'Duidelijk, wij zijn tegen elk bezoek van de dalai lama'

In juni komt de dalai lama naar Nederland. De Tibetaanse leider moet niet worden ontvangen, zegt de ambassadeur van China. „Men weet dat dit negatieve gevolgen kan hebben.”

Zhang Jun in zijn ambassade in Den Haag. "De dalai lama gebruikt zijn bezoeken om de wereld te misleiden." (Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel) ZHANG JUN. Ambassadeur van de Volksrepubliek China in het Koninkrijk der Nederlanden in een ontvangstruimte in zijn ambassade gebouw. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Nederland. Den Haag, 23 april 2009 Mentzel, Vincent

Hij heeft zijn eerste jaar in Den Haag er net op zitten: de 48-jarige ambassadeur van de Volksrepubliek China, Zhang Jun. In alles representant van het nieuwe China. Perfect Engels sprekend, volledig op de hoogte en overal aanwezig. Van de opening van de Keukenhof tot de viering van het Chinees Nieuwjaar in de Haagse binnenstad. Maar ook de directies van Philips, DSM en Damen Shipyards hebben met hem kennisgemaakt.

En dan nu de politiek. „Met grote bezorgdheid” had Zhang kennisgenomen van een voorgenomen ontmoeting in Den Haag tussen Tweede Kamerleden en de dalai lama, zo schreef hij onlangs in een brief aan Henk Jan Ormel, voorzitter van de buitenlandcommissie van de Kamer. Want de ambassadeur zou niet graag zien dat „de goede betrekkingen” tussen China en Nederland als gevolg van het bezoek op 4 en 5 juni op het spel komen te staan.

Kortom, een waarschuwingsbrief. „Verrast” is Zhang dat die in de publiciteit is gekomen. „Het was een persoonlijke brief”, zegt de ambassadeur in de immense ontvangstruimte van zijn op een steenworp van het Catshuis gelegen ambassade. Hij wil graag vertellen waarom China zoveel moeite heeft met het bezoek. Maar pas nadat hij uitvoerig de „uitstekende relatie” tussen zijn land en Nederland heeft benadrukt. En een „nog betere samenwerking” zal zowel in het voordeel van China als van Nederland zijn.

Het bezoek is in Chinese ogen zeer ongewenst. Het is een zaak waarin „China totaal niet overreageert”, haast Zhang zich te zeggen. „De kwestie-Tibet raakt allereerst de Chinese soevereiniteit. Het heeft puur te maken met fundamentele Chinese belangen. De dalai lama reist de wereld door met het doel Tibet af te scheiden van China. Daarvoor probeert hij in het bijzonder van een aantal westerse landen steun te krijgen. Hij gebruikt zijn bezoeken om de wereld te misleiden. Geen land laat dingen gebeuren die rechtstreeks tegen het eigen belang in gaan. China dus ook niet.

„Mijn land kent een lange geschiedenis van buitenlandse invasies, bezettingen en koloniale overheersing en ziet nog altijd zijn territoriale integriteit bedreigd. We hebben geen andere keuze dan met alle middelen opkomen voor onze nationale eenheid.

„Daarbij hebben we in het geheel niet de bedoeling ons te bemoeien met de interne aangelegenheden van welk land dan ook, maar we hopen dat andere landen zich dan ook niet bemoeien met de interne aangelegenheden van China.”

In Nederland wordt gezegd dat hij als religieus leider wordt ontvangen.

„De dalai lama is niet alleen een religieus leider, hij is ook banneling, een politiek figuur. In de zogenaamde grondwet van de regering in ballingschap is de dalai lama onmiskenbaar de politieke vertegenwoordiger van die regering.”

Er is dus geen verschil tussen een religieus en een politiek leider?

„Natuurlijk niet. Kijk maar naar zijn activiteiten. De dalai lama reist de wereld rond voor politieke doelen en heeft een volle politieke agenda. Het is toch glashelder dat hij nooit afstand heeft genomen van het doel om Tibet onafhankelijk te verklaren? Als je naar zijn model van zelfbestuur kijkt, betekent dat onafhankelijkheid voor Tibet.”

Nederlandse politici sluiten hun ogen dus voor de werkelijkheid?

„Ik wil alleen maar zeggen dat een religieus leider nooit zal oproepen tot onafhankelijkheid. Het is geen religieuze kwestie, maar een politieke. Voor religieuze zaken, of mensenrechten, staat China altijd open voor een dialoog en goede adviezen. Maar wanneer het gaat om onze nationale integriteit, is er geen ruimte voor compromissen of om stappen terug te zetten.”

Beschouwt China zo’n bezoek dan als een klap in het gezicht?

„Zo wil ik het niet zien. Nederland heeft heel duidelijk gemaakt dat het staat achter het één-Chinabeleid. Daarmee respecteert Nederland de Chinese soevereiniteit. Dat is echt iets heel principieels.”

Is er een verschil tussen de dalai lama uitnodigen en, zoals minister Verhagen van plan is, hem ergens ontmoeten?

„De Chinese positie is heel duidelijk. We zijn tegen het bezoek van de dalai lama aan elk land. En we zijn tegen zijn bezoek aan elke politiek leider in elk land. We zijn in nauw contact met het ministerie van Buitenlandse Zaken. Daar kent men onze opvattingen.”

Wat zou er kunnen gebeuren na het bezoek van de dalai lama?

„Daar wil ik niet op vooruitlopen. We moeten elk beschadigend effect op de goede relaties vermijden. En dan kunnen we ons beter niet bezighouden met de vraag wat nog acceptabel is. We hebben goede relaties, er heerst een goede atmosfeer, laten we die zo houden. Ik ga niet zeggen wat de volgende stap is. Ik heb het volste vertrouwen in de wijsheid van de Nederlandse politici.”

U waarschuwt alleen maar.

„Ja, maar van bezoeken van de dalai lama aan andere landen weet men dat dit negatieve gevolgen kan hebben.”

Een concreet voorbeeld geeft u niet.

„Ik wil de gevolgen vermijden.”

Nederlandse politici zeggen: wij bepalen zelf wie we uitnodigen.

„Ik heb de achtergronden uitgelegd. Als die worden begrepen, kan je niet zeggen dat dit een binnenlandse aangelegenheid van een ander land is. Het raakt China’s fundamentele belangen. Als dat niet zo was, zou ik niets gedaan hebben.”

Wat zouden de parlementariërs tijdens hun onderhoud moeten vragen aan de dalai lama?

Lachend: „Ik denk niet dat ik hier op kan antwoorden. Onze positie is duidelijk. We willen niet dat de dalai lama politici ontmoet.”

Een delegatie uit de Tweede Kamer wil in juli China bezoeken. Komt die reis in gevaar?

„Ik heb het gemeld, maar nog geen antwoord gekregen van Peking.”

Kan het een probleem worden?

„Opnieuw, ik loop niet op de zaken vooruit.”