, een soort poppen gemaakt van kapot geknipte schilderijen. Stigter: „Zo krijgt de bezoeker toch een breder beeld van de kunstenaar.”

Veel indruk maakt de installatie van Marcel van Eeden bij de Wetering Galerie. Van Eeden schilderde een werk van de Amerikaanse kunstenaar Franz Kline na op de muur, een expressieve compositie van zwarte verfstreken. Daarop hing hij zijn eigen kleine schilderijtjes en tekeningen, die weer odes vormen aan de minder bekende helden van het modernisme.

Vorig jaar had de Wetering Galerie ook al zo’n ruime solostand. „Dat is toen goed bevallen”, zegt galeriehouder Michiel Hennus. „We hebben niet minder verkocht, integendeel. Ook na de beurs was er nog veel belangstelling. Je kunt op deze manier een kunstenaar echt even neerzetten.”

In de galerie van Fons Welters vergeet je zelfs even helemaal dat je op een kunstbeurs rondloopt. De ruimte, die door de Litouwse kunstenaar Zilvinas Landzbergas van top tot teen bekleed werd met nepmarmer, doet eerder denken aan een crematorium. Met een namaak open haard en imitatieolielampjes wordt een sfeer van luxe opgeroepen, maar in werkelijkheid is alles van goedkoop spul gemaakt. „Echte Oostblokkunst”, grinnikt Welters. „Ik heb het werk al omgedoopt tot recessiestand.”

beurs

Art Amsterdam, t/m zondag in Amsterdam RAI. artamsterdam.nl