Een Bask met een ander idee over Baskenland

Baskenland wordt voor het eerst geregeerd door een niet-nationalistische, maar socialistische president.

Francisco Javier ‘Patxi’ López (49), eerste niet-nationalistische regiopresident Baskenland López. (Foto AP) Newly elected Basque President, Basque Socialist leader Patxi Lopez, reacts at the Basque Parliament in Vitoria, northern Spain, Tuesday, May 5, 2009. Lopez was voted in as the Basque region's first non-nationalist president Tuesday and vowed to wage a relentless fight against the armed separatist group ETA. (AP Photo/Alvaro Barrientos) Associated Press

Francisco Javier ‘Patxi’ López, de nieuwe socialistische ‘lehendakari’ of regiopresident van Baskenland, stak gisteren tijdens de toespraak na zijn benoeming nadrukkelijk een hand uit naar de Baskische nationalisten. Die hand blijft uitgestoken zo lang hij regeert, aldus López. „Wij zijn geen Spaans front, wij zijn Basken met een ander idee van Baskenland dan dat van u.”

De eerste niet-nationalistische president van het conflictueuze Baskenland werd in het regioparlement met applaus verwelkomd als een historische ommekeer in Baskenland, een regio van 2 miljoen inwoners die nu al decennia een hoofdrol speelt in de Spaanse politiek. De regio die López moet leiden wordt gemarkeerd door dertig jaar nationalistische regioregeringen van de PNV, een partij die de Spaanse grondwet niet erkent en streeft naar onafhankelijkheid en alleenheerschappij. En natuurlijk door de aanhoudende terreur van de afscheidingsbeweging ETA, die enkele weken geleden bekendmaakte dat zij er alles aan zal doen om de nieuwe regiopresident te vermoorden.

López (49) vertegenwoordigt veel van wat de Baskische nationalisten tegenstaat. Geboren en getogen in Portugalete, een socialistisch bolwerk in de havenstad Bilbao, is hij ondanks zijn Spaanse achternaam door en door Bask. Zijn vader was een bekende socialistische voorman. López is bovendien niet kerkelijk, wat ook al niet goed valt in het nadrukkelijk aan de katholieke kerk verbonden Baskische nationalisme.

Al op zijn zestiende werd López actief in de jongerenafdeling van de socialistische partij en klom op tot hij in 2002 tot leider van de Baskische socialisten werd verkozen. López werd daarbij naar voren geschoven als alternatief voor de harde lijn binnen de Baskische socialistische partij. Als compromiszoeker was hij eerder betrokken bij gesprekken met de radicale nationalisten tijdens de laatste ‘wapenstilstand’ van de ETA. Toen de onderhandelingspogingen op niets uitliepen en de ETA zijn terreur hervatte, toonde López zich echter voorstander van de harde aanpak. Een duidelijke aanpak gericht op het verdwijnen van de ETA behoort tot een van de hoofdpunten in het beleid van de nieuwe minderheidsregering.

Het innemende, enigszins zachtmoedige karakter van de stevig rokende regiopresident maakt hem bij uitstek geschikt voor de rol binnen regering die ‘de dialoog en niet de confrontatie’ opzoekt. Eenvoudig is die rol niet. De socialistische minderheidsregering heeft te maken met een nationalistische oppositie die zichzelf ziet als de enige rechthebbende regeerder in Baskenland en is afhankelijk van de steun van de niet-nationalistische Partido Popular die op landelijk niveau de aartsvijand van de socialisten is. In zijn eerste optreden onderstreept López zijn wil om van Baskenland een normaal functionerende democratie te maken, waar ‘burgers’ (en niet ‘Basken’) in vrijheid kunnen leven. Dat heeft een hoge prijs: López stelt zijn leven in de waagschaal.

    • Steven Adolf