Iraanse zanger roept de wind aan

Wereldmuziek Homayoun Shajarian & Dastan Ensemble. Gehoord: 17/4 KIT Tropentheater Amsterdam.***

Het is bijna een onmogelijke opgave in de voetsporen te treden van een levende legende, die ook nog eens je vader is. Homayoun Shajarian (1975) is de zoon van Mohammed Reza Shajarian, de grote stem van de klassieke Perzische muziek. Hoewel zijn programma in het Tropenmuseum een mooie assemblage was van gezongen poëzie uit de 13de eeuw en van hedendaagse dichters, maakte hij vocaal de hooggespannen verwachtingen niet waar.

In de instrumentale bedding waarmee zijn ensemble hem rustig omringde, ontplooide Homayouns stem zich niet genoeg in de rijk uitgesponnen improvisaties, die zijn vader tot meester van het genre maakt. Tahrir (vrijheid), heet deze vocale ornamentatie, een soort van Iraans jodelen, zou je kunnen zeggen. In de klassieke zangkunst zoals die aan de hoven van het oude Perzië tot aan het begin van de 20ste eeuw tot ontwikkeling kwam en die door de Iraanse Revolutie in 1979 en haar herwaardering van het culturele erfgoed opnieuw populair werd, is het die vrije zang waarin de zanger zijn artistieke persoonlijkheid toont.

Homayouns versieringen van de klassieke Perzische melodielijnen, de radif, klonken vlak en braaf. Slechts in het eerste nummer na de pauze meanderde zijn stem rijk in een vraag en antwoord met de kemanche (vedel).

‘Dartel zacht om haar gevlochten lokken heen, vervul de wereld van oost tot west met hun muskusgeur’, daarmee roept de oude dichter de wind aan. Even was daar de muziek die zich verheft boven alles. Homayoun is al enige tijd onder vaders vleugels weg. Maar misschien doet hij er goed aan bij tijd en wijle nog eens terug te keren naar zijn ouderlijk huis.

    • Ernestina van de Noort