Kunstenaar speelt voor God

Kunstenaar Stelarc werkt aan een robot die een exacte kopie is van hemzelf.

Zijn werk is deel van een vijfluik over normen en waarden in Mechelen.

Franco B., I miss you (videostill), 1999.

. Al je denkwerk uitbesteden – als het aan de Australische kunstenaar Stelarc ligt, wordt dat mogelijk. Stelarc werkt al jaren aan een robot die een exacte kopie is van hemzelf en die hij wil leren denken en praten zoals hij. Dat schiet aardig op, zo blijkt uit een film over zijn robot die draait op de tentoonstelling De maakbare mens in Mechelen. Stelarc, die ook al een oor in zijn arm liet implanteren, lokt met zijn werk graag discussies over maakbaarheid uit. Want is zijn werk ethisch verantwoord? Mag een kunstenaar voor God spelen?

In de tentoonstelling wordt Stelarc omringd door meer kunstenaars die hun lichaam gebruiken voor provocerende kunstwerken. Kleine schermpjes vertonen bloederige performances uit de jaren zeventig, de hoogtijdagen van de body art. Foto’s tonen een inseminatie van kunstenaar Susana Delanante Matienzo, die besloot een veroordeelde crimineel een tweede leven te geven door zichzelf te laten bevruchten met zijn sperma. Griezelige foto’s laten kunstenaar Orlan zien, die zich voortdurend cosmetisch laat opereren naar zogenaamde schoonheidsidealen. Het is confronterende kunst. Maar is deze zelf-creatie veel extremer dan onze alledaagse leefwereld waar schoonheidscultus, zelfhulpboeken en carrièredrang heersen?

De maakbare mens vormt met nog vier kunsttentoonstellingen een vijfluik over normen en waarden. Het is georganiseerd door het Antwerpse kunstmuseum MuHKA en kreeg een marxistische titel mee: All that is solid melts into air. Marx en Engels dreigden met deze uitspraak het grootkapitaal dat zijn laatste dagen geteld waren, MuHKA-directeur Bart De Baere trekt die uitspraak breder. Het kapitalisme is stuurloos geworden, maar ook het marxisme is voorbij, en de kloof tussen gelovigen en niet-gelovigen groeit. In deze ongerichte tijden willen kunstenaars bruggen bouwen door universele vragen te stellen die gelovigen én niet-gelovigen aangaan.

In de Sint-Romboutskathedraal staat Vladimir Kokolia aan de vooravond van de opening te schilderen met zweet op zijn voorhoofd. Hij heeft nog een kilometer te gaan: het doek moet straks drie kilometer verf bevatten, in kleurige en gouden cirkels die elkaar voortdurend bedekken. Het is Gods blik die Kokolia nastreeft, maar je hoeft niet gelovig te zijn om dit mooi te vinden. Buiten de kerk schalt een engelenkoor van Moniek Toebosch, voor diegenen die met een radio afstemmen op haar frequentie.

Aan de overzijde van de kerk is Darwin weer aan zet: daar staat de expositie Niet Niets, over kijken, ratio, media – de seculiere blik. Tussen deze ‘vooruitgang’ plaatste kunstenaarsduo Al and Al twee duiven. Darwins buurman fokte duiven, en daardoor kwam Darwin op het spoor van de evolutietheorie. Tegelijk is de duif een traditioneel symbool van de Heilige Geest. Is God dan toch weer een antwoord? De kunst van deze manifestatie stelt vragen, de antwoorden moet je vaak zelf geven.

Het MuHKA had genoeg werken om uit te kiezen – veel kunstenaars maken kunst om vragen te stellen. Elke rel in de kunst van de laatste jaren raakt hier wel aan. Een processie tegen Zwarte Piet, goudvissen in de blender, een kat die tot handtasje wordt vermaakt, het exposeren van geaborteerde foetussen of terminale patiënten – allemaal beruchte kunstwerken, over normen en waarden.

Maar het MuHKA had waarschijnlijk geen zin in een festival vol shock art. Dat had het bruggen bouwen geen goed gedaan. In plaats daarvan heeft het museum een evenement neergezet dat langs allerlei wegen vragen stelt over onze wereld, een tentoonstelling die oproept tot vriendschap, inzicht, samenleven. Het zijn mooie ideeën die zo samenkomen in de schaduw van de Sint-Romboutskathedraal.

Tentoonstelling

All that is solid melts into air

t/m 21 juni op verschillende locaties in Mechelen. Di-zo, 10.00-18.00 uur. stadsvisioenen.be * * * *