Chinezen snuffelen aan Nederlandse breedtesport

Zo vanzelfsprekend als breedtesport in Nederland is, zo ongewoon is dat in China. Dat gaat wellicht veranderen. Een delegatie keek rond. Contributie? Nooit van gehoord.

Leden van de Chinese regeringsdelegatie op bezoek bij de Haagse hockeyvereniging HDM. Foto Bas Czerwinski 09-05-2009, Den Haag. Chinese delegatie op bezoek bij Hockey Club HDM. Foto Bas Czerwinski Czerwinski, Bas

Je pakt de sporttas, fietst naar de sporthal of het sportveld voor een training of om een wedstrijd te spelen. Na afloop douchen en wat drinken in de kantine. Een normaal en herkenbaar beeld voor miljoenen mensen. Breedtesport, in Nederland een niet meer weg te denken sociaal-maatschappelijk fenomeen.

Hoe anders is dat in China, het land dat de Olympische Spelen organisatorisch naar een hoger niveau tilde, maar waar het merendeel van de 1,3 miljard inwoners zelden in clubverband recreatief een pingpongballetje slaat. Als het aan de centrale regering ligt, komt daar verandering in. China heeft de breedtesport ontdekt. En Nederland geldt als een voorbeeld.

De succesvolle Spelen in Peking dwongen de overheid na te denken over sportontwikkeling. De flow mocht niet verdampen. Tot de initiatieven behoort het publiceren van een wettelijke regeling die sports for all moet promoten, maar vooral organisatorisch vorm moet geven. Maar waar begin je in dat immense land zonder breedtesportgeschiedenis? Met snuffelen in het buitenland. Onder meer in Nederland, waar een regeringsdelegatie afgelopen weekeinde alles over breedtesport wilde weten. Het betrof een tegenbezoek van een werkbezoek dat staatssecretaris van Sport, Jet Bussemaker, vorig jaar aan China bracht.

Met bezoeken aan sportkoepel NOC*NSF en het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen nam de delegatie in Rotterdam kennis van de breedtesport op lokaal niveau en werd in Den Haag rondgekeken bij een landelijke proeftuin voor sport. In dit geval de hockeyclub HDM, een partner van Stichting De Sportbank waarin zes Haagse sportverenigingen met verschillende sociaal-culturele achtergronden samenwerken.

Directeur Louk Burgers van De Sportbank ervoer dat de Chinezen nadrukkelijk uit waren op fact finding, want hij vond ze geïnteresseerd en leergierig. „Ze wilden het naadje van de kous weten, dat merkte je aan de vragen. Wat is de rol van de overheid? Wat is de wettelijke grondslag? Hoe wordt een club gerund? En vooral: hoe wordt alles bekostigd? Het was voor hen een eyeopener te horen dat elk lid contributie betaalt en dat managementtaken bij een club door vrijwilligers worden uitgevoerd. Ze waren verbaasd dat een club vrijwel zonder overheidssteun draaiende wordt gehouden. Begrijpelijk in een land waar de sport niet privaat georganiseerd is.”

Voor Pieter Versteegh was de ontmoeting met de delegatie een klein feest der herkenning, omdat hij als hockeytrainer in China heeft gewerkt. De succesvolle oud-mannencoach van HDM was rond de Spelen van Sydney (2000) betrokken bij het nationale vrouwenteam. Het werd Versteegh duidelijk dat de Chinezen niet alleen sportieve drijfveren hebben, maar dat breedtesport ook als middel wordt gezien obesitas bij kinderen tegen te gaan en het gamen te ontmoedigen. Versteegh: „De één-kind-politiek heeft tot veel verwende en moddervette kinderen geleid. Ook de Chinezen erkennen dat probleem. Verder zijn er economische motieven. Met de ontwikkeling van breedtesport kan een nieuwe arbeidsmarkt aangeboord worden.”

Versteegh vraagt zich af hoe in China breedtesport vorm moet krijgen, omdat het systeem van verenigingen en competities onbekend is. Er wordt lokaal of op bedrijfsniveau wel wat geregeld en via internet zijn er initiatieven voor kleine toernooien, maar dat is het wel. Versteegh: „Ik heb er een zaalhockeycompetitie opgezet. Maar door gebrek aan kader werd het een kortstondig project. Het wordt een gigantische klus breedtesport in China nationaal te organiseren. Maar als het een besluit van het politbureau is, dan komt het op termijn wel goed. Laten we wel wezen, alle Chinezen hebben te eten en krijgen onderwijs. Ook dat is een enorme prestatie.”

In samenspraak met HDM en De Sportbank werd afgelopen weekeinde alvast een afspraak gemaakt over stageplekken voor Chinese sporters. Het voorstel is een aantal goede Engels sprekende hockeysters bij HDM te laten stallen en die een cursus breedtesportmanagement te laten volgen. Zij moeten dan een kleine aanzet geven met, wie weet, groot resultaat.

    • Henk Stouwdam