'Een groot talent was ik niet, ik moest er voor werken'

Judoka Dennis van der Geest (33) stopt, ook al zegt zijn gevoel dat hij nog goed genoeg is voor een medaille bij de WK. „Maar rationeel weet ik dat de diepe motivatie er niet meer is.”

Michiel Dekker

Als veertienjarige judoka sprak Dennis van der Geest uit dat hij wereldkampioen wilde worden. Cor van der Geest adviseerde zijn oudste zoon ook maar zijn best te doen op school. „Ik zag er niks in”, gaf de judotrainer die nu technisch directeur van de Nederlandse judobond is gisteren toe. „Ik zei dat hij altijd als scheidsrechter nog de beste kon worden. Maar toen hij zestien was, gebeurden er dingen op de mat, dat wil je niet weten. Ik heb hem jongens een ongelofelijke doodpegel zien geven.”

Dennis van der Geest, nu 33 jaar, maakte gisteren in Nieuwegein bekend dat hij zijn loopbaan als judoka beëindigt. Op de erelijst van de zwaargewicht (klasse boven 100 kilogram) prijkt ook de wereldtitel die hij als tiener wenste. Hij won de gouden medaille in 2005, in de open gewichtsklasse van de chaotische WK in Kairo. Het was een van de beste partijen in zijn carrière, vertelde Van der Geest gisteren nog eens. Meteen na de finale vloog hij in de armen van zijn hevig geëmotioneerde vader en broer Elco, die eerder zwaar geblesseerd was geraakt. „Dat zal ik nooit meer vergeten.”

Mede dankzij de wereldtitel werd Van der Geest de bekendste vechtsporter van Nederland. De in Haarlem geboren judoka, vader van twee kinderen, werd ook buiten de tatami herkend door dj-, televisie- en reclameoptredens. Vorig jaar werd op de dag dat hij in actie kwam bij de Olympische Spelen zijn nieuwste plaat uitgebracht. Nu hij is gestopt wachtten hem optredens als dj en pilots voor tv-programma’s. Van der Geest: „Ik zal niet in een zwart gat vallen, ik heb zat andere dingen te doen. Toch was ik vooral topsporter en zal ik nieuwe doelen moeten vinden. Daar heb ik wel vertrouwen in, al zal het best moeilijk zijn.”

Met de wereldtitel als laatste aansprekende resultaat, hebben zijn publieke werkzaamheden ook tegen hem gewerkt. Ook in het judo werd weleens schamper gedaan over de judoka die vaker op tv dan op de mat was. De ‘lulverhalen’ stoorden hem mateloos, zei Van der Geest in 2007. „Omdat ik dingetjes voor tv doe, denken sommige mensen dat ik daar 24 uur per dag mee bezig ben. Mark Huizinga werkt toch ook vijftien tot twintig uur per week, Ruben Houkes ook. Ik heb voor dit werk gekozen. Omdat ik toevallig wel redelijk goed ben in mezelf verkopen. Dan snap ik dat ik zelf schuld heb aan die reacties. Maar als ik ’s nachts in bed lig, weet ik voor mezelf dat ik voor judo alles doe.”

En bij elke training tot het uiterste gaan, was voor Van der Geest de enige weg naar succes, gaf hij zelf toe. „Een groot talent was ik niet. Ik heb er altijd hard voor moeten werken en dat heb ik gedaan.” Het bracht hem behalve vijf medailles bij WK’s onder meer een bronzen olympische medaille (2004), twee Europese titels (2000 en 2002), twee zeges in de Europa Cup voor teams met zijn club Kenamju en tien Nederlandse titels op rij.

Van der Geest kende ook diepe dalen, bij een twee jaar durende liesblessure en bij de roemloze aftocht bij de Spelen van 2000 in Sydney. „Ik had dat seizoen iedereen in Europa dubbel gesmeten en ben daar bezweken onder de druk. Dat heeft me later gigantisch geholpen.”

Van der Geest stelde gisteren dat de dieptepunten zich moeten beperken tot wat is gebeurd op de mat. Hij doelde op de concurrentie met Grim Vuijsters. Van der Geest kwalificeerde zich vorig jaar met moeite voor de Spelen in Peking. Vuijsters voldeed ook aan de eisen en behaalde zelfs betere klasseringen. Voor de judobond was Van der Geest echter de enige olympische kandidaat, op basis van zijn prestaties in het verleden. Vuijsters betichtte de judobond van partijdigheid en stapte tevergeefs naar de voorzieningenrechter in Utrecht.

Van der Geest werd in Peking al in de eerste ronde uitgeschakeld met een zware elleboogblessure. De partij tegen de Rus Tamerlan Tmenov bleek zijn laatste. Want vorige maand won Vuijsters bij de EK zilver, wat Van der Geest dwong na te denken over een nieuwe tweestrijd. Inzet zou het startbewijs voor de WK van augustus in Rotterdam zijn. Hij vroeg raad bij zijn vader en bij zijn krachttrainer Herman Debrot. Van der Geest: „Rationeel weet ik dat de echte wil, de diepe motivatie om alles eruit te halen er niet meer is. Dat ik geen zin meer heb in een trainingskamp in Wit-Rusland. Ook al zegt mijn gevoel dat ik nog een medaille zou kunnen winnen bij de WK en ben ik fysiek goed genoeg voor de top. Mensen in mijn omgeving twijfelden, dus uiteindelijk heb ik de knoop zelf maar doorgehakt. Het is mooi geweest.” Lachend: „Of het moet een teamwedstrijdje in Waddinxveen zijn.”

    • Michiel Dekker