Engel des doods of nazislachtoffer?

Na maanden van juridisch getouwtrek is de van oorlogsmisdaden verdachte Demjanjuk in Duitsland geland. Het wordt wellicht het laatste grote naziproces.

John Demjanjuk wordt in een rolstoel naar het vliegtuig gebracht, gisteravond op een luchthaven in Cleveland in het Amerikaanse Ohio. (Foto AP) John Demjanjuk is helped into a wheelchair before boarding a plane Monday, May 11, 2009, at Burke Lakefront Airport in Cleveland. Demjanjuk received a notice to surrender three days ago and is accused of 29,000 counts of accessory to murder at the Sobibor death camp in Nazi-occupied Poland. (AP Photo/Tony Dejak) Associated Press

‘Hiwi’s’ werden ze genoemd, Hilfswillige. Voormalige krijgsgevangenen die de nazi’s maar al te graag wilden helpen, doorgaans om hun eigen hachje te redden. Hun hulp bestond uit het doden van mensen. Ze waren de knechten van de SS; de handlangers van de dood.

De geboren Oekraïner John – voorheen Iwan – Demjanjuk (89) zou zo iemand zijn geweest. Vanmorgen is hij in München aangekomen, nadat hij na maandenlang juridisch getouwtrek door de Verenigde Staten was uitgewezen. Het kantongerecht van de Beierse hoofdstad heeft een arrestatiebevel tegen Demjanjuk uitgevaardigd. De Duitse justitie legt hem hulp bij meervoudige moord ten laste, een beschuldiging die Demjanjuk afwijst.

De ‘Hilfswillige’ Demjanjuk zou tussen maart en september 1943 bewaker zijn geweest in Sobibor, een Duits vernietigingskamp in het bezette Polen waar naar schatting 150.000 tot 250.000 Joden zijn omgebracht. Demjanjuk zou in zijn tijd in Sobibor hulp hebben geboden bij de moord op 29.000 mensen.

Waaruit het werk van ‘Hiwi’s’ kon bestaan, beschrijft de Poolse Danuta Czech, aangehaald in Das Echolot, een collectief oorlogsdagboek verzameld door de Duitse schrijver Walter Kempowski: „De kampleiding [van Auschwitz-Birkenau, red.] verordonneert een algemeen appel in het vrouwenkamp van Birkenau, dat om half vier ’s ochtends begint. Alle vrouwelijke gevangenen worden op een veld gedreven waar ze, ontoereikend gekleed en zonder voedsel, tot vijf uur ’s middags in de sneeuw worden vastgehouden. De terugweg moeten ze in looppas afleggen. Bij de kamppoort staan SS’ers en helpers die de terugkerende gevangenen met knuppels opjagen. Degenen die niet kunnen lopen, die te oud of te zwak zijn, worden opgepakt en naar de gaskamers overgebracht”.

Tractorrijder Iwan Demjanjuk wordt in 1940 opgeroepen om dienst te doen in het Rode Leger. In 1942 belandt hij in Duitse krijgsgevangenschap. De omstandigheden waaronder krijgsgevangenen van het Sovjetleger werden vastgehouden, waren verschrikkelijk. Om te overleven kozen sommigen ervoor met de nazi’s samen te werken: als Hilfswillige, ook wel ‘Fremdvölkische’ genoemd.

Ze werden in concentratiekampen tewerk gesteld, droegen afgedragen uniformen, kregen kost en inwoning plus een zakcentje en hadden als wapen een zweep, een knuppel en eventueel een oud geweer. Ze werden door de nazi’s belast met het smerigste deel van het vuile werk: de feitelijke uitvoering van de volkenmoord.

Demjanjuk krijgt zijn opleiding in het SS-kamp Trawniki, eveneens in Polen. Daarna zou hij in verschillende concentratie- en vernietigingskampen hebben gewerkt, waaronder Sobibor. In mei 1945 meldt hij zich bij de Amerikanen en belandt in een kamp voor ontheemden. In 1952 emigreert Iwan Demjanjuk naar Amerika, waar hij sindsdien woont en zich John noemt.

Eind jaren ’70 wordt hij ervan beschuldigd ‘Iwan de Verschrikkelijke’ te zijn, de meest sadistische bewaker van het vernietigingskamp Treblinka. Demjanjuk wordt uitgeleverd aan Israël, waar hij terechtstaat en in 1988 ter dood wordt veroordeeld. Maar het vonnis wordt in hoger beroep wegens gebrek aan bewijs ongedaan gemaakt. Hij keert terug naar de VS, waar enkele jaren later een nieuw proces tegen hem begint. Zijn Amerikaanse staatsburgerschap raakt hij kwijt.

Na een langdurig juridisch steekspel is hij nu naar Duitsland overgebracht. Vanmorgen rond kwart over negen landde John Demjanjuk in een speciaal toestel op het vliegveld van München. Als hij gezond genoeg is, kan een van de laatste grote naziprocessen in de Bondsrepubliek beginnen.

Een van de meest gestelde vragen luidt: moet een 89-jarige, misschien zieke man nog wel worden berecht? Is het gesleep met een hoogbejaarde nog wel menselijk te noemen? Charlotte Knobloch, voorzitster van de Centrale Raad van Joden in Duitsland, is stellig: „Hij moet voor de rechter komen. Een misdaad waaraan Demjanjuk zich als handlanger van de nazi’s schuldig kan hebben gemaakt, verjaart niet. Het gaat niet om wraak, het gaat om gerechtigheid”.

Thomas Blatt (82), een Jood die Sobibor overleefde, naar Amerika emigreerde en later zijn ervaringen te boek stelde in From the Ashes of Sobibor, wordt waarschijnlijk als kroongetuige naar München gehaald. Hij zei onlangs: „Demjanjuk was het ergst van allemaal; een engel des doods. Ik wil hem in de ogen kijken. Ik wil meemaken hoe hij veroordeeld wordt”. In de Bondsrepubliek zijn elf kampbewakers uit Sobibor voor de rechter gekomen. De bekendste van hen is Franz Stangl, de commandant van het vernietigingskamp. Hij kreeg in 1970 levenslang; in 1971 overleed hij.

De Duitse publicist Henryk M. Broder is in Duitsland een van de meest uitgesproken tegenstanders van een proces tegen Demjanjuk. „De Holocaust is uitvoerig genoeg gedocumenteerd”, schreef hij laatst. „Wat van het Derde Rijk overblijft, zijn ‘human touch’-verhalen, zoals De Voorlezer.” De Holocaust wordt „getrivialiseerd”, aldus Broder, en daaraan zou ook de Duitse justitie meewerken met het Demjanjuk-proces.