Knus wel en wee

Na twee theaterstukken is de tv-serie Zeg ’ns Aaa ook weer terug op televisie.

Vorig jaar vroeg televisiegids Televizier aan de lezers welk programma uit de Nederlandse tv-geschiedenis ze het liefst zouden terugzien. Zeg ’ns Aaa, geschreven door Chiem van Houweninge, zijn vrouw Marina en Alexander Pola, eindigde op de eerste plaats. Het VARA-programma over de verwikkelingen in het doktersgezin Van der Ploeg, dat begon in 1981, groeide in dertien jaar uit tot de populairste Nederlandse comedyserie aller tijden. Onder de titel Sag mal Aah werd in 1991 bovendien een Duitse versie gemaakt, zenders in Spanje, Engeland en Nieuw-Zeeland zonden oorspronkelijke, ondertitelde of nagesynchroniseerde afleveringen uit. In 1993 kwam na 212 uitzendingen een einde aan de serie.

Maar de populariteit was daarmee niet beëindigd. Van Houweninge en echtgenote schreven twee theaterstukken (2003/2004 en 2007/2008) rond de werkster Mien Dobbelsteen (gespeeld door Carry Tefsen), nu werkzaam in de praktijk van Gert-Jan van der Ploeg (Hans Cornelissen), de zoon van het artsenechtpaar. Daar voegden zij onder meer de oude liefde van de jonge dokter, Wieb Lansberg (Kiki Classen), en Mien Dobbelsteens moeder Nel (Coby Timp) aan toe. „Als onze samenleving zo zou zijn als op het toneel”, prees Kester Freriks in deze krant het laatste stuk, „dan ligt geluk weer op straat.” Op dezelfde gezinsverhoudingen baseerden de schrijvers een nieuwe tv-serie, die vanaf vanavond door RTL 4 wordt uitgezonden.

De VARA noemde Zeg ’ns Aaa destijds een specifiek bij deze omroep passende productie, omdat maatschappelijke verhoudingen op een toegankelijke en herkenbare wijze aan de orde kwamen. In de serie verhielden werkende klasse en elite zich met een voorbeeldige vanzelfsprekendheid tot elkaar, het Hollandse antwoord op het enorme standsverschil in bijvoorbeeld de Britse serie Upstairs Downstairs. In Zeg ’ns Aaa werden de lossere normen en waarden van die tijd weerspiegeld, zoals die zich uitten in bewust ongehuwd moederschap, activisme (tegen woningnood en dierenleed) en vrije seksuele verhoudingen. Daar tegenover stond de nuchtere Hollandse burgermansvisie van Mien en Koos Dobbelsteen.

Blijkbaar bestaat vandaag alweer nostalgie naar een tijd dat activisme slechts een onschuldige jeugdzonde was en vrije seks nog geen keerzijde had. De revival van Zeg ’ns Aaa past ook in een algehele behoefte aan amusement van weleer, zoals de serie ’t Vrije Schaep (gebaseerd op ’t Schaep met de 5 pooten van Eli Asser uit 1969/1970) en retrocomedy als Gebak van Krul en Toen was geluk heel gewoon. Deze hang naar vroeger kan worden verklaard uit de onzekerheid en dreiging van het huidige tijdsgewricht. Volgens die theorie biedt het huidige tv-amusement nauwelijks nog plaats aan straatrumoer, omdat dat te schril zou contrasteren met de beoogde gezelligheid.

In de nieuwe reeks van Van Houweninge en eega wordt weliswaar gerefereerd aan de kredietcrisis, maar het knusse wel een wee in huize Van der Ploeg gaat voort alsof er in vijftien jaar niets is veranderd. Goed, het doktersechtpaar is verhuisd naar de Provence en Gert-Jan draagt op last van Mien moeders een witte doktersjas. In de wachtkamer zitten nu ook allochtonen, voor een punkoutfit kwam het gothictenue in de plaats en de jeugd is iets grover gebekt. Maar de alledaagse verwikkelingen rond dokter Gert-Jan, een reïncarnatie van zijn wat stijvige moeder, roepen nog altijd het warme Zeg ’ns Aaa-gevoel op: zolang Mien de scepter zwaait, is het binnen veilig en vertrouwd.

Zeg ’ns Aaa-nieuwe-stijl lijkt wel wat scabreuzer te zijn geworden. De toespelingen op en rechtstreekse verwijzingen naar seksuele handelingen zijn niet van de lucht. Dokter Gert-Jan wordt in aflevering 1 vrijwel meteen aangerand door een wellustige patiënte, de moeder van Mien Dobbelsteen ‘doet het’ – desnoods op Miens keukentafel – met een medebewoner van het bejaardentehuis en zoon Pim (Job Bovelander) en zijn vriendin hebben vrijwel niets anders aan hun hoofd. Zouden deze scènes de huidige tijd weerspiegelen, dan is onze samenleving in de afgelopen decennia sterk oververhit geraakt.

Volgens schrijver Chiem van Houweninge is deze boertigheid niet het gevolg van een oekaze van de commerciële opdrachtgever. „Wij vonden het leuk in te haken op een algehele trend”, zegt hij, „waarin vrouwen hun borsten laten vergroten en bejaarden ook recht hebben op een leuk seksleven.”

Dat juist een commerciële omroep zich nu over het voormalige VARA-cultuurgoed ontfermt, verbaast de schrijver niets. „RTL was naar ons toneelstuk komen kijken, dat 150 keer uitverkocht was. Het publiek vindt het blijkbaar nog altijd leuk. Dat deed RTL besluiten het weer op tv te brengen. Kijkers hebben kennelijk genoeg van alle verbouw- en make-overprogramma’s van huizen, tuinen en gezichten.”

Van Houweninge heeft desgevraagd wel een verklaring voor het immense succes van de serie. „Dat komt niet doordat het zo briljant geschreven of fantastisch gespeeld is. Uit onderzoek is gebleken dat huismoeders zich alleen tijdens Zeg ’ns Aaa omringd wisten door het hele gezin.” Een andere verklaring vormt wat Van Houweninge ‘het feest der herkenning’ noemt: „Mien reageert zoals veel mensen van mijn leeftijd op jongeren, en vice versa. Daarvoor hebben we natuurlijk wel elementen van deze tijd gebruikt. Alles is helemaal anders, maar blijft uiteindelijk precies hetzelfde.”

Zeg ’ns Aaa, RTL 4, 20.00-20.30u.