Nederland moet Amerika niet slaafs volgen

De NAVO heeft met succes de vrede gebracht, meent Frits Bolkestein. En we kunnen de NAVO nog hard nodig hebben. Maar laat de NAVO geen uitzendbare expeditiemacht worden.

De NAVO is een buitengewoon succesvolle militaire alliantie gebleken. Niet dat het altijd eenvoudig was om het bondgenootschap bijeen te houden. Vooral het zogeheten kruisvluchtwapen aan het eind van de jaren tachtig leek een splijtzwam te worden. De plaatsing van SS-20 raketten door de Sovjet-Unie in Oost-Europa was een poging tot politieke intimidatie van West-Europa met militaire middelen die de NAVO onmogelijk onbeantwoord had kunnen laten.

De Nederlandse regering werd in deze zaak in niet geringe mate gehinderd door de vredesbeweging, waaronder het Interkerkelijk Vredesberaad onder leiding van Mient Jan Faber. Die vredesbeweging was een stoorzender die poogde de strategie van de NAVO – plaatsen plus onderhandelen – te frustreren.

Het kabinet werd door de gong gered, want de ontwapeningsonderhandelingen maakten de plaatsing overbodig. Dit was een succes van de NAVO, niet van de vredesbeweging, wier politiek gebaseerd was op illusies. De NAVO is de enige vredesbeweging, die die naam waardig is.

In 1992 werd de Sovjet-Unie ontbonden, wat Poetin, de huidige premier van Rusland, de ergste ramp noemt die zijn land heeft getroffen.

De Russische geschiedenis vormt een opeenvolging van perioden waarin men naar het Westen kijkt en andere waarin men denkt dat alle heil van de Slaven komt. Schematisch zou men kunnen zeggen dat Rusland in de jaren negentig door het Westen werd beïnvloed en dat met het aantreden van Poetin de slavofielen weer de overhand hebben gekregen.

Nu staat een uitbreiding van de NAVO op de agenda. Ik ben daartegen. Het gaat nu over Oekraïne en Georgië. Die landen willen lid worden van de NAVO, hoewel de zaak in Oekraïne omstreden is.

Ik heb twee argumenten voor mijn opstelling. Ten eerste bevat het NAVO-verdrag een belofte in artikel 5: een aanval op één is een aanval op allen. Welnu, gesteld dat Rusland een van beide landen binnenvalt, moeten dan Nederlandse pantsereenheden in het geweer komen? Moeten dan Nederlandse F-16’s Russische tanks gaan bombarderen?

Het tweede argument bestaat uit de Russische reactie. Het NAVO-lidmaatschap van Oekraïne ligt daar uiterst gevoelig. Dat is begrijpelijk, de oorsprong van Rusland ligt daar. Nu zou daar nog mee te leven zijn, ware het niet dat wij Rusland nodig hebben.

Wij hebben Rusland nodig vanwege zijn olie en vooral gas. Zodra dat gas wordt afgeknepen, klinkt er een gehuil op van de Europese landen die daarvan afhankelijk zijn.

Wij hebben Rusland verder nodig ter zake van de non-proliferatie van kernwapens, de export van nucleair materiaal en de bestrijding van het terrorisme.

Wij hebben Rusland ten slotte nodig waar het Iran en Afghanistan betreft. Wij zijn dus gebaat bij een stabiele en zakelijke relatie met dat land.

Het is begrijpelijk dat Jaap de Hoop Scheffer, secretaris-generaal van de NAVO, streeft naar de opbouw van een waarachtig partnerschap met Rusland. „Er is meer dan genoeg”, zei hij (de Volkskrant, 3 april), „dat we met wederzijds voordeel samen kunnen doen”.

Maar om dan tegelijk Moskou tegen de schenen te trappen door de toetreding van Oekraïne en Georgië te bepleiten is volstrekt tegenstrijdig en dus onbegrijpelijk. Van die toetreding zei De Hoop Scheffer dat het niet een zaak was van „of” maar van „wanneer”. Die uitspraak wekt verlangens die niet vervuld zullen worden en is dus onverantwoord. De secretaris-generaal van de NAVO moet zijn prioriteiten beter ordenen. Hij volgt de Amerikanen slaafs en dat is niet in ons belang.

Er wordt nu gedebatteerd over een opvolger van de F-16, de Joint Strike Fighter. Die JSF is vast een uitstekend toestel, daar twijfel ik niet aan. Maar het is ook peperduur. De centrale vraag is: wat is het strategisch concept waarop deze aanschaf is gebaseerd? Met andere woorden: waar is de vijand? Men spreekt in de Kamer over prijs en kwaliteit, over de werkgelegenheidseffecten van de tegenorders, maar niet over de vraag waar het toestel voor dienen moet.

Is die vijand het Rode Leger? Maar dat ligt aan het infuus. Het heeft het Georgische leger in de pan gehakt. Big deal. Wij wilden toch een stabiele en zakelijke relatie met Rusland? Daar heb je zwaar militair materieel niet voor nodig.

Het is waar dat F-16’s in Afghanistan worden gebruikt. Zij zouden door de JSF kunnen worden afgelost. Maar is het gebruik van zulke toestellen daar verstandig?

In 2008 werden tweeduizend burgers slachtoffer van de oorlog. Achthonderd daarvan werden door ISAF-troepen veroorzaakt, hoofdzakelijk door de luchtmacht. Daarmee win je niet de hearts and minds van de Afghaanse burgers. Al-Qaeda doodde elfhonderd burgers vorig jaar. De Afghanen zeggen: krijg de pest allebei.

Mijn conclusie wat betreft de JSF is: niet doen. Dat zal de Nederlandse industrie heel vervelend vinden, want die rekent op tegenorders. Maar die maken de aanschaf van de JSF duurder dan anders – zonder tegenorders – het geval zou zijn geweest. Als men de meerprijs deelt door de waarde van de tegenorder, blijkt deze operatie dure industriepolitiek te zijn. Als men toch wil kopen, is het beter niet vóór in de productieserie te zitten en alleen de kale prijs te betalen: buy off the shelf.

De NAVO is en blijft een unieke militaire organisatie, want een multilateraal samenwerkingsverband op vrijwillige basis. Zij moet in good running order worden gehouden. Het is goed mogelijk dat wij de NAVO nodig zullen hebben, bijvoorbeeld ter verdediging van de aanvoerlijnen van olie en gas of ter bestrijding van het terrorisme. Bovendien is het belangrijk de band met de Amerikanen vast te houden. Zonder de VS zou de NAVO uiteenvallen.

Men zegt wel van de NAVO: out of area or out of business. Daar zit wat in. Maar dan moeten die ‘out of area’-operaties wel succesvol zijn. Wat betreft Afghanistan is dat nog geenszins duidelijk.

Wat in ieder geval niet mag gebeuren, is dat de NAVO een expeditionaire krijgsmacht wordt die overal ter wereld kan optreden. Want als zo’n krijgsmacht kan optreden, zal zij dat ook doen. De NAVO mag niet de reparatiekist worden van de enige politieman van de wereld. De blunder van de oorlog tegen Irak is wat dat betreft een waarschuwing.

Dit is een verkorte versie van de rede die Frits Bolkestein vandaag uitsprak in Wageningen. Bolkestein was fractievoorzitter van de VVD, minister van Defensie en eurocommissaris.