Pedo

Vorig weekend zongen de fans van FC Antwerp de spelers van Virton toe: „Les Wallons sont des pédophiles”, (Walen zijn pedofielen). Tja, in Wallonië ligt dat toch iets gevoeliger. De schande van Dutroux is daar nog niet uitgewist. En dus was Franstalig België in rep en roer.

De publieke zender wijdde een urenlang debat aan het incident. De Waalse minister-president sprak van racisme. De Belgische voetbalbond beloofde strenger toezicht. Spelers en coaches dreigden met staking.

Nou, ja! Je mag veel roepen in voetbalstadions, maar niet dat een spits uit een pedofielennest komt. Ook hij heeft vader en moeder, soms kinderen.

FC Antwerp: de oudste club van België.

Ooit was de Bosuil wat San Siro in Milaan is. Het wemelde er van internationals. Illustere namen. Het stadion verloederde, de club kwam in geldnood, de voorzitter decreteerde en blameerde het hele leven naar zijn beeld en gelijkenis. Transparantie: nul.

FC Antwerp degradeerde naar tweede klasse (eerste divisie). Daar zwijmelt het nog steeds. Uitzicht op promotie is er niet, al wordt de schijn hoog gehouden met de jaarlijkse invoer van exotische spelers, liefst Oost-Europeanen. FC Club Med. Nog net geen broeihaard van schijnhuwelijken, zegt men.

De harde kern van FC Antwerp is sinds jaar en dag gevreesd. Deze heren gaan met de collega’s van Ajax geen weiland uit de weg. Het geluk van vechten, tot bloedens toe. Bij het uitblijven van succes zijn de spreekkoren alleen maar driester geworden. Iedereen hondenlul, iedereen gebrekkig, op zijn minst. En nu dan ook nog pedofiel. Jood, uiteraard.

De Belgische voetbalbond wil niet horen van racisme. Een pedofiel meer of minder, ach, wat maakt het uit? Eerder werd in Vlaamse stadions gezongen: „Walen zijn stront”: voor de bond ook geen probleem.

Oerwoudgeluiden? Dat is lachen! Elke week krijgen donkere jongens van hun (Vlaamse) tegenstanders te horen dat ze apen zijn, maar denk vooral niet dat een scheidsrechter zich aangesproken voelt. Hij fluit rustig door. Tot een stadionverbod voor het tuig in de tribunes komt het ook niet: te veel rompslomp, oordelen bondsinstanties.

Bond, clubbesturen, scheidsrechters: ze zijn allen medeplichtig aan de vervuiling van het voetbal. En altijd in naam van de liefde voor de sport, nooit uit ordinaire gemakzucht. Humanitaire principes: scheer je weg, toch niet op zondag, niet in het heetst van de strijd. Verbaal geweld, fysieke dreiging, vernielzucht en diefstal: het is er om gebagatelliseerd te worden.

Ik herinner me nog de geketende woede van Stanley Menzo om het bananenincident in zijn eerste jaar bij Ajax. Dat was dus in de jaren tachtig, in het stenen tijdperk. Vandaag, ruim een kwarteeuw later, lees ik dat hij van Emmen-coach Paul Krabbe te horen krijgt dat hij nog steeds een ‘kankeraap’ is. Waar is dan de vooruitgang in beschaving?

Deze week werd het huis van voorzitter Ronald van Vliet met vuurwerk en stenen bekogeld door supporters van FC Zwolle. Aanleiding: misverstandje met de trainer.

Eerder dit jaar moest Servé Kuijer het voorzitterschap van Roda JC opgeven vanwege bedreigingen van supporters. Aanleiding: een mogelijke fusie met Fortuna Sittard.

Ik heb niet de indruk dat ze daar in Zeist wakker van liggen. En naar enige solidariteit bij andere clubvoorzitters is het ook fluiten. Om het met de woorden van oud-Ajax-preses John Jaakke te zeggen: „Het voetbal is nu eenmaal geen wereld van koorknapen.”

Na de smakeloze spreekkoren in de Arena, tijdens de topper Ajax-Feyenoord, riepen analisten en insiders in koor: „Geen aandacht aan besteden, maak schoften niet belangrijker dan ze zijn.” Toen de burgemeesters Cohen en Aboutaleb toch wat meer moeite bleken te hebben met haatleuzen werden ze meteen door genoemde koorknapen bedreigd. Ahmed Aboutaleb mocht zowaar vernemen dat ook hij een ‘vieze vuile kankerjood’ is. Daar zullen ze nog van opkijken, in het Rifgebergte.

Waar eindigt haat en begint folklore? In voetbalstadions is het niet altijd eenkennig. Homo’s, pedofielen, joden, boeren… het slaat neer als vuile sneeuw. Maar stel nou eens dat een scheidsrechter anderhalf uur lang wordt nageroepen: „Dutroux, Dutroux…” En dat dan niet heel even, maar een seizoen lang. Hoe kom je dan ooit nog thuis? Wie helpt zo’n man over de brug van achterdocht en weerzin van zijn kinderen? Nee, niet de KNVB.

Hoezo: projectontwikkeling kan toch niet kleinzerig zijn?