Leven onder Stalin

  De dichter en schrijver Joeri Fidelgolts (1927) vertelde me onlangs zijn levensverhaal. ,,In 1948 studeerde ik aan de toneelschool”, vertelt hij. ,,Ik had in die tijd een vriend, Valentin Sokolov, een soldaat. Hij droeg gedichten voor aan zijn mede-soldaten, waarin hij zich kritisch uitliet  over het Sovjet-regime. Zo schreef hij zinnen als ‘neuk het

 

recruteren.jpgDe dichter en schrijver Joeri Fidelgolts (1927) vertelde me onlangs zijn levensverhaal.

,,In 1948 studeerde ik aan de toneelschool”, vertelt hij. ,,Ik had in die tijd een vriend, Valentin Sokolov, een soldaat. Hij droeg gedichten voor aan zijn mede-soldaten, waarin hij zich kritisch uitliet  over het Sovjet-regime. Zo schreef hij zinnen als ‘neuk het Sovjet-schaap’. Hij werd gearresteerd op beschuldiging van anti-sovjetagitatie. Tijdens zijn verhoor verzon hij dat hij deel uitmaakte van een organisatie, waartoe ook ik en een andere vriend zouden behoren. Ik werd dan ook gearresteerd. Tijdens de huiszoeking lazen ze mijn dagboeken, waarin ook kritische gedichten stonden, zoals dat over de uitzetting van Anna Achmatova en Michail Zostsjenko uit de Schrijversbond in 1946. Ik werd door een militair tribunaal veroordeeld tot tien jaar kamp en vijf jaar ontneming van alle burgerrechten. Sokolov zelf zou in totaal dertig jaar in een kamp doorbrengen. Hij is in 1982 in en psychiatrisch ziekenhuis aan een hartaanval gestorven, nadat ze hem een elektroshock hadden gegeven.”

Fidelgolts kreeg in de Boetyrki-gevangenis bezoek van zijn vader, een beroemde joodse neuropatholooog, die hem vertelde over de arrestatie van de leden van het Jiddische Staatstheater in Moskou en de raadselachtige dood van de leider van dat gezelschap, de populaire Salomon Michoëls, die zoals later bleek in opdracht van Stalin was vermoord. Het was de opmaat voor een nieuwe terreurgolf, die zich dit keer tegen vooraanstaande joodse artsen zou richten, die ervan werden verdacht Stalin te hebben willen vergiftigen. ,,Na mijn arrestatie wilden ze mijn vader uit de Partij zetten, maar de beroemde communiste Jekaterina Foertseva heeft dat tegengehouden, omdat ze mijn vader een mooie man vond. Toen het artsenproces eenmaal bezig was vroegen ze mijn vader op een vriendelijke manier om terug te treden eenmaal.”

Zelf zat Fidelgolts toen al in een kamp in Kolyma, in de poolcirkel. Hij werd er tewerkgesteld in een metaalverrijkingsfabriek. Op zijn rug prijkte zijn kampnummer: 396. ,,Ik liep er tuberculose op”, zegt hij. ,,Na mijn vrijlating in 1954 was mijn gezondheid geruïneerd. Tot na mijn rehabilitatie in 1962 ben ik acht keer geopereerd.”

Tot in 1956 zijn verbanning eindigde en hij weer naar Moskou terug mocht, werkte hij in provinciesteden als acteur. ,,Ik kende het hele socialistisch-realistische repertoire en weet perfect hoe ik een partijleider moet spelen.”

Eenmaal in Moskou stopte hij met acteren en studeerde hij voor mijnbouwkundig ingenieur. Na de val van de Sovjet-Unie werd hij hoofd van de regionale afdeling voor rehabilitatie van Memorial. ,,Memorial is een geweldige organisatie. De Russische staat doet niets voor ons. Bij Memorial komen nu vooral kinderen van de slachtoffers van de Stalinterreur bijeen. Van de eerstegraads vervolgden leven er nog maar een paar. Soms zeggen we tegen elkaar dat we aan het uitsterven zijn, als een zeldzame soort.”