Weg in eigen land: van 'glamping' tot bij de boer

Door de recessie gaan deze zomer meer Nederlanders ‘lekker weg in eigen land’.

Een meevaller voor de krimpende recreatiemarkt die zichzelf naarstig heruitvindt.

De vakantieparken van CenterParcs, die kennen Willy en Lidie Heidkamp uit Oldenzaal nu wel. We hebben ze allemaal gehad”, zegt Willy (69), gepensioneerd machinebankwerker. „Altijd hetzelfde.”

Dit jaar hebben ze wat anders geboekt voor de kinderen en kleinkinderen: een tienpersoons familieboerderij ‘in luxe Drentse sferen’. Locatie: het Hof van Saksen, een resort in het plaatsje Nooitgedacht bij Assen. De vakantiehuisjes zijn geïnspireerd op Drentse veldschuren, zo staat in de brochure. Het rieten dak hangt zo laag dat je moet bukken om van het terras te komen.

Van het ‘beauty & wellness centre’ hebben Willy en Lidie geen gebruik gemaakt. En ze hebben niet gedineerd in het restaurant Cour de Nord (één Michelinster). „Het verblijf kost al heel wat”, zegt Lidie. „Bijna 890 euro voor een week, inclusief 20 procent vroegboekkorting. Voor dat geld kun je ook vijftien dagen geheel verzorgd naar Spanje.”

In maart riep staatssecretaris Frank Heemskerk (Economische Zaken, PvdA) Nederlanders op in eigen land op vakantie te gaan. Protectionistisch of niet; binnenlandse vakanties zijn goed voor de economie. Voor de consument is het ook wat goedkoper. Dit jaar gaan ongeveer 100.000 Nederlanders meer in eigen land op vakantie dan vorig jaar, zo blijkt uit onderzoek van NBTC-NIPO Research, een samenwerkingsverband van het Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen en TNS NIPO.

De stijging komt de recreatiebranche goed uit. De binnenlandse vakantiemarkt kalft al decennia ieder jaar een klein beetje af, volgens NBTC-NIPO-directeur Kees van der Most. De laatste vijf jaar kromp de markt met een half miljoen vakanties naar in totaal 17,5 miljoen in 2008. „Het is de welvaart”, zegt Van der Most. „Vliegreizen naar het Middellandse Zeegebied zijn in de jaren veel goedkoper geworden.”

Vooral jongeren en twintigers zijn tegenwoordig globetrotters. Bungalowparken en campings zijn het terrein van jonge gezinnen met kinderen en van senioren.

De bungalowsector (40 procent van de markt) noemt Van der Most nog „stabiel” tot „licht in de plus.” Nederland telde vorig jaar 838 bungalowparken met in totaal 43.931 bungalows. Bijna de helft van de Nederlanders verbleef de afgelopen 2,5 jaar in een bungalowpark. Maar kamperen (30 procent van de markt) is „een pijnpunt”, zegt Van der Most fronsend. Het aantal kampeervakanties daalde de afgelopen vijf jaar van 3,2 naar 2,6 miljoen vakanties.

Het imago van ‘lekker weg in eigen land’ kan beter. „Bungalows associëren mensen met meer van hetzelfde en tabaksgeur”, zegt Joep Thönissen, directeur van RECRON, de branchevereniging van recreatieondernemers. „En kamperen is afzien, denken veel mensen. Kamperen is met een toiletrol over de camping lopen, gedoe met douchemuntjes en winkelen in dure zaakjes met een klein assortiment.”

Dan is er nog het weer. Thönissen. „Ik zeg altijd: je kunt de zon niet aanzetten. Nederland heeft nu eenmaal een structurele achterstand op Italië, Turkije en de Costa’s. Je moet met iets extra’s komen om daar tegenop te boksen.”

Meer luxe, daar kun je de bungalowtoerist mee lokken, volgens de branchevereniging. In de top-10 van meest gewenste voorzieningen staan een magnetron, vaatwasser, dvd-speler, internetaansluiting, bubbelbad en sauna, volgens onderzoeksbureau NRIT. In de bungalow mag het net zo luxe zijn als thuis, is de conclusie – liever nog iets luxer.

Meer onderlinge variatie, dat is het tweede credo voor de bungalowsector. Als voorbeeld heeft RECRON vijf ‘Inspiratieparken’ aangewezen, met ieder een eigen gezicht. „De vakantiegast van tegenwoordig is vooral op zoek naar de ultieme vakantiebeleving, een unieke ervaring die gekoesterd mee naar huis genomen kan worden”, zo staat op de website van het Zeeuwse Inspiratiepark Elly Oostdijk Recreatie. Voor actieve bezoekers die willen duiken, surfen of skydiven regelt het park lokale arrangementen. „Voor het park zelf zijn die activiteiten iets te grootschalig”, zegt eigenaar Elly Oostdijk.

Om kamperen te promoten, hield de ANWB met branchepartijen vorige maand de eerste ‘Kampeer 10-daagse’. Acteur Greg Shapiro van Boom Chicago, onder meer Obama-imitator, was ingehuurd als ambassadeur met de slogan: ‘Yes we Camp!’. In het kampeermanifest van de promotietour werd de aandacht gevestigd op luxe kamperen, of ‘glamping’. Geen gevestigde term, blijkt uit navraag bij ANWB-marketeer Floor Kluizenaar. „Wat we wilden benadrukken, is dat kamperen geïnnoveerd is. Heb je geen zin in een tentje, dan huur je gewoon een leuk appartementje of een mooie boomhut.”

Geheel tegen de trend van vermaak en comfort in, is er nog een sector die juist gedijt door rust en soberheid. ‘Kamperen bij de boer. Krek dat is ’t’, zo luidt de slogan van de Stichting Vrije Recreatie (SVR) in Meerkerk, een dorp in de Zuid-Hollandse gemeente Zederik. Oprichter, oud-wethouder en boer Van den Berg (68) heeft net zijn handen vol met een kratje slachtvlees van een van zijn Limousine-koeien. „Leo hier kan wel een rondleiding geven”, zegt Van den Berg. „ Ik zeg altijd: mijn gasten, dat zijn mijn ambassadeurs.”

Tussen de bloeiende peren- en appelbomen en in het weiland staan enkele tientallen caravans met voortent. „Hier staan vooral bezadigde, oudere mensen”, zegt Leo van de Werken (71), gepensioneerd sauna-exploitant, uit Sliedrecht. „We doen veel jeu de boules.” Voor kinderen is er een wip en een trampoline. Wie durft, mag een ritje maken op pony Roos of merrie Dombala.

Bij de SVR zijn 1.200 kleine Nederlandse boerencampings aangesloten, en circa 150.000 huishoudens zijn donateur. Volgens de stichting groeide het aantal overnachtingen de laatste drie jaar van 4,4 miljoen naar 5,3 miljoen. Een overnachting voor twee personen kost op een SVR-camping 10 à 12 euro, voor elke persoon extra wordt 2,50 euro gerekend.

„We dachten altijd dat het een niche was, maar een substantiële groep kampeert bij de boer”, zegt RECRON-directeur Thönissen. Goed, in het verleden hebben de branchevereniging en boer Van den Berg wel een geruzied over het „voorzieningenniveau”, zegt hij. „Wij dachten dat de formule niet voldoende inspeelde op de wensen van de consument. Maar boerencampings zijn meer dan welkom sinds enige tijd.”

Dat is wel eens anders geweest, zegt Van den Berg. Toen hij in 1970 naar eigen zeggen als eerste boer in Nederland een camping inrichtte, stonden de burgemeester van Meerkerk en de politie op zijn erf. „Terwijl de vogels hier onder de luifel van je voortent broeden. Bij de boer vind je als kampeerder nog rust, ruimte en betaalbaarheid.”

Hoe heet die camping van Van den Berg eigenlijk?

„Wat dacht je? De Victorie.”

    • Eppo König