Vies bestaat wel degelijk

Geweldige vraag stond er gisteren in nrc.next: „Waarom hebben mensen verschillende smaken?” Dat vraag ik me ook vaak af. En niet alleen op het gebied van eten en parfum, waar deze vraag over ging. Al sta je ook op die terreinen soms paf vanwege uitgesproken stinkluchten die mensen met overgave over zich heen sproeien omdat ze serieus denken dat ze dan lekkerder ruiken, of vanwege hun onverbiddelijke afkeer van zoiets verrukkelijks als haring.

De lezeres die de vraag stelde, schreef dat haar vriend niet van paprika hield. Paprika. Hoe kun je daar nu tegen zijn? De rauwe smaakt meestal naar niets, je zou niet eens weten hoe je er iets aan moest proeven dat je niet lekker vond, en de gestoofde of gegrilde is zo zoet en zacht, die lusten baby’s zelfs nog.

Next had onder meer televisiekok Pierre Wind geraadpleegd voor een antwoord op deze vraag en die had gewoonweg beweerd dat het allemaal een kwestie was van wat je aanleert in je jeugd. Hebben de ouders het weer gedaan. Uit piepkleine ondervinding weet ik wel dat dat niet waar is.

Natuurlijk ken ook ik veel leuke ouders die hun driejarige kinderen olijven leren eten, of peuters die als ze amper kunnen brabbelen beleefd om avocado vragen. Dan kunnen we allemaal doen alsof die kinderen zo’n geweldige smaakontwikkeling hebben omdat hun ouders altijd in volmaakte volzinnen uitgebalanceerde dinervoorstellen aan ze doen, maar eigenlijk zijn die ouders gewoon bofkonten met zulke kinderen.

Ik heb bijvoorbeeld mijn eigen vader, die mij al spoedig aan de garnaal, de mossel en het kipkluiven had, hopeloos zien mislukken bij sommige van mijn broers die hardnekkig knakworst bleven prefereren boven contrefilet met sauce béarnaise. Al moet ik Wind wel toegeven dat die broers later, eenmaal volwassen, royaler van smaak werden. Maar dat ‘vies niet bestaat’ zoals Wind beweert, zullen zij hem zeker niet nazeggen.

Ik trouwens ook niet. Weliswaar lust ik alles, maar sommige dingen zijn toch vies. Vies klaargemaakt, stom geproduceerd, volgesmeerd met enge specerijenmengsels. Hu.

Laten we eens iets lekkers maken dat niet iedereen lust, wat wel jammer is voor iedereen. Inktvis. Bijna zoet en als je hem in tomatensaus stooft ook heel zacht.

Kies bij voorkeur verse inktvis uit de Noordzee en als er alleen bevroren inktvis is, kijk of vraag dan hoelang die ingevroren is geweest. Na meer dan drie maanden verliest-ie veel smaak.

Inktvis in tomatensaus (voor 4 personen)

  • 3 el. olijfolie
  • 1 1/2 pond pijlinktvis
  • 1/2 theelepel chilivlokken
  • 1 pond tomaten met smaak
  • 2 el. gehakte peterselie
  • 1/2 blikje tomatenpuree
  • spaghetti

Trek de kop uit het lijf, de meeste ingewanden komen dan mee. Snij de tentakels van de kop, gooi de rest met de ingewanden weg. Spoel de lichaamszak goed uit en haal het cellofaanachtige baleintje eruit. Snijd het lijf in stukken en dep die droog.

Verhit de olie in de pan tot-ie rookt. Bak de inktvis op hoog vuur. Doe de in stukken gesneden tomaten in de pan, bestrooi met chilivlokken, zout en een halve theelepel suiker en laat met het deksel op de pan een half uur zachtjes stoven. Doe de tomatenpuree en de helft van de peterselie erbij en laat nog een kwartier stoven. Kook intussen de spaghetti.

Giet de saus over de spaghetti strooi er de rest van de peterselie overheen en eet op. Eet er bijvoorbeeld koude gekookte sperziebonen met vinaigrette bij.