En graven doe je ’s nachts

Een nacht bunkeren in Zuid-Holland, van uur tot uur. De verslaggever mocht voor deze ene keer mee met vijf bunkeraars.

21.00 uur Bij schemering worden vijf jongens in donkere kleren afgezet langs de zeeweg. Scheppen in tassen, fluks een duinpaadje in. De auto’s worden verderop geparkeerd. Als mensen vragen wat ze gaan doen, gaan ze vissen, grappen ze. De prikstokken lijken net hengels in het donker. Ze zijn bijzonder op hun hoede. Eind maart werd een lijk in de duinen gevonden. De politie heeft wandelaars gevraagd waakzaam te zijn, wat de pakkans vergroot.

22.00 uur Na een voettocht door rul zand, prikkeldraad en duindoorn vinden de jongens de duin waaronder de verblijfsbunker (Gruppenunterstand) zou moeten liggen. Ze beginnen te prikken. Minuten duurt het tot ze zacht ‘tik’ horen. Als ze met een voet stampen, galmt het dof en diep onder de grond. Verlossend geluid. Ze prikken door om de ingang te bepalen.

23.00 uur Met vier man graven, tot 4 meter diep. De bunker ligt 1,5 meter onder het zand en ze moeten onder het 2 meter dikke dak door. De kuil wordt ook 4 meter breed, om het gevaar van instorting te beperken. De zaklamp gebruiken ze zo min mogelijk. Ze doen het met het licht van sterren en kassen.

00.00 uur Armen worden zuur, benen zwaar. Wie niet graaft, valt hoon ten deel. Ze praten intussen met gedempte stem over ‘bunkerboeken’ en halen herinneringen op. „Weet je nog die 612 in Normandië?”

01.00 uur Het animo neemt af. „Als deze niks oplevert, ga ik volgende week tv kijken”, zegt een bunkeraar. Maar het regime blijft spartaans. Geen cola, schnaps of snoep. Eén traditie wordt echter stug in stand gehouden: knakworsten, opgewarmd op een butagasje. Die smaakten nog nooit zo goed.

02.00 uur Eén hand gaat de bunker binnen. Opeens zijn alle irritaties, pijntjes en zorgen over veiligheid verdwenen. Zand dat eerst met de schep metershoog langs de randen van het gat werd opgestapeld, wordt nu met de voeten naar binnen geduwd zodat er een glijbaantje ontstaat. Dan verdwijnt een jongen even helemaal in het gat. Het blijft doodstil. Als zijn grijnzende gelaat verschijnt, gooit de rest de scheppen weg. Eerst laten ze de bunker vollopen met lucht. Het is er stikbenauwd.

03.00 uur In de bunker is het koel en vochtig. Dikke druppels hangen aan het plafond vol roestige stalactieten. Eerst zoeken ze het unieke bunkernummer. Daarnaast vinden ze de verdeelkast waar de telefoon- en elektriciteitskabels de bunker binnenkwamen. Daar een periscoopvoet. „Nooit eerder gezien!” En hier, in de gassluis, een onderdeel van het luchtfiltersysteem, onder een dikke laag bultige kalk. In de verblijfsruimte (Bereitschaftsraum) ligt centimeters water. Ze moeten voorzichtig stappen, anders wordt het water troebel en zien ze niet meer wat erin ligt. In het water liggen de handgrepen van de nooduitgang, een geweerdopje en een reepje gebruiksaanwijzing van de luchtfilterinstallatie. „Tod droht”, kunnen ze ontcijferen. En: „einatmen gefährlich”. De mannen zijn door het dolle heen. Een gavere bunker vonden ze nog niet, „dit is de bunker waar je het voor doet”. Alles gaat op de foto en wat in de zakken past, mee naar boven.

04.00 uur Krijgsberaad. Het oorspronkelijke plan om de kuil dicht te gooien voor het licht is, is van de baan. De bunker zit nog vol zeldzame onderdelen. Maar om de batterijkast (het noodaggregaat voor de bunkertelefoon) mee te nemen, is een ijzerzaag nodig. Eén man bewaakt de kuil, de rest gaat gereedschap halen.

05.00 uur Bij de auto besluiten twee bunkeraars naar huis te gaan. Eéntje moet thuis de hond uitlaten en komt later terug. De ander moet de volgende dag naar Ikea, met zijn vriendin.

06.00 uur Terug in de bunker. Nu ontdekken ze lichtgevende verf op de muren. En namen, met potlood. De persicoopvoet is zo zwaar dat ze die in de bosjes moeten leggen om later op te halen.

07.00 uur Het is al licht buiten. Als ze uit de kuil kruipen, maken ze grapjes: „Ist der Krieg vorbei?” Het dichtgooien van de kuil duurt langer dan gedacht. De duin blijft oneffen, maar over een paar weken zie je er niets meer van, weten ze.

08.00 uur Even in de zon liggen. En bespreken welke bunker er volgende week wordt betreden. Voor ze in slaap dreigen te vallen, vervolgen ze hun weg naar de parkeerplaats.

09.00 uur Thuis. Een spoor van zand op de trap. Op hun kamers verstoppen ze hun vondsten en slapen ze een gat in de dag.