Alleen Nazareth kijkt uit naar bezoek paus

Paus Benedictus XVI is gisteren in Jordanië aangekomen en reist maandag door naar Israël en bezet gebied. Het is voor veel mensen een heel moeizaam bezoek.

Glimmend van trots loopt burgemeester Ramiz Jaraisy van Nazareth langs een paar kaarten van zijn stad, die in zijn werkkamer hangen. Met viltstift zijn lijnen getrokken. Dat, zegt Jaraisy, zijn de wegen die zijn aangelegd om 40.000 pelgrims te kunnen ontvangen. „Eindelijk hebben we geld gekregen om iets aan de infrastructuur te doen. De hotels zitten vol, de stad wordt opgeknapt, een half miljard televisiekijkers zien Nazareth voorbijkomen. Voor ons is het bezoek alleen maar goed nieuws.”

De mis in Nazareth moet het hoogtepunt worden van het bezoek van paus Benedictus XVI aan het Midden-Oosten, dat gisteren in Jordanië is begonnen en 15 mei in Jeruzalem eindigt. De grootste Arabische stad in Israël, de plek waar Jezus opgroeide, kan wel een opknapbeurt gebruiken. Overvolle wegen en vieze straten geven Nazareth een verpauperd aanzien.

De plek waar Benedictus XVI volgende week een zegen uitspreekt over zevenduizend aanwezigen, is nog een bouwput. De keet naast het podium wordt als commandocentrum gebruikt.

„We hoorden pas een maand geleden dat de paus uitgerekend de mis hier kwam opdragen”, zegt burgemeester Jaraisy. „Sindsdien zijn we dag en nacht aan het bouwen en schoonmaken.”

Wat het bezoek van de paus nog zoeter maakt voor Jaraisy, zijn revanchegevoelens. „Dat speelt voor ons wel mee, ja”, zegt de burgemeester. „Wij, Palestijnen in Israël, worden gediscrimineerd en als minderheid behandeld. Het bezoek van de paus aan onze stad zie ik als erkenning van onze problemen.” Tijdens het bezoek van de vorige paus, Johannes Paulus II, in 2000, zou in Nazareth ook de mis worden opgedragen.

Maar de Israëlische regering verplaatste de mis toen op het laatste nippertje naar het meer van Tiberias. Jaraisy vermoedt een complot. „Het was hier zogenaamd onveilig, maar ze gunden het de Arabieren gewoon niet. Ik werd heel blij toen ik van het Vaticaan hoorde dat ze alsnog naar hier willen komen.”

Jaraisy is een van de weinige bewoners van het Heilige Land die zin heeft in het bezoek van Benedictus XVI. We zullen blij zijn als hij weer weg is – dat is de sfeer in Israël aan de vooravond van het derde bezoek van een paus.

De paus maakt formeel een bedevaart naar Israël, de Palestijnse gebieden en Jordanië (waar respectievelijk 2, 2,4 en 6 procent christenen wonen). Vanaf zijn aantreden was het zijn grote wens om als pelgrim het gebied te bezoeken.

Hij zal bovendien willen aantonen dat hij net als zijn voorganger de dialoog met de twee andere monotheïstische wereldreligies serieus neemt en hij zal de rechten van de christelijke minderheid in het Midden-Oosten willen verdedigen.

Maar politieke en religieuze spanningen beheersen het bezoek. Stond de reis van paus Johannes Paulus in 2000 nog in het teken van hoop, nu overheersen angst en wantrouwen. Fouad Twal, aartsbisschop van Jeruzalem, zei deze week in de Israëlische krant Ha’aretz: „Eén woord tegen de moslims en ik heb een probleem; één woord tegen de joden en ik heb een probleem. Aan het einde van zijn bezoek gaat de paus terug naar Rome en zit ik hier met de gevolgen.”

Bij veel joden is de rehabilitatie van de omstreden bisschop Richard Williamson verkeerd gevallen. Williamson ontkende in een interview de Holocaust. Yad Vashem, de gedenkplaats voor de Holocaust in Jeruzalem die de paus zal bezoeken, herinnert aan paus Pius XII, die tijdens de Tweede Wereldoorlog de jodenvervolging zou hebben gedoogd. Het Vaticaan is bezig met een proces om Pius XII heilig te verklaren. Een diplomatieke rel ontstond toen de Israëlische minister Isaac Herzog dat vorig jaar onacceptabel noemde.

Moslims op hun beurt zijn de opmerkingen van de paus in zijn beruchte Regensburg-toespraak van 2006 niet vergeten. Daar gebruikte hij een middeleeuws citaat over de profeet Mohammed, die alleen „slechte en onmenselijke zaken” aan de wereld had toegevoegd.

Niet minder explosief zijn de politieke kanten van het bezoek. Wat de paus doet is snel verkeerd, en wat hij níét doet ook. Tekenend is het conflict over de plaats waar de paus zou spreken in Bethlehem, de geboorteplaats van Jezus, op de bezette Westelijke Jordaanoever. Het Palestijnse stadsbestuur had de paus een podium gegeven vlak naast de metershoge afscheidingsmuur die de stad afsnijdt van Jeruzalem. Maar na zware pressie van de Israëlische regering is het podium verplaatst naar een politiek minder gevoelige plaats: een school van de Verenigde Naties. Een bezoek aan de christelijke minderheid in de geïsoleerde Gazastrook zit er al helemaal niet in.

Vrijwel niemand verwacht daarom dat de paus zijn bezoek zal aangrijpen voor gevoelige uitspraken. „Het zal niet over politiek gaan. Ik verwacht dat hij gaat spreken over het belang van familie, het gezin, dat soort onderwerpen”, zegt priester Amjad Sabara van de immense Aankondigingskerk in het centrum van Nazareth. Sabara, die in een slobbertrui de laatste voorbereidingen treft, vindt het jammer dat de paus niet onbevooroordeeld wordt bekeken. „Mensen vergeten dat de paus hier komt om te praten met andere geloven. En dat hij zal bidden voor vrede. Daar kan toch niemand tegen zijn?”

    • Guus Valk
    • Bas Mesters