Oekraïne: de EU heeft ons hard nodig

Oekraïne tekent vandaag een partnerschapsakkoord met de Europese Unie.

Voor president Joesjtsjenko is dit niet genoeg. Hij verlangt een lidmaatschap van de EU.

Oekraïners vormden 22 april in Kiev een smiley tegen de crisis. (Foto AFP) People organise themselves to make a smiley face during a social movement in Independence Square in Kiev called "Smile Ukraine! Smile overcomes a crisis!" organized by students on April 22, 2009. AFP PHOTO/ SERGEI SUPINSKY AFP

Viktor Joesjtsjenko, de president van Oekraïne, maakt een eenzame indruk. De Oekraïense kiezer is uitgekeken op de held van de Oranjerevolutie van 2004 – slechts vier procent zou nog op hem stemmen. Politiek wordt hij voortdurend afgetroefd door zijn grote tegenspeler, premier Joelia Timosjenko, die de kiezers achter zich weet te krijgen met populistische maatregelen. De relatie met Moskou sleept zich van gascrisis naar gascrisis en de Europese Unie wil Oekraïne er voorlopig niet bij hebben.

Begin 2005 zag dat er anders uit. Zijn politieke tegenstanders hadden geprobeerd hem te vergiftigen met dioxine. Zijn gezicht was ernstig beschadigd, maar hij was samen met Timosjenko wel de grote overwinnaar van de Oranjerevolutie die Oekraïne definitief los maakte van Rusland en het land op een pro-westerse koers bracht. Inmiddels is zijn gezicht grotendeels hersteld, maar de politiek glipt hem door de vingers.

Vandaag zet hij in Praag zijn handtekening onder het Oostelijke Partnerschap dat de EU sluit met zes voormalige sovjetrepublieken: Oekraïne, Wit-Rusland, Moldavië, Georgië, Armenië en Azerbajdzjan. Het gaat over zaken als soepeler grensverkeer en economische samenwerking, maar het felbegeerde EU-lidmaatschap brengt het niet dichter bij.

De Oekraïense president heeft vier Europese journalisten, onder wie een verslaggever van NRC Handelsblad en nrc.next, in Kiev uitgenodigd om te waarschuwen dat de stabiliteit van Europa op het spel staat als Oekraïne uitgesloten blijft van Europese integratie. Hij vindt het teleurstellend dat het ‘oude Europa’ steeds eurosceptischer wordt. Teleurstellend en fout. „Europa zal internationaal verliezen als het half-verenigd is. De wereldwijde economische crisis stelt nieuwe eisen. Europa moet groter denken. Er kan geen sprake zijn van reservepartners. We zijn allemaal nodig.”

Hij wijst op de gascrisis in januari. Oost-Europa zat in de kou doordat Moskou en Kiev hun zoveelste gasoorlog uitvochten over de hoofden van consumenten in Europa. Een vrije, gediversifieerde Europese energiemarkt moet dat in de toekomst voorkomen. „Onze integratie draagt bij aan de stabiliteit. Politici die denken dat ze de EU kunnen afschermen van de rest van de wereld begrijpen niets van zaken als stabiliteit en efficiëntie in de Europese ruimte.”

Joesjtsjenko verwijt de Europese Unie slappe knieën in de energiestrijd. In januari hebben alle spelers volgens hem verloren: Rusland als producent, Oekraïne als doorvoerland en Europa als afnemer. „Europa had zich harder moeten opstellen. Het gaat niet alleen om Oekraïne en Rusland. Oekraïne is slechts tussenpersoon. De rollen zijn niet duidelijk verdeeld. Nu zitten we opgescheept met ondoorzichtige afspraken met Moskou waar we elke maand weer opnieuw over moeten onderhandelen.”

De politiek is volgens de president één van de grootste bedreigingen voor de broodnodige rust op de energiemarkt. Maar juist in Oekraïne lopen politiek en energiebeleid onnavolgbaar door elkaar. Premier Timosjenko is juist uit Moskou teruggekeerd met wat een klein succesje lijkt in de strijd om het gas. Ze heeft Rusland uitgenodigd om mee te doen aan de modernisering van de pijpleidingen door Oekraïne. Een project dat Oekraïne in maart met de EU in gang zette en waarop Moskou aanvankelijk kritiek had omdat het buitenspel stond. Nu toont Moskou begrip voor de financiële crisis waarin Oekraïne is beland. Het land hoeft geen boete te betalen voor verminderde gasafname ten gevolge van de crisis.

Een diplomatiek succesje voor de premier? De president resoluut: „Dit heeft er niks mee te maken. De basis voor een Europees energiebeleid is een objectief, doorzichtig, redelijk prijsbeleid. Hoezo zouden we boete moeten betalen voor verminderde afname als zij (de Russen, red.) een doorvoertarief betalen dat viermaal minder is dan wat in de rest van Europa wordt betaald?”

De rivaliteit tussen de premier en de president – door The Economist omschreven als de Viktor en Joelia show – is een terugkerend onderwerp in het betoog van Joesjtsjenko. Nee, persoonlijk is het niet, het gaat om twee verschillende ideologieën, zegt hij. Het kamp Timosjenko wil terug naar het verleden, met staatssteun, gereguleerde prijzen en vriendjespolitiek die de een in staat stelt om zich te verrijken met de export van tonnen graan en de ander door de import van tonnen vlees. Met als gevolg een verstoorde markt en de hoogste inflatie in Europa. De Oekraïense munt, de gryvna, verloor in een jaar tijd ruim eenderde van haar waarde.

De president claimt het pro-Europese kamp. „Ik zal vasthouden aan het democratische proces. Het volk ziet mij als bindende factor. Ik ben waarschijnlijk de enige die op onderwerpen van nationaal belang een evenwichtige positie kan innemen.”