Corus sluit mogelijk fabriek in Engeland

De toekomst van de staalindustrie in het Engelse Teesside hangt aan een zijden draadje. Staalconcern Corus kondigde gisteren aan de staalfabriek in de Noord-Engelse stad misschien te moeten sluiten nu vier grote klanten van hun contract af willen.

De vier kopers, verenigd in een consortium, tekenden in 2004 een contract met Corus om gedurende tien jaar 78 procent van de staalproductie van de Engelse fabriek af te nemen. Het gaat om het Italiaanse Marcegaglia, het Zuid-Koreaanse Dongkuk, het Braziliaanse Duferco en Alvory, een dochter van het Zuid-Amerikaanse Ternium.

Vorige maand liet het consortium eenzijdig weten stappen te ondernemen om het contract op te zeggen, aldus Corus. Als de fabriek in Teesside in de mottenballen gaat, staan er tweeduizend arbeidsplaatsen op het spel. Duizenden anderen zijn ook indirect afhankelijk van de staalfabriek.

De staalindustrie kampt sinds de economische teruggang met een sterk gedaalde vraag naar staal. Wereldwijd is de productie in maart met 23,5 procent afgenomen in vergelijking met een jaar eerder. Het Brits-Nederlandse Corus, eigendom van het Indiase Tata Steel, heeft de orders al met een derde zien afnemen.

Corustopman Kirby Adams verklaarde gisteren „zeer teleurgesteld” te zijn. „Deze eenzijdige opzegging van een tienjarig contract kan het einde betekenen van de staalproductie in Teesside.” (ANP)