Binnen de huid 2

J.J. Voskuil heeft zich nooit ten doel gesteld een gevierd schrijver te worden, zoals Elsbeth Etty meent (Boeken, 10.04.09). Hij schreef wanneer hij daar behoefte aan had, omdat schrijven zijn manier was om met zichzelf in het reine te komen.

Binnen de huid begint waar Bij nader inzien ophoudt en dat is niet alleen chronologisch zo. Bij nader inzien gaat over een studentenvriendenkring waarin na enige tijd, onder druk van de naderende intree in de maatschappij, de ene na de andere vriend zichzelf en de vriendschap verloochent, tot er aan het eind van het boek van de oorspronkelijke droom van eerlijkheid, trouw en solidariteit niets meer over is. In Binnen de huid, is de verrader Voskuils alter ego Maarten Koning zelf.

Binnen de huid beschrijft een existentiële crisis, zoals Elsbeth Etty terecht opmerkt, maar ik betwijfel of ze wel weet wat dat is. Een existentiële crisis heeft namelijk niets met maatschappelijk succes of wansucces te maken, het is een gevecht van een mens met zichzelf. Raskolnikov van Misdaad en straf belandt in een existentiële crisis wanneer hij uit nobele motieven een dubbele moord pleegt en dan door afschuw van zichzelf wordt overmand: een duidelijk, maar theoretisch romangeval. Voskuil schrijft alleen over zijn eigen leven. Zijn boek gaat over de relatie tussen twee bevriende echtparen, restant van de voormalige vriendenkring, waarvan het ene, Paul en Rosalie, nu op weg is naar een comfortabele plaats in de maatschappij, terwijl het andere, Maarten en Nicolien, weifelt aan de rand, en wat er gebeurt is niets anders dan dat Maarten plotseling hevig verliefd wordt op Rosalie. Een zaakje dat in de beschaafde intellectuele kringen waarin Paul en Rosalie zich bewegen tot volle tevredenheid van alle betrokken partijen kan worden geregeld, maar dat Maarten Koning, wie het zoals Elsbeth Etty zegt aan lef en levenskunst ontbreekt, net als Raskolnikov in een existentiële crisis stort. Alles waar hij zich zeker van voelde, wordt meegesleurd in de draaikolk van zijn chaotische gevoelens en zijn weerzin van zichzelf, tot hij met Rosalie in bed belandt en op het beslissende moment niet kan.

Dat seksuele fiasco, dat Elsbeth Etty aanziet voor het vernederende dieptepunt van het boek en de giftige bron van al die rancuneuze jaloezie op zijn succesvolle voormalige vrienden die ze Voskuil toedicht, is een keerpunt, jawel, maar een ander dan Etty denkt. Ik kan niet, dus ik hoef ook niet: dat inzicht geeft eindelijk rust. Maarten is op de bodem van zichzelf aangeland en kan opnieuw beginnen.

Binnen de huid is een beklemmend, schokkend, en tenslotte bevrijdend boek. Dat wil zeggen, het is dat voor wie niet terugschrikt voor de confrontatie met zichzelf. Wie zich nooit heeft afgevraagd wie hij is en zijn zelfrespect put uit zijn maatschappelijk prestige, wordt onvermijdelijk geraakt in zijn zwakste plek en slaat terug met de wapens die hij heeft, zoals Elsbeth Etty doet. Zodat haar artikel heel goed gelezen kan worden als een onbedoeld zelfportret.

    • Frida Vogels