OLYMPUS DIGITAL CAMERA

De onaardse theatermuziek van Wilko Sterke tijdens Oerol

Muziek Het neefje van zanger Maarten van Roozendaal maakt ook muziek. Op Oerol draagt Wilko Sterke bij aan twee voorstellingen. „Je hebt anderhalf uur om het publiek te brengen naar die momenten dat je emotioneel wilt pieken.”

Van zijn oom, de vijf jaar geleden overleden zanger Maarten van Roozendaal, leerde theatercomponist Wilko Sterke dat het je als kunstenaar „menens” moet zijn. „Maarten had een hekel aan vrijblijvendheid. Je hebt anderhalf uur en daarin moet het gebeuren. Het publiek wil iets meemaken. Ze zitten er voor een leuke avond, maar eigenlijk willen ze ook billenkoek. Op avonden dat dat niet lukte, was hij heel chagrijnig.”

De lessen van zijn oom begonnen op zijn negentiende. Sterke, 33 inmiddels: „Ik wilde muzikant worden, maar ik had geen geld. Maarten huurde me in als chauffeur tijdens een tournee. Dat heb ik een jaar gedaan en daarna nog sporadisch. Hij vond het heerlijk: zo’n ventje dat alles wilde weten. Hij kon de hele dag oreren over zijn vak. Het voelde een beetje alsof ik met een predikant op stap was. En voor een jongen die zoekende is, is theater een mooie religie.”

De liefde voor theater is gebleven, al ging Sterke een andere kant op dan zijn oom. Als componist bij theatervoorstellingen is hij geen autonoom kunstenaar, maar dienstbaar aan het verhaal en de regie, zegt hij. „Maar net als de regisseur stuur ik de emoties van de toeschouwer. Ik hoef niet op de voorgrond te staan, maar in die zin voel ik me wel medemaker. Met zijn allen heb je anderhalf uur om het publiek in een trechter te brengen naar die momenten dat je emotioneel wilt pieken. Bij die momenten hoort muziek. Of stilte, als contrast met geluid ervoor.”

De vorm die Sterke kiest, verschilt per voorstelling. Vorig seizoen maakte hij indruk als muzikant van de wondermooie theaterliedjes in Night of the Problems van Circus Treurdier. „De acteurs van Treurdier hebben wat Maarten ook had: een flinke dosis ironie en absurdisme, maar het fundament is bloed, een heilig moeten.” Dit seizoen droeg hij met koorwerk, een bewerking van een lied van Nina Simone en een abstracte geluidslaag veel bij aan de opwindende spanning in Othello in de regie van Daria Bukvic bij Het Nationale Theater.

Weirde klanken

Inmiddels staat hij voor een dubbele bijdrage aan theaterfestival Oerol, dat deze vrijdag van start gaat. Bij de muziektheaterproductie De Wereldvergadering van Orkater heeft hij de muzikale leiding. „Met de acteurs heb ik koorwerken bewerkt. Een koor roept meteen een grote wereld op, daar hou ik steeds meer van. Maar het klonk te esoterisch, dus met trommels brengen we de muziek terug op aarde. Trommels en zang: dat zijn nu de klankkleuren.”

De acteurs van Orkater maken ook zelf muziek, maar Sterkes bijdrage staat op band. Dat geeft hem de gelegenheid om zelf live de muziek te verzorgen bij een andere voorstelling, Stones in his pockets van Toneelschuurproducties. „Het gaat over twee boerenjongens bij wie in het dorp een Hollywood-film wordt opgenomen. Een paar changementen vul ik met sax en piano, maar ik maak ter plekke ook loops en voor vier belangrijke scènes heb ik muziek uitgeschreven. Die staan voor een deel op de laptop. Ik speel live mee en bewerk klanken, dus mijn bijdrage is ook een soort dans met knopjes.”

Het Noord Nederlands Toneel brengt op Oerol de première van hun Faust-verhaal. Lees ook: Op Oerol is Faust een bootvluchteling

Sterke werkt met Ableton, een softwareprogramma dat vooral dj’s gebruiken. „Op de theaterschool begon ik achter de piano met het begeleiden van kleinkunstliedjes. Tot ik een pc meenam. Want er moest een orkest klinken. Dat breidde zich uit met een synthesizer, software en het schrijven voor andere instrumenten.”

De elektronica maakt vervreemdende effecten mogelijk. „Bij Stones in his pockets probeer ik tijdens de changementen, wat mijn momenten zijn, weirde klanken te produceren die niet terug te leiden zijn tot bestaande instrumenten. Rare sounds, die langzaam opbouwen.”

De computer helpt daarbij. „Met Ableton hoef ik maar één noot cello op te nemen en die naar mijn toetsenbord te verplaatsen. Dat geeft elke toets een eigen variant van een rare melotronachtige strijkklank. Op die manier ben ik snel weg bij geluiden die je nog herkent en daar is het me om te doen.”

In een vorige voorstelling gebruikte hij bijvoorbeeld alleen contrabas. „Ook de drums en beats kwamen uit de contrabas. Dit type omwerking van een instrument is wel eerder gedaan: het meest experimenteel door John Cage, die slagwerk produceerde met een ‘prepared piano’. Zijn werk is supertof en inspirerend.”

Componeren kan ik alleen door elk instrument als een personage te zien

Wilko Sterke

Op zijn site staat een kenmerkend fragment uit Othello, getiteld ‘Piepje in strijkersbad’. Door het geluid van een cello klinken steeds herhaald drie ‘plopjes’. Wat zijn dat? „Die piepjes komen van mijn pianet, een soort toetsenbordje, maar dan verneukt. Al het hoog is eraf en de rest is bewerkt. De cello is wel puur cello. Muziek is voor mij een gesprek, dus in dat piepje hoor ik Desdemona (de vrouw van Othello) en de strijkers zijn de liefde. De liefde verlaat Desdemona en daarom laat ik de piepjes loskomen van de cello. In het gat dat daardoor ontstaat, komt alle ellende naar boven.”

Luister hier ‘Piepje in strijkersbad’.

Hij lacht. „Niemand heeft dat door, maar dat is mijn nerderige redenering. Zo denk ik. Componeren kan ik alleen door elk instrument als een personage te zien. De gitaar vlijt zich tegen andere instrumenten aan als de stemming goed is. Maar daar gaat de cello weer wat van vinden. Enzovoort.”

Als theatercomponist staat Sterke in een relatief bescheiden traditie, zegt hij: Hauser Orkater, later Orkater, Paul Koek bij Hollandia. „Van wie nu veel maakt, vind ik Eef van Breen te gek.” Van Breen maakte onder meer de muziek bij Borgen van het NNT (2016). Zijn inspiratie vindt Sterke meer bij klassiek, jazz en pop: Bartók, Spinvis, Kamasi Washington.

En Radiohead. „Hun muziek komt los van de aarde en ontstijgt deze wereld. En dat is een fijne plek, het heelal. Volgens mij zegt Thom Yorke, de zanger, dingen als: dit geluidje is de mug die in mijn hoofd rondzoemt – daar wil ik het nummer mee beginnen. Het kan niet anders dan dat hij ook op die manier, in beelden en personages, over muziek denkt.”

Stones in his pockets, van Toneelschuurproducties. Regie: Maren E. Bjørseth. Oerol: 15 t/m 24 juni. De Wereldvergadering door Orkater/ Michiel de Regt en Wilko Sterke. Oerol 14 t/m 24 juni. Inl: oerol.nl

Correctie (19 juni 2018): In een eerdere versie stond regisseur Lotte de Beer. Dat moet zijn: Lotte van den Berg.

    • Ron Rijghard