Soldaat van Napoleon

Dit weekeinde kun je in Delft gaan kijken hoe het eraan toeging in het leger van Napoleon. Maar kunnen wij wel echt begrijpen hoe het was om soldaat van Napoleon te zijn?

Was dat leuk: soldaat zijn in het leger van Napoleon? Je zou vandaag of morgen eens een kijkje kunnen nemen in het Legermuseum in Delft. Speciaal voor kinderen wordt daar voorgedaan hoe het eraan toe ging in dat leger. Wat voor uniformen de soldaten droegen, hoe ze moesten marcheren en hoe hun geweren werkten. Maar misschien stellen ze het te leuk voor.

Napoleon was een Corsicaan die twee eeuwen geleden ging werken in het Franse leger en dat zo slim, handig en dapper deed dat hij zichzelf in 1804 keizer van Frankrijk kon noemen. Hij is vooral bekend geworden van oorlogen die hij voerde met Oostenrijk, Rusland, Engeland en Pruisen. De koningen en keizers van die landen namen het de Fransen kwalijk dat ze in 1793 hun koning hadden onthoofd. Dat vonden ze geen goed voorbeeld.

Was dat leuk, soldaat zijn? Nee, dat was niet zo leuk. Was je officier, dus luitenant, kapitein of majoor of zo, dan sliep je tijdens een veldtocht meestal wel in een gekraakt huis. Of in een tent die soldaten voor je hadden opgezet. Maar de soldaten zelf sliepen meestal in de open lucht onder de zware jas die ze met zich meedroegen. Niks slaapzak, slaapmatje of luchtbed. Had het ’s nachts geregend dan had je de hele dag die zware natte jas aan. Soms was het zo koud en modderig dat de soldaten een paar lijken bij elkaar schoven om daarop de nacht door te brengen. Lijken waren er altijd wel in de buurt van Napoleon.

En een genoeglijk ontbijt met thee en beschuit zal er ook al niet in, het was al heel wat als je een stuk brood had. Nu goed, paardenvlees, dat was er altijd wel, want al die paarden die Napoleon bij zich had, werden natuurlijk net zo makkelijk door kogels getroffen als mensen. En dan kon je ze maar het beste opeten.

Veel kinderen waren er niet in het leger van Napoleon. Je had jongens van een jaar of twaalf, veertien die met een grote trommel liepen en zo lieten horen in welk tempo je op de vijand af moest lopen. De vijand maakte er een sport van om dat soort tamboertjes zo snel mogelijk dood te schieten. Ja, het was een gevaarlijk beroep.