Deal Sprint en Ericsson gunstig

De prijzen van telecomapparatuur zijn gestaag gedaald. Daarom is het niet verwonderlijk dat producenten, van het Canadese Nortel tot het Frans-Amerikaanse Alcatel Lucent, in serieuze moeilijkheden verkeren. Het zal alleen nog maar erger worden, omdat de markten voor mobiele telefonie verzadigd raken. Gelukkig voor producenten als het Zweedse Ericsson biedt de toenemende druk op de aanbieders ook kansen. De Amerikaanse aanbieder Sprint onderhandelt bijvoorbeeld met Ericsson over het beheer van zijn netwerk.

Terwijl in de afgelopen jaren de vastelijntelefonie stagneerde of kromp, groeide de mobiele telefonie als kool. Aanbieders en producenten die gevoelig waren voor de markt voor vastelijntelefonie hadden het zwaar, terwijl de bedrijven die zich richtten op de mobiele markten het over het algemeen goed deden.

Nu loopt de groei van de mobiele telefonie terug. In Italië zijn er meer mobiele telefoons in gebruik dan dat er mensen zijn. Zo ver zijn de Verenigde Staten nog niet, maar de meeste mensen die daar een nieuw mobieltje willen, hebben er al een.

Eén antwoord op marktverzadiging is grotere concurrentie tussen aanbieders voor exclusieve toegang tot dure speeltjes als de iPhone, waadoor ze zich van hun rivalen kunnen onderscheiden. De vaker voorkomende reactie is prijsconcurrentie. In de VS heeft de snelste groei zich voorgedaan bij simlockvrije aanbiedingen, die van oudsher groot zijn in Europa. Zulke prepaidarrangementen zijn voor de aanbieders veel minder profijtelijk dan abonnementen.

Kijk naar Sprint. Dat heeft het afgelopen kwartaal nog eens 1,25 miljoen abonnees verloren. Maar het totale aantal klanten daalde nauwelijks, omdat de simlockvrije aanbiedingen aan populariteit wonnen. Het gevolg was een dalende omzet – hetgeen gevaarlijk is in een sector waar veel geleend geld in omgaat.

Om te bezuinigen overweegt Sprint Ericsson zijn netwerk te laten beheren. Andere aanbieders doen hetzelfde – de omzet van Ericsson uit dit marktsegment is in het eerste kwartaal met 34 procent gestegen. Maar een contract met Sprint, dat jaarlijks 400 miljoen dollar zou kunnen opleveren, zou veruit het omvangrijkste zijn.

De redenering achter dit uitbesteden van werkzaamheden is eenvoudig. Sprint zou met lagere kosten blijven zitten, omdat Ericsson vermoedelijk een deel van de 7.000 werknemers zal ontslaan.

Ericsson troeft op zijn beurt IBM op eigen terrein af. Het concern gebruikt hardware steeds vaker als een opening om de verkoop van software en diensten op gang te brengen. De omzet daaruit is stabieler, en de winstmarges op de dienstverleningsactiviteiten zijn hoger. Als Ericsson meer contracten in de wacht weet te slepen, zouden de marges ook moeten stijgen, omdat het concern dan meer werkzaamheden kan verdelen over minder werknemers.

Hoewel beide partijen blij mogen zijn met dit soort overeenkomsten, mogen zij zich niet al te zeer op de borst kloppen. De besparingen voor de aanbieders lossen hun fundamentele probleem niet op – dat de klanten overschakelen op goedkopere aanbiedingen. En dat betekent weer dat producenten van apparatuur, zoals Ericsson, de broekriem zullen moeten blijven aanhalen.

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen: www.breakingviews.com

    • Robert Cyran