Kamerleden huiverig voor bewapend schip

Nu opnieuw een Nederlands schip is gekaapt bij Somalië wordt de roep deze te bewapenen sterker.

Kamerlid Rita Verdonk kwam gisteren met een voorstel om de piraterij in Somalië een halt toe te roepen. Volgens haar zouden met de koopvaardijschepen mensen met wapens mee moeten die „de kapers van de touwladders kunnen schieten en hun schepen met een torpedo naar de zeebodem jagen”.

Premier Balkenende zei gisteren in de Kamer „geen uitspraak te willen doen” over het al dan niet bewapenen van de schepen. Hij benadrukte dat voor de kust van Somalië al marinefregatten worden ingezet.

Maar het is de vraag of dat voldoende helpt. Voorstanders van het bewapenen van koopvaardijschepen zien zich in hun mening gesterkt na de kaping van de MV Marathon. Het Nederlands-Antilliaanse schip, met tweeduizend kilo cokes aan boord, voer gisteren zonder militaire begeleiding door de Golf van Aden. Doordat de vrijboord (de afstand tussen de zee en het dek) bij de Marathon slechts twee meter was, werd het schip een makkelijke prooi voor piraten. De acht Oekraïense bemanningsleden worden nu gegijzeld. Gewapende mariniers hadden de kaping wellicht kunnen voorkomen.

Vervolg Piraten: pagina 3

Reders willen mariniers op hun schepen

Vervolg Piraten van pagina 1

Tweede Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie) opperde vorige maand ook al om militairen op koopvaardijschepen te laten meevaren. Hij gelooft dat mariniers „afschrikwekkend werken”.

Ook de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) pleit voor mariniers aan boord van Nederlandse handelsschepen. De KVNR was altijd tegen bewapening – te riskant, was het oordeel – maar wijzigde vorige maand haar standpunt. De dreiging bij Somalië maakt bewapening nu noodzakelijk, aldus de KVNR. Het kabinet moet een voorbeeld nemen aan België, dat vorige week besloot tot het inzetten van militairen op Belgische handelsschepen.

Desondanks is het zeer onwaarschijnlijk dat Nederlandse schepen bewaakt gaan worden door militairen. De coalitiepartijen PvdA en CDA voelen er weinig voor. „Voor je het weet heb je een belegering op zee”, zegt CDA-Kamerlid Maarten Haverkamp. Hij vreest dat het bewapenen van handelsschepen een „geweldsspiraal” in de hand werkt. Somalische piraten beschikken over machinegeweren en zelfs granaatwerpers.

Voordewind denkt dat geweld voorkomen kan worden als de mariniers de juiste radarapparatuur meekrijgen. Dan zien ze op afstand al dat er zeerovers naderen en kunnen ze tijdig waarschuwingsschoten lossen. „De ervaring wijst uit dat piraten er dan vandoor gaan.”

Haverkamp van het CDA ziet echter meer bezwaren. Wie geeft uiteindelijk het bevel tot schieten: de kapitein of een marinier? Wat gebeurt er als een Nederlandse marinier per ongeluk een Filipijnse opvarende doodschiet op een schip dat een Duitse cargadoor heeft?

CDA en PvdA vinden met name dat eerst duidelijkheid moet worden gecreëerd omtrent de juridische spelregels voor de piraterijbestrijding. Als een marinier op een Nederlands vrachtschip een piraat oppakt, dan moet deze ook berecht worden. De Kamer reageerde verontwaardigd toen vorige maand het fregat De Zeven Provinciën negen opgepakte piraten liet gaan omdat er geen rechtsmacht zou zijn voor vervolging.

Haverkamp: „Wij vinden dat de veiligheid van alle zeeën als zodanig de inzet moet zijn. Niet het bewapenen van ieder schip afzonderlijk.” Voordewind: „Dat is nou net het punt: voor het beveiligen van de zeeën bij Somalië zijn tientallen extra marineschepen nodig. Die zijn er niet.” Haverkamp zegt dat hij „die bal kan terugkaatsen”: per week varen er vijf à tien Nederlandse schepen door de Golf van Aden bij Somalië. Op ieder schip zouden steeds zo’n zes mariniers gestationeerd moeten zijn. „Dat is niet te doen.”

Dan is er nog het argument dat de Nederlandse staat Nederlandse schepen moet beveiligen, omdat deze schepen Nederlands grondgebied zouden zijn. Eduard Somers noemt die redenering „een brug te ver”. Somers is hoogleraar maritiem recht aan de universiteit in het Vlaamse Gent. „Je laat toch ook niet iedere Nederlandse vrachtwagen die door een gevaarlijk gebied rijdt een beroep doen op de staat? Dat is onrealistisch.”

Somers is het evenmin eens met het argument, dat de inzet van mariniers de consument geld bespaart. Schepen maken extra kosten doordat ze bijvoorbeeld omvaren. De extra kosten zouden worden doorberekend aan de consument. „De gestegen kosten vallen in het niet bij de totale omzet van de maritieme sector”, zegt Somers. „Bovendien betaalt de consument uiteindelijk ook, als belastingbetaler, mee als de staat het leger inzet.”

Pikant is dat de Marathon volgens de Antilliaanse minister van Telecommunicatie en Verkeer, Maurice Adrieans, niet vooraf om begeleiding had gevraagd aan marineschepen in de regio, hoewel die mogelijkheid wel bestaat. De KVNR raadt reders ook aan dit te doen. De KVNR stelt daar weer tegenover dat er te weinig marineschepen zijn, waardoor handelsschepen gedwongen worden om zonder protectie te varen.

Op private beveiliging zit niemand te wachten, daar zijn voor- en tegenstanders van mariniers aan boord het wel over eens. In dat geval dreigt pas echt geweldsescalatie. Private bewapening komt zeer weinig voor omdat de Nederlandse wet, die dit niet toestaat, er voor moet worden omzeild.

Haverkamp zegt te willen nadenken over mariniers op schepen „in zeer uitzonderlijke gevallen”. Als een schip een gevoelige lading heeft, bijvoorbeeld.Voor zover bekend hebben Nederlandse mariniers éénmaal een Nederlands vrachtschip beschermd. In december voer de Jumbo Javelin, met mariniers door de Golf van Aden. Een uitzondering, zegt een woordvoerder van Defensie. „Het begeleidende schip, de Hr. Ms. De Ruijter, was onderweg terug naar Den Helder. Dat deden ze er even bij.”

    • Mark Schenkel