Somalische piraat: misschien tijd voor wat anders

Waar een internationale armada een moeizame strijd voert, boeken plaatselijke geestelijken en sjeiks mogelijk meer succes: zij doen de piraten uit Somalië overwegen om de doodshoofdvlag te strijken.

Abshir Boyah, een beruchte piratenbaas in Puntland, in het semi-autonome noorden van Somalië, overlegt met de lokale autoriteiten over een alternatief voor het piratenbestaan. „Misschien is het tijd voor wat anders”, zei Boyah tegen The New York Times.

Boyah (43) claimt dat hij wel vijfentwintig schepen heeft gekaapt en dat hij lid is van een geheimzinnige piratenraad, genaamd ‘De Corporatie’. Boyah verruilde naar eigen zeggen medio jaren negentig een bestaan als visser voor dat van piraat omdat buitenlandse trawlers gebruikmaakten van de wetteloosheid op het vasteland door de zeeën bij Somalië leeg te vissen. Een argument dat veel piraten aanvoeren.

De royale inkomsten van de piraten – wel 100 miljoen dollar in anderhalf jaar, deels doorgesluisd naar en belegd in Kenia – zorgt voor excessen die steeds meer weerstand wekken onder de bevolking. De piraten gaan zich te buiten aan drank, onwelkom in het islamitische Somalië. „De piraten verpesten onze samenleving”, zegt de president van Puntland. Predikers houden vrouwen in de moskee voor geen piraat te huwen. Op een parkeerplaats in Garoowe, de hoofdstad van Puntland, hangen bordjes: ‘Verboden voor piraten’.

Boyah is bereid uit de piraterij te stappen, mits de overheid alternatieve banen creëert voor ‘zijn’ jongens. Ook speelt een ander motief mee: angst voor straf. Boyah, gezeten achter een bord met kamelenvlees en spaghetti: „Man, die islamitische lui willen mijn handen afhakken.”