Elitaire protestshirts

Dit jaar is het precies honderd jaar geleden dat tennisheld Fred Perry werd geboren. Daarom brengt de gelijknamige kledingfabrikant een gelimiteerde editie Fred Perry polo’s uit met een iets groter logo dan normaal. De lauwerkrans staat voor „een authentiek merk in een trendgevoelige wereld”.

Nu heb ik normaal gesproken een hekel aan dit soort opdringerige beschrijvingen, maar in het geval van Fred Perry kan ik niet anders zeggen dan dat het waar is. In de jaren vijftig was het het eerste sportmerk van de elite dat door de Britse Mods (denk aan Mary Quant) geïntegreerd werd in de dagelijkse garderobe. Ook voor andere subculturen was ‘The Fred’ een gevierd kledingstuk. Zoals voor de ‘Rude Boys’ in de jaren zestig: Jamaicanen en Britten met een voorliefde voor reggae. En voor de Suedeheads in de jaren zeventig, jongeren uit de arbeidersklasse die luisterden naar glamrockbands. In de jaren tachtig was de polo een belangrijk onderdeel van het uniform van de agressieve skinheads, dat verder bestond uit opgerolde designerspijkerbroeken, kisten en bretels.

Fred Perry is altijd een merk geweest dat niet gemaakt werd door marketingmachines, maar door mensen. De Mods bijvoorbeeld protesteerden door het dragen van het elitemerk tegen de arbeidersmentaliteit ‘die hun vaders nergens had gebracht’ door veel geld uit te geven aan merkkleding.

‘The Fred’ is nog steeds een begrip dat klassenverschillen overstijgt. Ik associeer me er graag mee. Althans, nog wel. Want inmiddels noemt Fred Perry winkels ‘flagshipstores’, pronkt het met zijn non-conformistische houding en sponsort het hippe bands. Als de marketing het maar niet overneemt.

    • Aynouk Tan