Tol van Afghanistan

Het Afghanistanbeleid van president Obama begint carrières te breken. Maandag is generaal McKiernan ontslagen als commandant van de Amerikaanse troepen. Volgens minister Gates (Defensie) is in Afghanistan en Pakistan dringend behoefte aan een „frisse blik”.

Strikt genomen was McKiernan nog fris. Hij voerde amper een jaar het bevel in Afghanistan. Zijn conventionele oorlogsvoering werd echter ouderwets gevonden. Bovendien was er onenigheid over getallen en dus over geld. McKiernan wenste er 30.000 soldaten bij, Obama wil zich beperken tot circa 20.000 extra militairen. De president hoopt dat gerichter operaties effect zullen sorteren. McKiernan wordt daarom vervangen door luitenant-generaal McChrystal. Die heeft ervaring opgedaan bij de ‘special forces’ en is vertrouweling van viersterrengeneraal Petraeus, die alle Amerikaanse troepen van Egypte tot aan Pakistan leidt.

Volgens The New York Times is het voor het eerst in bijna zestig jaar dat een commandant te velde uit zijn functie wordt ontheven. President Truman deed dat in 1951 voor het laatst met generaal MacArthur na een conflict over de oorlog in Korea. De wisseling van de wacht in Afghanistan heeft meer weg van een soort zuivering dan van personeelsbeleid. Het dondert kennelijk in het Pentagon. Dat zou ook begrijpelijk zijn. Want de politieke en militaire omstandigheden in Afghanistan en Pakistan (‘AfPak’) escaleren snel. De oorlog dijt steeds verder uit. Om te voorkomen dat Islamabad onder vuur komt, is de Pakistaanse krijgsmacht bezig met een tegenoffensief in de Swat-vallei, waar de Talibaan de dienst uitmaken. Een stroom van circa 1,3 miljoen vluchtelingen is daarvan een neveneffect, zonder dat de militaire oplossing in zicht komt.

Volgens de Nederlandse commandant der strijdkrachten is die zorg over AfPak overdreven, „Ik zal niet zeggen dat het allemaal gloria en halleluja is, maar we moeten wel met een reële blik naar Pakistan kijken”, zei generaal Van Uhm in deze krant. Uruzgan is een voorbeeld hoe het ook anders kan. „De vooruitgang is gigantisch. Ik denk dat men begint te beseffen dat onze aanpak de juiste is.” Dat de VS nu ook kiezen voor een strategie die zowel militair als civiel is, lijkt zijn mening te bevestigen. Maar het is inderdaad nog te vroeg voor halleluja.

De nieuwe Amerikaanse aanpak is vooralsnog gebaseerd op de ervaringen met de contraguerrilla die Petraeus in Irak heeft gevoerd. Die ‘counter-insurgency’ heeft enig succes geboekt. Maar de resultaten moeten niet worden overdreven. Nu dit jaar verkiezingen in Irak zijn en zich dus een moment van hernieuwde politieke machtsvorming aandient, laait het geweld er weer op.

Er is geen reden aan te nemen dat het in Afghanistan, waar ook verkiezingen op de agenda staan, totaal anders zal gaan. Militaire operaties tegen de Talibaan, overdracht van taken aan lokale militairen en politie en civiele ontwikkelingsprojecten kunnen de veiligheid zeker bevorderen. Maar uiteindelijk is de pacificatie van het land een politieke kwestie.