Wie debatteerden er deze week en waarover?

Debat: Populisme als politiek drijfzand. Door uitgeverij Cossee en Felix Meritis. Felix Meritis, Amsterdam, 28 april 2009.

Zijderveld is het volk ontstegen

Eerst was er het nieuws over het opgezegde lidmaatschap van CDA-prominent Anton Zijderveld. Maar waarom was hij nou zo geërgerd door CDA-voorzitter Peter van Heeswijk die de PVV van Wilders niet uitsloot als regeringspartner? Trouw-columnist Sylvain Ephimenco vond het maar vreemd, omdat Zijderveld eerder Marokkanen omschreef als „tuig dat misbruik maakt van de ruimte die onze rechtsstaat biedt”. Zijdervelds repertoire, zo schreef Ephimenco, komt namelijk „aardig in de buurt van de PVV-riedeltjes”. Tijdens de bespreking van Zijdervelds essay Populisme als politiek drijfzand bleek dat niet opzienbarend, maar er was wel een ander aspect van het populisme dat Zijderveld verafschuwde.

In pak, met de ridderorde in zijn knoopsgat, vertelde hij over die „griezelige” ontwikkeling. Populisme is, zo zei hij, de gedachte dat de stem van het volk de stem van God is. Maar omdat God niet zelf die stem kan verkondigen, neemt een leider die plaats in. Het taalgebruik van populisten is grof en niet intellectueel. Ze maken gebruik van de „zinderende onvrede” die in Nederland heerst. Burgers hebben het idee dat de politiek in Den Haag hun persoonlijke belangen niet serieus neemt – en verwijzen graag naar de vermeende kloof tussen burger en politiek. Maar die kloof is voor Zijderveld juist te klein. „Er moet afstand zijn. De burgers moeten er niet bovenop zitten. Dat geeft spanningen, irritaties.”

Premier Balkenende (CDA) maakte daarom een fout door in de eerste honderd dagen van het kabinet het land in te trekken. „Het volk zit al in de Tweede Kamer. Het was een staatsrechterlijke blunder.” Populisten wijzen ons op allerlei negatieve ontwikkelingen. De crisis, Europa, de Oost-Europeanen. „Daar heb ik last van”, zei Zijderveld. En het dringt zelfs door tot de intellectuelen. „Er zijn bestuurskundigen die Wilders steunen. Populisme is een uitdijende olievlek.” 

En dus moet er iets gebeuren aan de „emotiepolitiek”. Zijderveld wil dat doen via „educatie”. Niet alleen door op scholen politiek te onderwijzen, maar ook door het creëren van verantwoord burgerschap. En er is één groep die dat het beste kan doen: de elites, oftewel „de denkende delen der natie”. Zonder hen is onze samenleving als een „romp zonder hoofd”. 

Na de lezing van Zijderveld mochten socioloog Dick Pels en bestuurskundige Rik Peeters reageren. Het publiek moest even geduld hebben.

De kritiek van Pels en Peeters was ongeveer dezelfde: Zijderveld vindt directe democratie vreselijk en miskent de voordelen van het populisme. Pels vond hem „te neerbuigend” over de „onrust onder het gewone volk”. Kijk beter naar de uitdagingen die het populisme biedt: directe democratie, adviseerde Pels. Zonder romp is een hoofd immers niet levensvatbaar. Debatleider Steve Austen merkte op dat Nederland het enige land in Europa is waar wetten niet aan de grondwet getoetst worden. Dat maakt de staat immuun. De politieke elite wantrouwt het volk kennelijk. Maar hij vergat daarbij te vermelden dat het grootste verzet tegen een constitutioneel hof van het CDA komt.

Zijderveld reageerde daarna op de kritiek van Pels en Peeters – en en passant op een aantal opmerkingen uit de zaal die door de debatleider waren ‘verzameld’ – maar ging niet in op de uitdagingen van directe democratie. Hij benadrukte nog eens zijn angst: „Populisten willen dat het gewone volk regeert en daar moeten we tegenin gaan.” 

Een oudere man stond op en vertrok alvast. Op de gang mompelde hij dat het niet gek was dat de kloof tussen burger en politiek groeide. Zijderveld luisterde slecht en ging niet in debat met de zaal. „Zou hij het ooit weleens gewoon over voetbal hebben?”, vroeg hij zich af.

Huib Modderkolk

    • Huib Modderkolk