Zaken gaan voor oud zeer tussen China en Japan

De Japanse premier Aso heeft een tweedaags bezoek aan China afgesloten. De ontmoeting met China’s president Hu Jintao was opvallend gewoon.

Werkbezoek na werkbezoek, stap voor stap, zijn de Chinees-Japanse politieke relaties dusdanig verbeterd sinds 2006, dat het bezoek van de Japanse premier Taro Aso aan China bijna afgedaan kan worden als routinediplomatie.

Het was alweer de derde, rechtstreekse ontmoeting van de Chinezen en de Japanner, zo normaal zijn rechtstreekse contacten op het hoogste niveau geworden.

Japan en China hebben zo’n lange en gewelddadige geschiedenis met elkaar gemeen en de anti-Japanse sentimenten in China zijn nog zo wijdverbreid dat het opmerkelijke van Aso’s tweedaagse bezoek vooral school in het gewone, bijkans routineuze karakter ervan.

Het hielp dat premier Aso geen gevoelige kwesties aansneed, zoals het dispuut over de vraag van wie de gasvelden in de Oost-Chinese Zee zijn. Ook hielp dat China had besloten niet al te zwaar te tillen aan het feit dat de Japanse premier vlak voor zijn bezoek aan China een boom schonk aan de Yasukuni-tempel, die onder andere gewijd is aan Japanse oorlogshelden, die buiten Japan als misdadigers te boek staan.

Het is ook Peking opgevallen dat Aso de tempel niet persoonlijk heeft bezocht en dat ook niet van plan is te doen, in tegenstelling tot zijn voorgangers, onder wie de in China gehate Koizumi (premier van 2001-2006).

De oude Yasukuni-tempel in Tokio wordt in China beschouwd als een symbool van Japanse militaire agressie gedurende de tweede Chinees-Japanse oorlog van 1931 tot 1945.

Aso’s bezoek viel toevallig samen met de première van de film Stad van Leven en Dood over de slachting die Japanse troepen in 1937 onder de bevolking van Nanking aanrichtten. De door Peking gefinancierde film waarin de Japanse soldaten, inclusief de keizer uiteraard als oorlogsmisdadigers worden geportretteerd, is in de Chinese bioscopen een succes.

President Hu Jintao maakte gisteren nogmaals duidelijk dat wat China betreft het verleden niet vergeten is, maar dat „historische problemen” de ontwikkeling van de relaties tussen de tweede en derde economieën van de wereld niet in de weg mogen staan.

Voor China is het belang duidelijk. De Japans-Chinese handel is goed voor 266 miljard dollar, Japan is na de VS het belangrijkste exportland en vrijwel alle grote Japanse ondernemingen hebben fabrieken op het Chinese vasteland. Het belangrijkste nieuws van de Chinees-Japanse top was dat beide landen samen de volgende generatie mobiele-telefonietechnologie gaan ontwikkelen.

    • Oscar Garschagen