De apothekersassistent

Hoe bent u in Nederland beland?

„Ik kwam hier in 1997, op mijn vijftiende, in het kader van gezinshereniging. Mijn vader was in 1995 gevlucht uit Irak. Als Koerd werd hij bedreigd door het regime van Saddam.”

Hoe is het u hier sinds die tijd vergaan?

„Toen ik in Nederland kwam ben ik direct met een taalcursus begonnen. Ik pikte de taal rap op. Dat gaf me de mogelijkheid hier snel een nieuw leven op te bouwen. Ik heb mijn middelbare school afgemaakt en heb vervolgens de mbo-opleiding tot apothekersassistent gevolgd. Ik werk nu een aantal jaar in een apotheek, eerst in Den Haag en Leiden en nu in Amsterdam. Dat bevalt me uitstekend, vooral omdat ik als assistent veel contact heb met de patiënten aan de balie. Toch ligt mijn hart nog steeds in Irak. Het is mijn droom om ooit een bijdrage te leveren aan de opbouw van mijn land. Ik denk dat ik dat het beste kan doen vanuit de politiek, bijvoorbeeld als parlementslid of beleidsadviseur. Om die reden heb ik de afgelopen jaren politicologie gestudeerd aan een Arabische universiteit in Den Haag. Die studie besteedde veel aandacht aan de politiek en de geschiedenis van het Midden-Oosten.”

Wordt u gehinderd in het verloop van uw carrière door uw buitenlandse achtergrond?

„Ik ben een Nederlander met een Nederlands paspoort. Maar goed, dat zie je aan de buitenkant natuurlijk niet aan mij. Ik merk eigenlijk weinig van discriminatie. Vorig jaar wilde een cliënt in de apotheek niet door mij worden geholpen. Maar dat was echt een uitzondering.”

Tobias Reijngoud