Een Twentse tycoon die mensen aan het werk zet

Van schoonmaker tot baas van uitgever Wegener. Joop Munsterman schopte het ver. Ook met FC Twente, als tweede geëindigd in de eredivisie en zondag in de bekerfinale.

Voorzitter Munsterman (rechts) en trainer McClaren vieren FC Twentes kwalificatie voor de voorronde van de Champions League, na de zege op AZ vorige week. Foto Eric Brinkhorst Twente-AZ ©foto eric brinkhorst Twente-AZ Trainer Steve McClaren en Voorzitter Joop Munsterman ©foto eric brinkhorst Brinkhorst, Eric

Als supporters in het stadion You’ll never walk alone zingen, krijgt FC-Twente-voorzitter Joop Munsterman (58) steevast een brok in zijn keel. De saamhorigheid die er uit spreekt, ontroert hem.

Munsterman mag de naam hebben een harde saneerder te zijn, hij kan goed met mensen overweg. Elke zaterdag is hij op het trainingscomplex van FC Twente. Hij maakt een praatje met spelers, informeert naar blessures, naar de voorbereidingen voor de wedstrijd. „Hij geeft ze zo het warme gevoel dat je eigenlijk alleen nog maar bij amateurclubs vindt”, zegt oud-voetballer Jan van Halst.

Vorige maand verscheen Munsterman op de uitvaart van een plotseling overleden journalist van de Stentor, een dagblad van Wegener, de uitgeverij waaraan Munsterman sinds vorig jaar leiding geeft. Hij kende de man noch zijn familie persoonlijk, maar vond dat-ie er bij moest zijn – collega’s waren zó van slag.

Van schoonmaker tot chief executive officer (ceo), bij hetzelfde bedrijf. Dat is de carrière van Joop Munsterman, geboren Enschedeër, inwoner van Hengelo. Hij ging in 1967 aan de slag bij Van der Loeff, uitgever van dagblad Tubantia, die is opgegaan in Wegener. Wegener is de grootste uitgever van regionale dagbladen en huis-aan-huiskranten in Nederland, en sinds oktober 2007 voor 87 procent in handen van de Britse investeringsmaatschappij Mecom.

Mensen die met Munsterman te maken hebben of hadden, noemen hem attent, pragmatisch, een man met visie. Anderen vinden hem onbetrouwbaar en meedogenloos. Munsterman, Monsterman. Soms moet je vijftien man ontslaan om er vijfhonderd aan het werk te houden, is zijn redenering. „Saneren doe je om een bedrijf, een club te laten overleven”, zei hij in een interview met Elsevier (2008).

„Een harde saneerder? Ik kan me er niets bij voorstellen”, zegt Van Halst, manager commerciële zaken van FC Twente. Munsterman is sinds 2004 voorzitter en hielp de voetbalclub uit een diep dal. Nu floreert Twente: de club eindigde als tweede in de eredivisie en mag, voor de tweede keer op rij, meedoen in de voorronde van de Champions League. Het was vorige week groot feest in stadion Grolsch Veste. Veel bloemen, een rode loper. Trainer Steve McClaren werd op de schouders rondgedragen, Munsterman was zichtbaar geëmotioneerd. Komende zondag speelt FC Twente de bekerfinale.

Van Halst beschrijft Munsterman als inspirator, die zijn eigen passie ook verwacht van de mensen met wie hij samenwerkt. Van Halst: „Daarom klikt het tussen ons. We zijn vrienden geworden.”

Jos van Rijsingen, voorzitter van de centrale ondernemingsraad van Wegener, zegt: „Hij zoekt mensen om zich heen die snappen wat hij bedoelt, waar hij heen wil.”

Munsterman huldigt de principes van het ‘situationele leiderschap’. Je hebt mensen die gemotiveerd zijn en bekwaam. Die moet je koesteren, ruimte geven. Je hebt mensen die bereid zijn, maar onbekwaam. Hun kun je wat leren. Mensen die niet bereid zijn – van hen neem je afscheid, is zijn visie.

Mediaondernemer Gerard Driehuis, oud-hoofdredacteur en -directeur van dagblad de Twentsche Courant Tubantia, laat zich minder vleiend uit over de Wegener-topman: „Als je aan zijn kant staat, hem steunt, dan gaat het goed met je. Maar hij is meedogenloos voor mensen die kritiek op hem hebben. Wij liggen elkaar niet. Let wel, ik heb respect voor de manier waarop hij van een zo goed als failliet FC Twente een topclub heeft gemaakt. En als de Britse investeringmaatschappij Mecom en Wegener overleven, dan is dat vast ook helemaal zijn verdienste. Maar de vraag is of je dat allemaal moet willen bereiken door over lijken te gaan. Het doel heiligt bij hem alle middelen. Er is bij hem geen ruimte voor een tweede mening.”

Zijn benoeming tot ceo verliep niet probleemloos. Twee van de drie commissarissen waren het niet eens met de voordracht. Munsterman zou niet in staat zijn mensen te binden, en dat vonden ze wel nodig met een reorganisatie ophanden die vier- tot vijfhonderd banen zou kosten. Toenmalig commissaris Han Noten – hij stapte op wegens de benoeming van Munsterman – vond hem niet geschikt voor de functie. „Waarom niet? Daar ga ik niet op in.” Ook commissaris Jaap Vink (oud-topman van voedingsconcern CSM) vertrok. Zij zagen in hem kennelijk toch niet zo’n ‘mensenmens’.

Als huis-aan-huiskrantenman geniet hij niet vanzelfsprekend het vertrouwen van de dagbladredacties, weet Thomas Bruning, algemeen secretaris van journalistenvakbond NVJ. Munsterman maakte in diverse regio’s van verliesgevende huis-aan-huisbladen rendabele kranten. Niet alleen door grondig saneren, maar ook door de eigen dagbladen tot „vijand” te maken: daar vechten we tegen. Hij stelde voorzichtige begrotingen op die altijd werden gehaald. Die aanpak maakte medewerkers trots. „Zo smeedde hij teamgeest, een familiegevoel”, zegt COR-voorzitter Van Rijsingen. „Hetzelfde probeert hij nu bij heel Wegener te doen.”

Koud was Munsterman benoemd tot eerste man, of de journalisten van Wegener dreigden met staking. Die was gericht tegen de rendementseis van 20 procent die Mecom oplegde. Tot twee keer toe kwam Munsterman vorig jaar zomer van vakantie in Italië terug om de crisis te bezweren. Hij sloot een convenant, dat bepaalde dat de redacties op dezelfde sterkte zouden blijven. Maar die afspraken zijn twee weken geleden in overleg met de vakbond „tijdelijk buiten werking gesteld”. Dat maakt de weg vrij voor „formatievermindering via vrijwillig vertrek op individuele basis.” Er moet worden bezuinigd.

Wegener, uitgever van regionale kranten als Brabants Dagblad, de Gelderlander en PZC, heeft zwaar te lijden onder de economische crisis. De advertentie-inkomsten nemen af. De winst over 2008 daalde met 65 procent naar 11,3 miljoen euro. Het bedrijf noemt de vooruitzichten zorgwekkend.

Wegener heeft een vrij stevige economische positie, maar profiteert op geen enkele wijze van zijn Britse eigenaar, volgens NVJ-secretaris Bruning. „Mecom is eerder een blok aan het been van Wegener. Andere onderdelen van de investeringsmaatschappij doen het minder goed, waardoor ook Wegener minder gemakkelijk krediet krijgt.”

Bestuurder van een grote, beursgenoteerde onderneming, en voorzitter van een eredivisieclub, hoe houdt Munsterman dat drukke leven vol? Hij sport elke dag, vertelt zijn echtgenote Irma. Verder heeft hij weinig slaap nodig. Hij doet overdag korte dutjes, tijdens familievisite kan hij zo maar op de bank in slaap vallen, of in de auto, als zijn chauffeur hem rijdt. Hij ligt nooit ergens wakker van, zegt hij zelf.

Munsterman groeide op in Enschede. Zijn vader werkte bij bandenfabrikant Vredestein. Zijn moeder was van Chinees-Indische afkomst. Hij had een tamelijk onbezorgde jeugd, vertelde hij eens in een interview in de Twentsche Courant Tubantia. Hij was naar eigen zeggen lange tijd een lastig, tegendraads ventje: „Lang haar, scheuren op een Puch. Doen waar je zin in hebt.”

Dat het hem dwars zou zitten dat hij weinig tot niets heeft gestudeerd, en dus geen titel voor zijn naam heeft staan, wuift zijn echtgenote weg. „Ach, nee hoor. Helemaal niet.” Hij weet precies waar hij het over heeft, denkt snel, heeft veel parate kennis. En hij is goed in cijfers. „Munsterman heeft op alle terreinen binnen de uitgeverij ervaring. De trucs die sales- en accountmanagers uithalen, hij kent ze allemaal”, zegt Van Rijsingen.

Muziek is Munstermans passie. Hij bezit duizenden cd’s, verscheidene gitaren en geluidsinstallaties. Hij speelt ook verdienstelijk piano. En zingen doet hij ook al niet onaardig.

Voor het ontbijt, zo rond half zeven, speelt hij wat op zijn gitaar. Ter ontspanning. Hij verheugde zich twintig jaar geleden op een verhuizing naar een vrijstaand huis in een van de mooiste buurten van Hengelo: „Nooit meer in een rijtje. Nu kan ik net zo hard rammen op mijn gitaar als ik wil, niemand die er last van heeft”, zei hij een paar jaar geleden in de Twentsche Courant Tubantia.

Dat vraaggesprek had hij liever niet in de krant teruggezien. Hij stoorde zich aan de zelfvoldane indruk die er naar zijn opvatting uit sprak. De sfeer, het taalgebruik. Hij vond het verschrikkelijk. Wat moesten de mensen wel van hem denken? Hij probeerde het eerst via de journalist in kwestie gewijzigd te krijgen, later via diens chef, de hoofdredactie, en uiteindelijk via een lid van de raad van bestuur. Overal ving hij bot. De laatste zei: „Als er geen koersgevoelig informatie in staat, kunnen wij er niks aan doen.”

Zijn andere passie is voetbal. Een jongensdroom ging in vervulling met het voorzitterschap van FC Twente. In 2002 vroeg wijlen Herman Wessels, bouwondernemer uit Rijssen, hem als commissaris van FC Twente. Hij zou een keer in de twee maanden moeten vergaderen. Dat pakte anders uit. Al snel bleek dat FC Twente nagenoeg failliet was. Vanaf dat moment zat hij er elke avond. Er kwam een plan: Twente in de steigers. De kinderen vonden het niet erg dat ze hun vader weinig zagen: „Als-ie FC Twente maar redt.”

Van Halst: „Hij trekt de kar. Hij kiest voor de omgekeerde volgorde; hij begint niet met een werkgroep die iets uitwerkt, nee, hij lanceert zijn ideeën en mensen werken dan naar realisatie van die ideeën toe. Zo brengt hij de organisatie in beweging. Dat heeft een enorme dynamiek losgemaakt bij FC Twente.”

Er kwamen 10.000 zitplaatsen bij in het stadion: er werd een tweede ring over de helft van de Grolsch Veste gebouwd. Munsterman wil op korte termijn nog eens 9.000 zitplaatsen realiseren. En intussen droomt hij van een stadion met 44.000 stoelen. Met die capaciteit kan het een van de locaties worden die in 2018 geschikt zijn voor het wereldkampioenschap voetbal in Nederland en België.

Munsterman maakte de club financieel gezond en de sportieve prestaties werden beter. FC Twente zette de schouders onder maatschappelijke projecten zoals Scoren in de Wijk, met stages en werkervaringsplaatsen voor jongeren bij de club zelf, en voetbalcursussen voor de jeugd. De preses maakte ook werk van het vrouwenvoetbal.Munsterman verraste met de keuze voor trainer Steve McClaren, de voormalige Britse bondscoach die in eigen land persona non grata werd door de afwezigheid van Engeland bij het Europees kampioenschap voetbal in 2008.

McClarens naam viel tijdens een gesprek met Frank Arnesen, oud-technisch directeur van PSV en tegenwoordig werkzaam bij de Britse topclub Chelsea. Munsterman deed navraag bij Jaap Stam, die met de Brit had samengewerkt tijdens diens periode bij Manchester United, en Boudewijn Zenden, pupil van McClaren bij Middlesbrough. Zij zeiden: „Hij is de beste trainer die ik ooit heb gehad.”

Zijn vrouw: „Joop heeft hem in het begin wel even geknepen: hebben we er goed aan gedaan?”

Dat het zo goed gaat met de club, is niet uitsluitend de verdienste van Munsterman, vindt voetbalverslaggever Leon ten Voorde van de Twentsche Courant Tubantia, co-auteur van het boek It’s a miracle, gewijd aan het glorieuze seizoen van FC Twente. Volgens hem is onder McClarens voorganger, Fred Rutten, de basis gelegd voor het succes. „Zonder Rutten was het zover niet gekomen. Rutten bereidde de transfers voor, Munsterman maakte ze af. De lijnen zijn kort bij Twente. Binnen een dag is er een nieuwe speler als het moet”, zegt hij.

Gaat het niet te voorspoedig, zoals destijds met Vitesse onder Karel Aalbers? Daar leken de bomen tot in de hemel te groeien. Later vielen de lijken uit de kast.

Van Halst: „In de raad van commissarissen zitten nuchtere, zuinige mensen, die geen zeepbelstrategie toleren. Joop zelf zou dat ook beslist niet willen.”

    • Annette Toonen