Blind proef je geen verschil

Wat zijn we er toch druk mee, met eten. Je begrijpt bijna niet hoe je het vroeger deed, gewoon wat dingen kopen en die klaarmaken. Nu is ‘gewoon wat dingen kopen’ al snel fout op alle fronten. Waar komen die dingen vandaan? Wat is de versheid van die dingen? Hoe zijn ze behandeld? Smaken ze zo goed als ze kunnen? Waar moet je ze kopen? Enz.

Las toevallig een stukje Paulus, de eerste brief aan de Korinthiërs, waarin staat: „U mag alles eten wat er in de vleeshal wordt verkocht; u hoeft niet omwille van uw geweten na te gaan waar het vandaan komt.”
Natuurlijk dacht Paulus daarbij in het geheel niet aan de al dan niet diervriendelijke behandeling van het vlees, hem ging het erom of het vlees al dan niet afkomstig was van offerdieren die gebruikt waren bij heidense rituelen.

Nu is zo’n aanbeveling dat je niet omwille van je geweten na hoeft te gaan waar het vlees vandaan komt juist uitgesproken onethisch geworden. Je hebt de plicht om het na te gaan.

En eigenlijk ook de plicht om ethisch vlees en ethische groenten enz. lekkerder te vinden dan die onverschillige foute spulletjes.

In het Groeneveldblad, een uitgave van de Stichting Groeneveld, schrijft Dick Veerman (van foodlog.nl) over wat we proeven en wat we weten en wat we menen te moeten proeven. Hij citeert Onno Kleyn, culinair journalist van de Volkskrant, die schreef, voorafgaand aan een reeks blinde proeverijen van vlees: „Ik voorspel dat er allerlei meningen komen die zeggen dat biologisch en scharrel en vrolijk beter smaakt. Ik heb er inmiddels heel wat blinde proeverijen op zitten, en mijn ervaring is anders. Ik proef geen verschil.”
Dat is dapper van Kleyn, want het is veel chiquer om te zeggen dat het een wereld van verschil maakt.

Ik moet eerlijk bekennen dat ik er helemaal niet ontzaglijk veel blinde proeverijen op heb zitten, maar altijd behoorlijk vooringenomen aan het proeven sla. Vol verwachting van wat deze heerlijke biologische kip, dit echte superstukje varkensvlees voor sensaties zullen opleveren. Als het tegenvalt denk ik: verkeerd klaargemaakt, sufferd, let dan ook beter op. En als het heerlijk is denk ik: zie je wel, het loont! Biologisch!

Dat spek dat ik op de markt koop bij die geitenhouder die ook een paar varkens heeft, dat is echt heel lekker spek hoor, oneindig veel heerlijker en vetter dan dat van de supermarkt. Als je dat een beetje uitbakt en je strooit het over de jonge tuinbonen, en je bakt ook een paar asperges even kort en die leg je ernaast, in stukken. En dan ga je naar de aardappelhandel en je neemt krieltjes en die boen je schoon en je stoomt ze, gewoon in zo’n uitklap stoommandje. Fleur de sel erop, omdat dat zo lekker knispert en een beetje boter - koude boter die smelt over warme aardappeltjes, dat is zoiets heerlijks.

En als je dan ook nog op een markt bent waar ergens iemand staat met eieren die van kipjes komen die de hele dag dolgelukkig zijn omdat ze haver te eten krijgen, wat zich vertaalt in knalgele dooiers en bijna korrelig wit, en je kookt zo’n eitje erbij - ja dan maal je echt niet meer om iemand die blind proevend zegt dat het niets uitmaakt. Want wat je proeft is allemaal geluk, smaak, aandacht, liefde, lente enz. Daar moet je niet blind voor zijn. Daar moet je de ogen voor openen.

Voorjaarsbordje (voor 4 personen)

  • 1 kilo krieltjes
  • 1 ½ pond tuinbonen
  • stukje biologisch spek
  • klontje boter
  • 1 pond asperges
  • 4 echt verse eitjes
    • Marjoleine de Vos