Nézet-Séguin is stout, heel erg stout

Klassiek Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Yannick Nézet-Séguin m.m.v. Stephen Kovacevich, piano. Gehoord: 8/5 Concertgebouw Amsterdam. ***

Stout, heel erg stout, was Yannick Nézet-Séguin, de nieuwe chef-dirigent van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, tijdens zijn Amsterdamse debuut. Mozarts Pianoconcert nr 24 KV 491, met Stephen Kovacevich als solist, spotte met ongeveer alle gebruikelijke stilistische opvattingen uit heden en verleden.

Consistentie was geheel afgeschaft. Mozarts noten klonken tussen een extreem dramatisch fortissimo en een zeldzaam epaterend pianissimo als een reeks variaties in de sfeer van de 19de eeuwse romantiek, van vroeg-romantiek via hoog-romantiek tot laat-romantiek. Het concert was er dan ook één in de serie ‘Het romantisch soloconcert’. De 18de eeuwse Mozart werd behandeld op de manier waarop grote dirigenten en solisten, zoals Mahler en Horowitz, de muziek naar hun hand zetten.

Het was met ook nog vleugjes Beethoven en Brahms een eerder verbazingwekkende dan overtuigende provocatie. Die tartte de ‘authentieke’ muziekpraktijk, waarvan de principes sinds Nikolaus Harnoncourt ook het op moderne instrumenten spelende symfonieorkest voor een groot deel zijn gaan beheersen. Een complete verrassing was dit alles niet. De jonge Canadees Nézet-Séguin (1975) heeft sterke eigen opvattingen en leidde vorig jaar in Rotterdam een Matthäus Passion met een mix van stijlen, grote dynamische contrasten en een sterke ritmische bewogenheid. Zijn ondogmatische houding pookt in ieder geval het stilistische debat weer eens flink op.

De omlijstende muziek had al eerder in voortreffelijke en zeer beeldende uitvoeringen geklonken in de Rotterdamse Doelen. Ravels Ma mère l’Oye was opnieuw sprookjesachtig, wuft en geacheveerd, als suizelende zwoele zuchtjes zomerwind die op Proustiaanse wijze magische herinneringen opriepen aan een ver verleden.

Berlioz’ Symphonie fantastique, autobiografisch avantgardisme uit 1830 dat met zijn overvloed aan persoonlijke emoties al vooruitliep op Strauss en Mahler, was sterk gepassioneerd, effectvol en overrompelend.

    • Kasper Jansen