Gordon en de homo's uit café De Drie Apen

Als we de Kaukasus en Israël meerekenen, telt Europa 51 landen waarvan Nederland de soevereiniteit erkent. Slechts 9 daarvan doen deze week niet mee aan het Eurovisiesongfestival in Moskou. Vaticaanstad en Liechtenstein hebben dat nooit gedaan, de vier voormalige winnaars Italië, Oostenrijk, Luxemburg en Monaco passen al een tijdje om hen moverende redenen, net als dit jaar San Marino. Kosovo is nog geen lid van de European Broadcasting Union (EBU) en Georgië trok zich terug, nadat de inzending I Don't Wanna Put In werd geweigerd omdat het liedje een politieke strekking zou hebben.

Sinds gisteren dreigt Nederland zich als tiende land terug te trekken en zelfs de finale zaterdag niet uit te zenden, als een geplande demonstratie voor rechten van homoseksuelen diezelfde dag door de Moskouse politie met geweld zou worden beëindigd. Hoewel dit feit zich nog niet heeft voorgedaan, loopt de zaak al hoog op. Eerst zei Gordon, een van de drie Nederlandse zangers die onder de naam De Toppers dit jaar de nationale driekleur verdedigen, dat hij niet het podium zou betreden als Rusland de rechten van zijn „soort mensen” schendt. Minister Plasterk (Cultuur) beloofde daarna de Tweede Kamer de zaak op te nemen met zijn Russische ambtsgenoot en met Gordon. Ten slotte zag ook NOS-directeur Gerard Dielessen mogelijk een situatie ontstaan die tot heroverweging van deelname en uitzending leidt.

Nu zal niemand ontkennen dat er een intrinsieke relatie is tussen songfestival en homoseksuelen. Maar in de meeste landen is dat verband niet zo expliciet. Toen twee jaar geleden de evident lesbische Marija Šerifovic won voor Servië, kwam ze niet uit de kast. Voor het NOS Journaal bezocht correspondente Kysia Hekster gisteren het Moskouse homocafé De Drie Apen, waar de meeste bezoekers fel gekant waren tegen de demonstratie van zaterdag, omdat die hun meer problemen dan voordelen zou opleveren. Een van hen suggereerde zelfs dat die het initiatief zou zijn van betaalde provocateurs.

Maar Nederland staat pal voor de eigen opvattingen, zo rechtlijnig als een polderweg. Misschien is er daarom ook zo weinig affiniteit met de dubbelzinnigheid en de charade die van IJsland tot Cyprus en van Andorra tot Azerbajdzjan wel wordt herkend en gevierd op het jaarlijkse festijn. De in Nederland meest gehoorde kritiek op het Songfestival is dat het geen serieus evenement is.

Grote landen als Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk schakelden dit jaar coryfeeën in als Patricia Kaas en componist Andrew Lloyd Webber. Nederland waarschuwt daarentegen Rusland voor de laatste keer. Waarschijnlijk halen we die finale niet eens.